Plus

Schimmels zijn niet zo aaibaar als een panda, maar wel onmisbaar voor de bomen in Amsterdam

Onzichtbare schimmeldraden blijken van vitaal belang voor bomen. In het tropisch regenwoud, maar ook in het Vliegenbos in Noord.

Patrick Meershoek
Toby Kiers (l), Vincent Merckx (r) en een masterstudent onderzoeken schimmelnetwerken in het Vliegenbos in Noord. Beeld Nina Schollaardt
Toby Kiers (l), Vincent Merckx (r) en een masterstudent onderzoeken schimmelnetwerken in het Vliegenbos in Noord.Beeld Nina Schollaardt

Zijn droom is een kaart van Nederland met daarop alle bekende ondergrondse schimmelnetwerken. “Daar gaan we nog wel een jaar of tien voor nodig hebben,” zegt onderzoeker Vincent Merckx. “Maar zo’n kaart kan een belangrijke rol spelen in de bescherming van de natuur. We beginnen steeds beter te begrijpen hoe bepalend schimmels zijn voor de gezondheid van bossen en graslanden. Met een goede kaart in de hand kunnen we met goede argumenten zeggen: het is beter om op deze plek geen nieuwe weg aan te leggen of woningen te bouwen.”

Initieme interactie met bomen

De arbusculaire mycorrhiza-schimmel als bondgenoot van de rugstreeppad? Het is even wennen aan het idee, maar Merckx ziet het helemaal voor zich. Als onderzoeker van Naturalis is hij gespecialiseerd in de intieme interactie tussen plant en schimmel, hij reist daarvoor de hele wereld over en heeft nu het afgelegen regenwoud verruild voor het Vliegenbos in Noord. “Als we praten over de gezondheid van een boom zijn we geneigd naar boven te kijken. Heeft hij voldoende ruimte? Krijgt hij voldoende licht? Maar wat er onder de grond gebeurt, is minstens zo belangrijk.”

De bodem is het werkterrein van de mycorrhiza-schimmel, die onzichtbare draden weeft naar de wortels van een plant of boom. “De schimmel voedt zich met koolstof uit de wortel en betaalt daarvoor met mineralen die de boom nodig heeft,” legt Merckx uit. “Het is een handelsovereenkomst, geen vriendendienst. Als de aanvoer van mineralen onvoldoende is, draait de boom de kraan van de koolstof meteen dicht. Er moet wel geleverd worden. Het is een geweldig complex systeem dat we steeds beter beginnen te begrijpen.”

Onder de microscoop is het verkeer in de schimmeldraden net zo druk als op de ringweg A10.  Beeld Nina Schollaardt
Onder de microscoop is het verkeer in de schimmeldraden net zo druk als op de ringweg A10.Beeld Nina Schollaardt

Dat laatste met dank aan de moderne technologie die het mogelijk maakt het dna van schimmels te onderzoeken. De oude veronderstelling dat er ongeveer 150.000 verschillende soorten zijn, kon de prullenbak in: het blijkt te gaan om miljoenen soorten. Merckx: “Dankzij de technologie kunnen we voor het eerst ook onderzoeken welke schimmels een succesvolle band aangaan met welke boom. Het gaat bij een gezonde boom om honderden soorten. Omgekeerd zien we dat er bij kwijnende bomen weinig schimmels actief zijn in de grond.”

Ook onderzoek in Artis, het Vondelpark en op de Keizersgracht

Op verzoek van de gemeente Amsterdam doet Merckx ook onderzoek in de stad. Vorig jaar werden de ondergrondse schimmelnetwerken van twintig bomen in Artis onder de loep genomen. De wortelmonsters gingen naar een laboratorium dat enkele maanden later een lijst retourneerde met meer dan 150 verschillende schimmelsoorten. Momenteel wordt in het Vliegenbos een klein vergelijkend onderzoek gedaan, later volgen nog het Vondelpark en aantal bomen aan de drukke Keizersgracht.

De uitkomsten kunnen van belang zijn voor het beheer van de bomen in de stad. Merckx: “Amsterdam is de iepenstad, dus we kijken vooral naar de iep. Mogelijk kunnen schimmels helpen om de iepziekte tegen te gaan, zoals de darmflora de mens beschermt tegen ziekten. Duidelijk is dat bomen onder de grond ruimte nodig hebben om de schimmels hun werk te kunnen laten doen. Dat kan lastig zijn in een overvolle stad, maar het is wel iets om over na te denken. Er wordt nu veel gewerkt met speciale wortelbakken, maar voor schimmels zijn die verre van ideaal.”

Zelfs in de woestijn schimmelnetwerken

Naar de onderzoeksresultaten wordt ook met belangstelling uitgekeken door evolutiebioloog Toby Kiers, verbonden aan de VU en oprichter van de nieuwe Society for the Protection of Underground Networks, dat mondiaal onderzoek naar ondergrondse schimmelnetwerken coördineert. Daarvoor worden, vertelt Kiers, de komende tijd in uiteenlopende ecosystemen op aarde tienduizend bodemmonsters genomen. “De schimmelnetwerken komen overal voor, zelfs in de woestijn waar vrijwel niets groeit. Er valt nog ontzettend veel te ontdekken.”

Een mycorrhiza-schimmel is geen pandabeer, en zijn onzichtbaarheid maakt het lastig om de aandacht te vragen voor zijn wezenlijke belang voor de natuur. Maar ook daar kan de moderne techniek een handje helpen. Kiers klapt in het Vliegenbos haar laptop open en laat een paar filmpjes zien die gemaakt zijn met een microscopische camera. De beelden zijn verbluffend: in de schimmeldraden is de aanvoer van mineralen en afvoer van koolstof duidelijk te zien, als het verkeer op de drukke ringweg van Amsterdam. “Op ware snelheid,” zegt Kiers er lachend bij.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden