PlusAchtergrond

Schutterend gaan we na de 1,5 meter terug naar ‘normaal’

Nu de 1,5 meter verdwijnt, ontstaat alle ruimte voor sociaal ongemak. Een hand geven is nog steeds niet de bedoeling, maar gaat iedereen dat toch niet weer gewoon doen? Vooral kwetsbaren krijgen het lastig.

null Beeld Jip van den Toorn
Beeld Jip van den Toorn

Van de ene op de andere dag werd ‘afstandelijk’ de insteek bij begroetingen: mensen tikten met de elleboog tegen elkaar of hielden het bij een hand op het hart. Wie het niet zag zitten om ook maar een beetje in de buurt van een ander te ­komen, kon schermen met de regels van het ­kabinet.

Op 25 september komt daar een einde aan: veel adviezen blijven dan gelden (was je handen, geen handen schudden, thuisblijven bij klachten), maar de 1,5 metermaatregel eindigt.

Voor genoeg mensen zal het als startschot gelden voor terugmanoeuvreren naar het oude normaal, mét aanraking dus. Maar lang niet ­iedereen kan of wil terug naar dat oude normaal. De een heeft een slechte gezondheid, de ander wil kwetsbare familieleden beschermen. De een stelt vaccinatie uit, een ander vindt een aanraking simpelweg niet prettig. Het ingewikkelde: het zijn heel persoonlijke overwegingen die niet direct zichtbaar zijn.

“De komende tijd zal gepaard gaan met awkward momenten,” zegt Wander Jager (Rijksuniversiteit Groningen), die onderzoek doet naar sociale complexiteit. “Begroetingen zijn cruciale rituelen in de samenleving. Een hand geven bijvoorbeeld is een belangrijk symbool in onze cultuur. Dat moment van fysieke verbinding schept vertrouwen.”

Opnieuw programmeren

Volgens de onderzoeker zijn mensen ‘gesynchroniseerd’ met elkaar en komt het nu neer op opnieuw ‘programmeren’. “Het is niet zo gek dat we ons afvragen hoe we ons vanaf 25 september moeten gedragen en dat dat in het begin wat onwennig zal zijn,” zegt Jager.

De een zal terug willen naar de vroegere omgangsvormen, terwijl een ander het wel zo prettig en hygiënisch vindt dat we elkaar niet meer aanraken. Jager: “We moeten aftasten, iedereen moet voor zichzelf gaan bedenken hoe ie het wil. Waar liggen jouw grenzen? Wat wil je absoluut niet? En hoe zit dat bij de mensen om je heen? Je ziet dat er binnen groepen, zoals collega’s of vrienden, snel patronen ontstaan. Sommigen gaven elkaar steeds een boks, anderen maakten gebaren in de lucht.”

null Beeld Jip van den Toorn
Beeld Jip van den Toorn

Ingewikkelder wordt het op plekken waar mensen elkaar treffen die weinig met elkaar hebben, maar wel rekening met elkaar moeten houden, zoals in supermarkten. Kwetsbaren trekken daarbij aan het kortste eind, zo blijkt uit een adviesrapport van het Sociaal en Cultureel Planbureau. Het loslaten van de afstandsmaatregel zal volgens het bureau positieve gevolgen hebben voor het welzijn van burgers. Althans, gezonde burgers. Het rapport: ‘Voor mensen met een kwetsbare gezondheid kan het loslaten van de 1,5 meter als een toenemend gezondheidsriscio worden gezien en zelfisolatie toenemen waardoor zij verder verwijderd raken van deelname aan de samenleving.’

Gedragsexperiment

Je kunt immers niet in je eentje beslissen dat je afstand wilt houden, aldus Marijn de Bruin, ­medeoprichter van de RIVM Corona Gedrags­unit. “Anderen hebben grote invloed op de mate waarin je afstand kunt houden. Als mensen huiverig zijn om besmet te raken door contact, dan is het dus het meest effectief om niet op drukke plekken te komen. En door de versoepelingen neemt het aantal plekken waar het druk is toe.”

De bal ligt straks dus bij mensen die afstand willen houden, zegt ook Denise de Ridder, ­gedragswetenschapper aan de Universiteit van Utrecht. “We weten door de coronamaatregelen, die ook gezien kunnen worden als een onbedoeld gigantisch gedragsexperiment, dat mensen heel snel van gedrag kunnen veranderen als de omgeving daarin meegaat.”

Overal werden we continu herinnerd aan ‘het nieuwe normaal’, vervolgt De Ridder. Er waren overal pijlen, linten, borden, de boodschap werd continu herhaald op tv en radio en daardoor kon men elkaars gedrag plaatsen. De Ridder: “Niemand keek raar op als een voorbijganger met een boog om ze heen liep op straat. Als dat er straks allemaal niet meer is, grijpen we waarschijnlijk terug naar onze oude routines en gewoontes. Anderhalf jaar is niet zo lang hè? We hebben het veel langer zonder afstandsregels gedaan, dan met.”

Grenzen aangeven

Wie de samenleving zonder de 1,5 meter afstand vreest, zal voor zichzelf nieuwe regels in het ­sociale verkeer moeten maken én kenbaar maken. De Ridder benadrukt dat mensen sociale dieren zijn die zich het liefst wel gedragen als de meesten. Wie dat niet wil, wijkt af en moet extra moeite doen om het voor zichzelf comfortabel te maken.

Het is goed om expliciet te benoemen waar je grenzen liggen, zei Wouter van den Bos, ontwikkelingspsycholoog aan de Universiteit van ­Amsterdam eerder. “Mensen kunnen immers niet zien wat je denkt.”

Jezelf voorbereiden op onverwachte situaties kan ook helpen, aldus De Ridder. “Bedenk ­alvast een alternatieve groet voor jezelf. Dan hoef je straks niet bot een hand te weigeren, maar kun je op een vriendelijke manier laten zien dat jij toch afstand wil houden. Door je hand op je hart te leggen, bijvoorbeeld.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden