Plus Ten slotte

Steve Sawyer (1956-2019): de man die Greenpeace naar Amsterdam haalde

Steve Sawyers liefde voor boten bracht hem op de Rainbow Warrior. Beeld © Greenpeace / Nigel Marple

Steve Sawyer was jarenlang de belangrijkste strateeg van Greenpeace. Onder zijn leiding werd besloten het hoofdkantoor te verhuizen naar Amsterdam.

Eind jaren zeventig belde bij Steve Sawyer in Boston ­iemand aan die geld kwam ophalen voor Greenpeace. Sawyer, net afgestudeerd als filosoof, was zo onder de indruk van het verhaal van de jongen dat hij besloot zich aan te sluiten. In korte tijd groeide hij uit van de laagst betaalde canvasser, die langs deuren ging voor de milieuorganisatie, tot een van de belangrijkste activisten en strategen van Greenpeace.

Sawyer overleed op 31 juli in Amsterdam aan de gevolgen van longkanker. Dinsdag houdt Greenpeace een herdenkingsbijeenkomst voor de man die het hoofdkantoor naar Amsterdam haalde, betrokken was bij de evacuatie van het atol Rongelap en al in 1988 de gevolgen van de klimaatverandering zag.

Sawyer, zegt zijn vrouw Kelly Rigg, dacht altijd tien stappen vooruit. Ze leerden elkaar kennen in 1982, toen zij ook bij Greenpeace werkte. “Hij was rock solid,” zegt ze. “Je wist precies wat je aan hem had. Dat was soms zwaar, maar ook heel verfrissend.”

Zijn liefde voor boten bracht hem op de Rainbow Warrior, het vlaggenschip van Greenpeace. In 1985 leidde hij de evacuatie van de bewoners van het atol Rongelap, waar de Amerikanen in de jaren veertig en vijftig kernproeven hadden gehouden.

Op het eiland was een ontoelaatbare hoeveelheid radioactieve stof neergedaald, die ook jaren na de proeven nog zorgde voor miskramen, kanker en schildklieraandoeningen. De bewoners hadden de regering vergeefs gevraagd om evacuatie. Het was Greenpeace dat de mensen te hulp schoot. Rigg: “Dit maakte diepe indruk op Steve. De meeste campagnes die hij leidde, gingen vooral over het creëren van bewustwording. Nu kon hij ook echt van betekenis zijn voor deze mensen.”

Explosie op het schip

De ingrijpendste ervaring van zijn leven was zonder twijfel de bomaanslag op de Rainbow Warrior in 1985. Hij werd die dag 29. Het schip lag in de haven van Auckland, Nieuw-Zeeland. Die avond was in het ruim een bijeenkomst met de kapiteins van de scheepjes die om te protesteren tegen Amerikaanse kernproeven naar Moruroa zouden varen. Er was bier en taart voor Sawyers verjaardag. Na afloop trok een delegatie naar een stadje een uur verderop, waar de volgende dag een vergadering zou zijn met lokale Greenpeaceleiders. Daar kregen ze een telefoontje dat er een explosie was geweest en dat het schip was gezonken. Pas terug op het politiebureau van Auckland hoorden ze dat er iemand vermist was. Fernando Pereira, de fotograaf, bleek later te zijn overleden.

“Vermoord,” zegt Henk Haazen, goede vriend van Sawyer, die ook op de Rainbow Warrior was. “We waren niet van tevoren gewaarschuwd. Als je niet wilt dat mensen overlijden, schiet je niet met twee explosieven op een schip.”

Het schip was vergaan, de bemanning had niets meer. De organisatie huurde voor de hele groep een groot huis in Auckland, waar ze maanden verbleven. Op de tv volgden ze het nieuws. Het bleek dat de Franse geheime dienst verantwoordelijk was voor de bomaanslag. “Ik was zo blij dat hij de leiding had,” zegt Haazen. “Hij bleef heel nuchter, ook al was het voor iedereen emotioneel heel zwaar. Hij deed geen wilde uitspraken en liet alles op zich afkomen.”

Schreeuwen tegen scooters

In 1988, toen Sawyer directeur was van Greenpeace Amerika, werd hij gevraagd directeur te worden van de internationale organisatie. Zijn vrouw was zwanger van hun eerste kind en ze hadden net een huis gekocht. Toch verhuisden ze naar Groot-Brittannië, waar het hoofdkantoor was. Het politieke klimaat onder de Conservatieve premier Margaret Thatcher was vijandig, zegt Rigg. Daarom werd onder Sawyers leiding besloten het hoofdkantoor te verhuizen naar Amsterdam. Ed van Thijn ontving de milieuorganisatie met open armen. Sawyers tweede kind werd hier geboren, de familie is er altijd blijven ­wonen, in Oud-Zuid. “Dat was toen een plek die we nog konden betalen,” grinnikt zijn vrouw.

Sawyer hield van Amsterdam, zegt ze. “Hij vond het prettig dat je hier geen auto nodig had en dat iedereen Engels sprak.” Hij noemde Amsterdam tolerant en geciviliseerd, al schreeuwde hij zelf soms schaamteloos tegen scooters. Hij had lang uitgekeken naar het moment dat scooters niet op het fietspad mochten rijden.

Hij had zeker een gebruiksaanwijzing, zegt Rigg. “Hij kon heel koppig en eigenwijs zijn als hij vond dat hij gelijk had. Gelukkig was ik het meestal met hem eens.” Waar ze weleens gek van werd: Sawyer gooide niets weg, elk gebroken bord werd weer aan elkaar gelijmd. Zijn favo­riete koffiemok tot vijf keer toe.

Na bijna dertig jaar werd Sawyer secretaris-generaal van de Global Wind Energy Council, in Brussel. Een overstap van de activistenkant naar de oplossingenkant, zegt zijn vrouw. Veel rustiger kreeg hij het niet. “Hij was zo gedreven voor zijn missie voor een veilig klimaat,” zegt Rigg. “Het was altijd een gevecht tegen de tijd. Zijn to-dolijst was nooit af.”

De bijeenkomst ter nagedachtenis aan Sawyer wordt dinsdag gehouden voor collega’s, vrienden, familie en veel, heel oude bekenden. “Hij zou niet willen dat we zouden gaan staan janken,” zegt Haazen. “We moeten vooral de mooie verhalen vertellen over zijn leven.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden