PlusAchtergrond

Spugende bloedzuiger: waarom je echt moet oppassen voor de teek

Het kruipt, vliegt, prikt, bijt, of is gewoon goor. Welke beestjes teisteren Amsterdammers elk jaar weer, en welke nieuwkomers zijn er? Een serie over zeven stadsplagen. Vandaag deel twee: de teek. Een enorme griezel, en serieus gevaarlijk.

Hans van der Beek
Teken zitten graag op honden en katten, die vervolgens terug naar huis lopen. Beeld Eva van Brummelen
Teken zitten graag op honden en katten, die vervolgens terug naar huis lopen.Beeld Eva van Brummelen

Laat het maar meteen gezegd zijn: de teek zit tegenwoordig overal. Allang niet meer alleen in het diepe zuiden en oosten van Nederland. Ze zitten in zowat elk hoog gras en struikgewas, ook in Amsterdam. Van stadsparken tot de gewone achtertuin.

Als stadsbioloog Remco Daalder tegenwoordig door hoog gras moet lopen, draagt hij altijd een lange broek en bergschoenen, ook hoog zomer. “Als de boel maar bedekt is. Het is echt geen pretje om bioloog te zijn. Ik word soms helemaal gek gestoken, door teken, door dazen, door knutjes.”

De teek, een spinachtige, kan niet springen of vliegen. Hij zit dus op een grasspriet of stengel, meestal rond de 30 centimeter hoog, en daar wacht hij. Bioloog en schrijver Geert-Jan Roebers: “Je moet je voorstellen, je zit te wachten en wachten op een grassprietje, tot iemand tegen je aanloopt. Ten eerste, je moet altijd alert zijn. En heel veel geduld hebben, soms maanden. Dat is toch ook wel respectabel.”

Vaak is dat wild, of paarden of koeien. Een ree heeft soms wel duizend teken. Of een egel, die zichzelf tenslotte niet kan krabben. Maar dus ook een kind dat in het hoge gras speelt of een hut bouwt in de bosschages. Ze zitten ook graag op honden en katten, die vervolgens terug naar huis lopen.

Rode kring

De teek is een bloedzuiger, en een behoorlijk goede. Hij heeft stekende, bijtende monddelen, die zich vastzetten in de huid. Zijn hele kop graaft zich in de huid in, het eigen lijf bungelt buiten. Dan gaat hij zuigen en wordt tot tien keer zo groot. Echt een bolletje.

Teken zijn klein, tussen de 1 en 3 millimeter. Sommige teken zijn pas te zien als ze zich volzuigen. Als ze vol zijn, laten ze zich vallen, en hebben voorlopig weer genoeg. Ze bijten vaak bij de enkels, maar ook in knieholtes en de schaamstreek. Daalder: “Plekken waar je ook niet de hele dag zit te krabben.”

De meeste normale stekers prikken in de huid, zuigen een beetje bloed en zijn klaar. Dan blijft een bultje achter. Maar omdat de teek ongeveer 24 uur bloed moet zuigen, spuugt hij een goedje naar binnen. Dat doet hij om bloedstolling te voorkomen – anders kan hij niet zo lang drinken – en daar begint de ellende. Zodra een rode vlek of kring op de huid verschijnt, wordt het link.

“Het is een echte griezel,” zegt Roebers. Want juist door dat spuugsel kan de teek de ziekte van Lyme overbrengen. Naar schatting een kwart van de teken in Nederland is besmet met de Borreliabacterie, die Lyme veroorzaakt. Sinds de jaren tachtig van de vorige eeuw heeft die ziekte zich door heel Nederland verspreid. Jaarlijks gaan inmiddels ruim 25.000 mensen met zo’n rood kringetje naar de huisarts. Met een snelle kuur van antibiotica is dat dan nog altijd goed te verhelpen.

Nieuwe tekenziekte

Toch noemt Bastiaan Meerburg, tot voor kort directeur bij Stichting Kennis- & Adviescentrum Dierplagen (KAD), de teek ‘een van de gevaarlijkste dieren van Nederland’. Niet alleen vanwege de ziekte van Lyme; recent is ook een nieuwe tekenziekte opgedoken, vooralsnog vooral in de Utrechtse heuvelrug, Salland, Twente en Noord-Brabant: tekenencefalitis (TBE, voluit het ‘tick-borne encephalitis’-virus) kan leiden tot hersen(vlies)ontsteking.

In landen als Duitsland en Tsjechië heerst de teek besmet met TBE al. Daarom worden kinderen daar al standaard ingeënt tegen hersenvliesontsteking, zoals vroeger bij ons tegen de mazelen. De steeds hogere temperatuur brengt die teek ook steeds meer naar Nederland.

Daalder maakt het nog een beetje erger. “Er zijn inmiddels exemplaren van teken waarbij dat ringetje helemaal niet verschijnt, en je toch Lyme hebt. Dat is ook weer een fantastisch voorbeeld van evolutie. Die variant van de Borreliabacterie heeft op de een of andere manier in de gaten dat, als hij een rood cirkeltje laat verschijnen op de huid, er opeens antibiotica tevoorschijn komt en dan is hij er geweest. Dus je wordt niet gewaarschuwd en je hebt toch Lyme.”

Roebers wil toch nog een lans breken voor de teek. “Pas als een teek goed vastzit, spugen ze. Dus de eerste 24 uur is de kans op Lyme heel klein. Ik vind dat zelf een geruststellende gedachte.”

Wat te doen?

  • Controleer bij terugkomst uit de natuur goed op teken, met name rond de enkels, knieholtes en schaamstreek. Of beter: controleer elkaar. Als de teek binnen 24 uur is verwijderd, is de kans op Lyme normaal gesproken klein.
  • Haal de teek na een beet zo snel mogelijk van de huid. Liefst met een tekentang, of anders een pincet. Daarna ontsmetten met alcohol.
  • Of het eruit wippen van een teek met een draaiende beweging moet, is aan mode onderhevig. Vroeger moest dat met een halve draai, nu is de consensus dat recht eruit trekken ook goed is. De monddelen blijven hoe dan ook in de huid zitten, maar dat is het probleem niet. Als het lijf er maar uit is.
  • De incubatietijd van Lyme is lang. Blijf voor alle zekerheid toch controleren of na de beet een rood ringetje/vlek op de huid verschijnt. Dat kan nog maanden na de beet gebeuren.
  • Zodra een rood ringetje verschijnt: meteen naar de dokter voor antibiotica. Dan is de bacterie nog goed te behandelen voordat daadwerkelijk Lyme ontstaat.
  • Kortom, wees alert, maar geen paniek.
Jaarlijks gaan ruim 25.000 Nederlanders met een rood kringetje op de huid, veroorzaakt door een tekenbeet, naar de huisarts. Beeld Eva van Brummelen
Jaarlijks gaan ruim 25.000 Nederlanders met een rood kringetje op de huid, veroorzaakt door een tekenbeet, naar de huisarts.Beeld Eva van Brummelen

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden