Slepend conflict delizaak Vinnies en gemeente: ‘Waarom duurde het zo lang?’

Het is al jaren een sluimerend conflict met de gemeente: aan welke regels moet delizaak Vinnies op de Haarlemmerstraat zich houden? De Raad van State heeft nu écht bepaald.

De vestiging van delizaak Vinnies op Nieuwezijds Kolk. Beeld Charlotte Odijk

Vier tafels verdelen over de hele oppervlakte van het pand, zo’n 70 vierkante meter, of over maximaal twintig? Dat was de inzet van het hoger beroep van de tweede rechtszaak tussen de gemeente Amsterdam en delizaak Vinnies.

“Wat heel veel buurtbewoners niet begrijpen, net als wij: waarom gaat de gemeente zo lang door om iets tegen te houden, terwijl ze al twee kansen hebben gehad om zich neer te leggen bij een beslissing van de rechter,” zegt mede-eigenaar Jules Ex. “Dat is wrang. Je vraagt je bijna af: wie heeft er zo’n hekel aan deze zaak?”

Mengformule

In 2012 wilden Ex en Vincent de Cloet in een winkelpand op de Haarlemmerstraat een zaak openen waar je vintage meubels kunt kopen en overdag kunt eten. Ze wilden een iets groter aandeel horeca in hun zaak dan de zogenaamde mengformule toelaat, en dienden een aanvraag in bij de gemeente om het bestemmingsplan van het pand te wijzigen.

Die vergunning werd vervolgens ‘rechtshalve’ verleend, omdat de gemeente niet binnen de wettelijke termijn reageerde. Het gevolg: eindeloos gesteggel over wat Vinnies nu wel en niet mag.

De eerste rechtszaak draaide om het aantal tafels dat Vinnies mocht plaatsen. Maximaal vier, besloot de Raad van State in het hoger beroep. Volgens de gemeente mochten die tafels dan wel maar op 20 vierkante meter staan. Dus ging de delizaak naar de rechter. Uitspraak: de oppervlakte kent geen restricties en Vinnies mag zelf bepalen waar de tafels staan. Reden voor de gemeente ook daarover in hoger beroep te gaan.

Verbazingwekkend

De definitieve uitspraak van de Raad van State maakt beslist het geschil in het midden: Vinnies moet minder dan de helft van het pand op de Haarlemmerstraat gebruiken voor horeca, de rest moet worden gebruikt als winkel.

Ex benadrukt dat hij en zijn compagnon de uitspraak accepteren, net als de vorige. “Maar ik vind het verbazingwekkend dat er zo veel belastinggeld wordt gestoken in het tegenhouden van ondernemers, terwijl de buurt juist blij met ons is. Richt je aandacht op het tegengaan van toeristenoverlast of de vele coffeeshops in deze straat.”

“Ondernemers moeten zich houden aan de regels van de vergunning die ze hebben,” zo legt een woordvoerder van stadsdeel Centrum de afweging van de gemeente uit. “Het zou niet eerlijk zijn tegenover andere horeca-ondernemers die moeten voldoen aan strenge wet- en regelgeving om horeca toe te staan in een pand met een winkelbestemming.”

Er waren steeds meer winkels die zich als horeca gingen gedragen, aldus de woordvoerder. “Er is zoveel horeca in het centrum en over het algemeen vinden bewoners dat vervelend. In het kader van winkeldiversiteit zijn we nu dus streng op de verplichtingen die bij een vergunning horen − we moeten in zijn algemeenheid een voorbeeld stellen aan ondernemers die dit doen.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden