PlusAnalyse

Stadsdeelcommissies: een bestuurlijk stelsel dat niemand in Amsterdam écht wilde

In een snoeiharde evaluatie wordt de vloer aangeveegd met het bestuurlijk stelsel in de stad. De kritiek komt niet als een verrassing.

De Stopera. Beeld ANP
De Stopera.Beeld ANP

In 2016, bij de presentatie van zijn plannen voor een nieuw bestuurlijk stelsel, zei Abdeluheb Choho: “Democratie is nooit af, maar ik denk dat we hiermee een stelsel krijgen dat nog heel lang kan bestaan.” Achteraf beschouwd was dat toch meer de loze belofte van een handelaar in tweedehands auto’s dan de nuchtere analyse van een wethouder die verantwoordelijk is voor het versterken van de lokale democratie in de stad.

Vier jaar later ligt er namelijk een rapport op tafel dat gehakt maakt van het stelsel van benoemde bestuurders en gekozen commissies in de stadsdelen. Dat de meeste Amsterdammers uitgesproken somber zijn over de kwaliteiten van hun bestuur behoort tot het cultureel erfgoed van de stad, maar opmerkelijk is dat ook bestuurders en ambtenaren in koor laten weten weinig chocolade te kunnen maken van het systeem waarin zij dagelijks moeten opereren.

Geen lang leven beschoren

Daarmee kan worden vastgesteld dat het vorige college glansrijk in zijn opzet is geslaagd. In de toenmalige coalitie van VVD, D66 en SP wilden twee van de drie partijen de stadsdeelbesturen het liefst meteen de nek omdraaien. D66 wilde wel door, en kreeg ruimte voor een doorstart met minimale middelen en bevoegdheden. Het kleine beetje idealisme in de plannen – geen politieke partijen in de commissies, maar actieve buurtbewoners – werd op initiatief van hetzelfde D66 afgeschoten in de raad.

Alles was dus lelijk aan de erfenis die het nieuwe stadsbestuur in de schoot kreeg geworpen. Het huidige college is in meerderheid juist weer voorstander van een sterk bestuur in de stadsdelen, en lanceerde al snel na de start plannen om de betrokkenheid van burgers bij de besluitvorming op allerlei manieren te bevorderen. Ook werd duidelijk dat de nog maar net begonnen stadsdeelcommissies in hun huidige vorm geen lang leven beschoren zouden zijn.

Een vingerwijzing naar de toekomst is de regeling die is getroffen met fusiepartner Weesp. Daar mogen de bewoners bij de verkiezingen van 2022 naar de stembus om een stadsraad te kiezen die uit haar midden dagelijks bestuurders kiest. Verantwoordelijk wethouder Rutger Groot Wassink heeft weleens laten doorschemeren dat hij een voorstander is van lokaal bestuur à la carte. Afhankelijk van de plek kan dat een dorpsraad zijn, een stadsraad of een gebiedscommissie.

Meeuwen

Dat is best een aantrekkelijk perspectief, al blijft het bij dit soort dossiers van lange adem steeds maar weer de vraag hoe een volgende college in een mogelijk andere samenstelling dat ziet. Het huidige stadsbestuur mag de komende maanden buigen over de grondige evaluatie van het bestuurlijk stelsel dat een team van onderzoekers langdurig van de straat heeft gehouden. (Onderzoekers houden van het openbaar bestuur zoals meeuwen houden van een vissersboot).

Die behandeling van het rapport gaat volgens de regels van het systeem. Hoewel in de evaluatie klip en klaar staat dat het volstrekt onduidelijk is wat er gebeurt met de adviezen die de stadsdeelcommissies gevraagd en ongevraagd verstrekken aan de Stopera, wordt ook nu van de commissies gevraagd om hun mening te geven over het rapport, zodat een en ander kan worden meegenomen in de besluitvorming. Of niet.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden