Plus

Slob: ‘Tempo maken met hogere eisen burgerschapsonderwijs’

Als eerste minister ooit verordende Arie Slob dat het bestuur van een school moest opstappen. Onterecht, zegt de rechter nu. Er was onvoldoende reden om het Haga Lyceum zo hard aan te pakken. Een nieuwe wet moet daar verandering in brengen, zegt Slob.

Minister Arie Slob (Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media) op de dag van de uitspraak over het Cornelius Haga Lyceum.Beeld ANP

De rechtbank noemt uw beslissing in strijd met de vrijheid van onderwijs.

“Op het moment dat je de woorden ‘anti-democratisch’ en ‘anti-integratief’ gebruikt is dat voor ons een zorg, omdat dat leerlingen niet dichter bij de samenleving brengt maar er verder vanaf haalt. Dat ze met de rug naar de samenleving komen te staan. Maar de rechter zegt: scholen zijn vrij om te doen wat ze willen. Dit valt daar dus nog onder. Ik vind dat ongewenst. Er was nog nooit eerder in ons land een school waarover de veiligheidsdiensten een ambtsbericht hebben doen uitgaan.”

Op de veiligheidsdiensten kwam ook kritiek van de toezichthouder.

“Wel over een aantal formuleringen, maar niet over de strekking. De zorgen waren terecht.”

En nu?

“In mijn nieuwe wet over burgerschapsonderwijs stellen we veel scherpere eisen aan scholen. De uitspraak van vandaag onderstreept dat we tempo moeten maken moeten zetten met die nieuwe wet. Dat is ook een politiek oordeel: vind je dat dit onder de vrijheid van onderwijs valt?”

Wat dacht u toen u de uitspraak las? Was er ergernis?

“Dat is niet het goede woord. We leven in een rechtstaat dus het is aan de rechter. Die constateert dat er ruimte is in deze school voor anti-democratisch en anti-integratief gedachtegoed en dat er met de huidige wet- en regelgeving eigenlijk geen mogelijkheid is om daartegen op te treden. Dat heb ik maar te accepteren. Maar mijn zorgen over deze school zijn niet nu ineens weg nu de rechter heeft gezegd dat ik de aanwijzing niet had mogen geven. Ik heb naar eer en geweten mijn werk gedaan. Maar ik weet ook: ik heb nog extra huiswerk en dat huiswerk heb ik al gedaan. Er ligt een aangescherpt wetsvoorstel.”

Als de wet waarover de Tweede Kamer zich nog moet buigen al van kracht was geweest, was de rechter dan tot een ander oordeel gekomen?

“Dat zal moeten blijken. De wet is niet gericht op het Cornelius Haga Lyceum. Er is een veel bredere wens dat overal in onze samenleving leerlingen leren om met respect met elkaar om te gaan en respect te hebben voor elkaars opvattingen. Maar de huidige wetgeving is in de ogen van de rechter zo smal, dat je niet eens kunt optreden in situaties als deze. Terwijl het grootste gedeelte van de mensen zegt: het is ongewenst wat daar gebeurt.”

Geeft de uitspraak aan dat de situatie bij het Haga niet zo erg is als u zegt dat het is?

“De rechter geeft wel aan dat er op deze school mensen rondlopen en hebben rondgelopen die gedachtegoed verspreiden die vallen in de categorie anti-democratisch en anti-integratief. Dan kun je zeggen: hoe ernstig is dat nou? Maar deze mensen worden dus niet tegengehouden. Het bestuur heeft ook gezegd dat het niet voornemens is daar iets aan te doen. Dat was – met het ambtsbericht van de AIVD en het zeer uitgebreide inspectierapport – voor mij aanleiding om te zeggen: daar moeten we wat tegen doen.”

De rechtbank zegt: dat had u niet moeten doen.

“Met de huidige wet kunnen wij daartegen blijkbaar niet optreden. Want wat kun je – in het belang van de leerlingen – doen als je grote zorgen hebt over een school? Dat is ook de reden dat ik in hoger beroep ga.”

Is het dan realistisch om te denken dat de Raad van State op basis van de huidige wet ineens tot een ander oordeel komt?

“Er is ook nog zoiets als maatschappelijk belang. Maar dit is ook onontgonnen gebied, er is nooit eerder een aanwijzing gegeven. Wij hebben ook behoefte aan duidelijkheid: in welke situaties kun je nu wel of niet een aanwijzing geven?”

Het Haga Lyceum zinspeelt inmiddels al op een schadevergoeding.

“Dat gaan we dan zien.”

Iman Yassin Elforkani roept u op om samen met Onderwijswethouder Moorman om tafel te gaan met het bestuur van het Haga. Gaat u daar gehoor aan geven?

“Ik vind het belangrijk dat we in juiste volgorde dingen doen. We gaan eerst in hoger beroep. Dan weten we exact wat de mogelijkheden en onmogelijkheden zijn. Daar heb ik ook wel behoefte aan.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden