PlusUitleg

Storm: wat betekenen de codes voor extreem weer?

Beeld ANP

Storm Dennis raast over Nederland, de KNMI heeft code geel afgegeven. Wat betekenen de codes rood, oranje en geel precies? En wat moet je ermee?

Als de kans op gevaarlijk weer groter dan 60 procent is, geeft het KNMI een waarschuwing af. Dat kan zijn vanwege windstoten, veel regen, gladheid, sneeuw, extreme temperaturen, slecht zicht of hevige onweersbuien. “We zijn in Nederland steeds afhankelijker van het weer,” zegt meteoroloog Yannick Damen van Weeronline. “Daarom is het belangrijk de samenleving te waarschuwen om rekening te houden met bepaalde omstandigheden.”

Er zijn vier kleurcodes: groen, geel, oranje en rood. Bij groen is er niets aan de hand, geel wil zeggen dat er mogelijk kans is op gevaarlijk weer, bij oranje is er grote kans op extreem weer en code rood betekent dat extreem weer een grote impact op de samenleving heeft. Het systeem van kleurcodes is in 2010 ingevoerd, daarvoor bestond alleen code rood. Andere Europese landen gebruiken de codes geel, oranje en rood. Ook wordt sinds die tijd een onderscheid gemaakt per provincie. 

Code oranje en rood worden door het KNMI bepaald en gevolgd door alle weerbedrijven, maar code geel mogen de weerbureaus zelf uitgeven. “Weeronline wijkt soms een klein beetje af van het KNMI. Het gaat er vooral om dat een waarschuwing duidelijk moet zijn,” legt Damen uit. “Je wilt het natuurlijk zo goed mogelijk doen, maar liever een keer te veel dan een keer te weinig. Als alle ingrediënten voor onweer er zijn, spelen we liever op safe.”

Weerkamer

Meteorologen houden 24 uur per dag het weer in de gaten. Als op basis van modellen en kansberekening het beeld ontstaat dat er extreem weer aankomt, wordt er overlegd. Bij een waarschuwing overleggen meteorologen van het KNMI met een weermodellenexpert, een klimatoloog en een communicatie-expert die weet wat er speelt in de maatschappij. Op basis daarvan wordt bepaald welke waarschuwing wordt afgegeven. 

Code geel wordt hooguit twee dagen van tevoren afgegeven, code oranje maximaal één dag en een alarm hooguit twaalf uur vooruit. Ze kunnen gelden voor heel Nederland, een of meerdere provincies en/of het IJsselmeergebied, de Waddenzee of -eilanden. Voor elke situatie zijn er drempelwaarden opgesteld. 

“Mensen willen liever niet te vroeg worden gewaarschuwd,” zegt Damen van Weeronline. “Als wij een dag tevoren een weercode melden, zeggen mensen dat ze nog helemaal niets merken. Dus dat doen we meestal enkele uren van tevoren, niet te vroeg, maar ook niet te laat.”

Opvallend is dat hoewel veel mensen denken dat er steeds vaker wordt gewaarschuwd, dat absoluut niet blijkt uit de cijfers. Sterker nog, in 2019 werd er 101 keer gewaarschuwd met code geel, tegenover 123 in 2018, 135 in 2017 en 153 in 2016. “Waarschijnlijk zijn de media meer met het weer bezig,” denkt Damen. “Daarom vallen waarschuwingen meer op.” 

Overigens voorspelt het KNMI wel dat de kans op extreem weer groter is door klimaatverandering. “De kans op extreme hitte is groter en we verwachten ook dat er tijdens buien meer neerslag valt. Maar dat is nog niet direct terug te zien in de cijfers,” aldus de woordvoerder.

Overdreven

Mensen merken vaak weinig van extreem weer, ook al is er een waarschuwing afgegeven. Dus wordt er veel geklaagd over overdreven waarschuwingen, al blijkt dus dat het aantal weerwaarschuwingen afneemt (zie ook kader). “Zelfs in een klein landje als Nederland zijn er nog grote verschillen, bijvoorbeeld tussen de kust of in het binnenland,” zegt een woordvoerder van het KNMI. Dat veel mensen een weercode als overdreven zien, of weinig van het noodweer merken, komt volgens het KNMI door die indeling in provincies, en verschilt per weerfenomeen.

“Onweer is bijvoorbeeld heel lokaal. Zelfs binnen een provincie kunnen de verschillen groot zijn, zeker in een langgerekte provincie als Noord-Brabant.” En heel soms wordt er inderdaad ten onrechte een waarschuwing afgegeven. “Het weer blijft grillig.”

De weerinstituten zouden mensen het liefst zo nauwkeurig mogelijk waarschuwen, maar een meer regionaal systeem is voorlopig nog toekomstmuziek. Daar zijn ontzettend veel partijen bij betrokken, en het is technisch lastig. Wel is er overleg over. 

Tot er zo’n regionaal systeem komt gelden de volgende kleurcodes:

Code groen: geen bijzonderheden

Er zijn geen waarschuwingen. Deze situatie komt verreweg het meest voor. 

Code geel: wees alert

Code geel komt best vaak voor en betekent niets meer dan ‘wees alert’. Dit is de enige code waar verschillende weerbureaus verschillende richtlijnen voor hebben. Het kan dus zijn dat het KNMI geen waarschuwing afgeeft, maar dat je op Weeronline leest over code geel. Precieze cijfers zijn daarom ook lastig te geven (zie kader).

“Veel mensen denken dat code geel best ernstig is omdat er een waarschuwing is afgegeven, maar het betekent zeker niet dat er een armageddon is. Het zegt eigenlijk ‘geen paniek, maar let even op’. Het is vooral bedoeld als trigger, je hoeft je plannen meestal niet aan te passen,” zegt Damen.

Vaak is deze code heel plaatselijk, dus op veel plekken zul je weinig van het eventuele gevaar merken. Het kan wel aanleiding zijn voor bijvoorbeeld strooidiensten om zout te strooien, of voor waterschappen om gemalen aan of uit te zetten.

Het KNMI geeft code geel af bij verkeershinder door aquaplaning (slipgevaar) als er meer dan 50 millimeter neerslag valt binnen 24 uur, lokale gladheid, tot 5 centimeter sneeuw in 6 uur of tot 3 centimeter sneeuw in een uur, lokale onweersbuien met zware windstoten, lokaal veel neerslag of hagelstenen. Ook geldt code geel bij windstoten van meer dan 100 kilometer per uur, als er een hitteplan in werking is, bij minder dan twintig meter zicht en bij windhozen.

Code oranje: wees voorbereid

Code oranje geeft het KNMI alleen uit als een gebied groter dan 50 bij 50 kilometer wordt getroffen. “Deze code geldt bij extreem weer. Het betekent dat je met bepaalde activiteiten rekening moet houden met het weer,” zegt Damen. “Zo kan het bijvoorbeeld bij mist beter zijn om niet de weg op te gaan, of kun je soms het water beter niet op.” 

Code oranje wordt gemiddeld tien keer per jaar gebruikt. Officieel geeft het KNMI deze waarschuwing bij verkeershinder door aquaplaning als er meer dan 75 millimeter neerslag valt binnen 24 uur, uitgebreide gladheid door ijzel of bevriezing, meer dan 5 centimeter sneeuw in 6 uur, 3 centimeter sneeuw in een uur of sneeuwduinen, onweer met zware windstoten, veel neerslag of grote hagelstenen, windstoten van meer dan 100 kilometer per uur, als het meer dan drie dagen aaneengesloten boven de dertig graden is of bij minder dan tien meter zicht.

In juni 2019 gaf het KNMI in een week drie keer code oranje voor stormen in het hele land. In Amsterdam sneuvelden tientallen bomen en raakten vijf mensen gewond.

Schellingwouderdijk, na een storm begin juni 2019.Beeld Jocelyn Vreugdenhil

Code rood: onderneem actie

Code rood is de zwaarste kleurcode en de enige die geldt als weeralarm. Het wordt afgegeven als extreem weer voor zoveel schade, letsel of overlast zorgt dat het een grote impact op de samenleving heeft. Damen: “Het betekent eigenlijk: ga alleen voor het hoogst noodzakelijke naar buiten.”

De code kan ook in werking treden als er een kleinere kans dan zestig procent is op extreem weer, maar de veiligheidsrisico’s groot zijn. “Dat kan bijvoorbeeld een zwaar onweer zijn dat over een festival trekt, of veel sneeuw tijdens de avondspits in de Randstad,” zegt Rob Sluijter van het KNMI.

Of het weer de samenleving dreigt te ontwrichten, wordt bepaald in overleg met organisaties als het VerkeersCentrum Nederland, ProRail, het RIVM, politie en brandweer. Zij nemen bij een weerwaarschuwing passende maatregelen. Zo kunnen ze bijvoorbeeld mensen afraden de weg op te gaan, minder treinen laten rijden, een evenement afgelasten of meer politie- en brandweermensen inzetten.

Code rood komt gemiddeld één keer per jaar voor. In 2019 was dat op oudjaarsavond in de noordelijke provincies Groningen, Drenthe en Friesland, omdat zeer dichte mist voor ongevallen zorgde.  

Op oudjaarsavond botsten tientallen auto's op de A32 in dichte mist op elkaar. Daarbij viel een dode en raakten negentien mensen gewond.Beeld ANP/JARING RISPENS

Steeds minder weerwaarschuwingen

In tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht, zijn er de afgelopen jaren steeds minder weerwaarschuwingen uitgegaan. Gemiddeld geeft het KNMI ongeveer tien keer per jaar code oranje uit, en een keer code rood. Het KNMI houdt niet bij hoe vaak er een code geel is, omdat dat vaak plaatselijk geldt, of wordt opgeschaald naar code oranje. 

Weeronline houdt wel precies bij hoe vaak het code geel afgeeft. Opvallend is dat het aantal weerwaarschuwingen relatief laag was in 2019. “Het weer blijft grillig,” legt Yannick Damen uit. “In 2019 was er bijvoorbeeld weinig mist, maar 2020 is tot nu toe een mistig jaar.”

Op 101 dagen, 28 procent van het jaar, gold een waarschuwing − code geel, oranje of rood − in één of meerdere provincies. Het jaar ervoor was dat nog op 123 dagen en het jaar daarvoor zelfs op 135 dagen. De meeste waarschuwingen betroffen onweer, gevolgd door mist en windstoten. In Zuid-Holland werd het vaakst gewaarschuwd. 

In 2019 waarschuwde Weeronline Noord-Holland het meest voor windstoten (23 dagen), gevolgd door onweer (18 dagen), gladheid (16 dagen), slecht zicht (13 dagen), extreme hitte (5 dagen) en regen (2 dagen). Op sommige dagen werd dubbel gewaarschuwd. Tijdens de extreme hitte werd op dezelfde dag bijvoorbeeld ook gewaarschuwd voor onweer. In Noord-Holland werd acht keer gewaarschuwd voor extreem weer met code oranje.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden