PlusKlapstoel

Scenarist Frank Houtappels: ‘Half kotsend zat ik in de coulissen’

Frank Houtappels (1968) is scenarioschrijver. Hij schreef eerder de tv- en filmhit Gooische Vrouwen en is nu verantwoordelijk voor April, May en June, de nieuwe film met Linda de Mol. 

Frank Houtappels op de Klapstoel.Beeld Harmen De Jong

Weert

“Een mooie, groene plek. Mijn moeder was huisvrouw, mijn vader had een fiscaal advies­bureau met een kantoor in de uitbouw. Zo was er altijd iemand thuis. Of mijn moeder met thee, of mijn vader met een rekenmachine. Ik heb er fijne jaren gehad, maar op mijn zeventiende wilde ik heel graag weg. Toch het ‘the only gay in the village-gevoel’. Ik ging de sociaal­peda­gogische academie doen en verhuisde naar Amersfoort. Twee jaar later werd ik aan­genomen op de toneelschool in Amsterdam. En tja, toen begon het allemaal pas echt.”

Roze overall

“Dat ik homoseksueel ben, wist ik al op mijn twaalfde. Alleen: ik wist niet dat het zo heette. Wel had ik twee achterneven die overduidelijk anders waren. Naar hen verwees mijn vader toen hij op mijn zeventiende van mijn coming-out hoorde. ‘Als je maar geen oorbelletje en een roze overall gaat dragen.’ Een van die twee neven was bloemist en reed letterlijk met een roze bestelbusje en in roze outfit door het dorp.”

“Nee, de vlag ging dus niet bepaald uit toen ik het vertelde. Ze lieten me niet vallen, maar wisten er gewoon niet goed raad mee. Ze vreesden dat ik ongelukkig zou worden. En je moet rekenen: ik kom uit een katholiek gezin. Dat gaf natuurlijk gedoe. Totdat er tijdens een preek heel oordelend werd gesproken over homo­seksualiteit. Dat was de laatste zondag dat mijn vader naar de kerk is gegaan.”

Zenuwen

“Na mijn opleiding heb ik uiteindelijk een paar jaar als acteur gewerkt, ik was lid van toneel­gezelschap Mugmetdegoudentand. Maar met de spanning van vlak voor zo’n voorstelling heb ik nooit goed kunnen omgaan. De zenuwen gingen over zodra ik het toneel opstapte, maar tot die tijd zat ik half kotsend boven een emmer in de coulissen. Gewoonweg bang dat ik het verkeerd zou doen. Op een gegeven moment dacht ik: waarom zou ik mezelf dit nog langer aandoen? Achter de schermen ben ik veel gelukkiger en ik wist dat ik kon schrijven. Toch heb ik nog steeds nachtmerries waarin ik onvoorbereid het podium op moet voor een première.”

Joop Braakhekke

“Ach, Joop. Ik moest van de week nog aan hem denken. Hij is er al drie jaar niet meer. Joop heeft me samen met zijn partner Wim Nijkamp geïntroduceerd in de societykringen in Amsterdam. Mooie tijd was dat. Ik was 19 en kreeg verkering met Wim. Ik wilde niet in een goede relatie wroeten, maar er werd me duidelijk gemaakt dat het anders lag. Joop had er ook een andere vriend bij. Zo ging dat in die tijd. Ze hadden een open relatie.”

“Joop was wel wat braver dan Wim. Op een keer kwam er een wandelende bos bloemen zijn slaapkamer binnen. Joop kwam een cadeautje brengen, precies toen Wim en ik onder de lakens lagen. Daar schrok Joop toch wel even van. ‘Wim! Wat doe je nu?’ Ik hoor het hem nog roepen. Maar het is lang geleden, hè. Ik ben nu al ruim 25 jaar met Hendrik-Jan.”

April, May en June

“Mijn nieuwe film. Een idee van Linda de Mol. Zij wilde een echte zussenfilm. En eentje die haar huidige levensfase weerspiegelt. Ze heeft in een paar jaar tijd haar beide ouders verloren. In de film vertelt de moeder van de drie zussen April, May en June dat ze niet lang meer te leven heeft. Dilemma daarbij: er moet worden gezorgd voor hun inwonende autistische broer. Gebaseerd op Kees Momma uit de documentaire Het beste voor Kees? Het zou flauw zijn te ontkennen dat hij een inspiratie was. Maar het blijft een filmpersonage, hè. Ook deels gebaseerd op een kennis van mij. Daar heeft onze Jan die agressieve kanten van.”

“Er zullen vast recensenten zijn die erover vallen, het een cliché-autist vinden. Ze gaan hun gang maar. Het publiek heeft daar weinig boodschap aan. Dat gaat voor Linda de Mol. Of voor Tjitske Reidinga en Elise Schaap, die de andere zussen spelen. Of die leuke Olga Zuiderhoek, die ze kennen uit Penoza.”

Gooische Vrouwen

“Regisseur Will Koopman vroeg me er voor het tweede seizoen van de serie bij. Heel erg lekker om over die luxeproblemen te schrijven. Met Tjitske Reidinga en Susan Visser had ik op de toneelschool gezeten, dus dat voelde meteen goed. En ik heb er Linda de Mol leren kennen. Ontzettend leuke club. Niet voor niets dat we na het slot van de serie nog twee films hebben gemaakt. We misten elkaar. En die films deden het nog ontzettend goed ook, allebei in de top 10 van best bezochte Nederlandse films ooit. Een derde film? Die komt er echt niet. April, May en June is een nieuwe stap. We zijn in andere onderwerpen geïnteresseerd geraakt. Het leven is eroverheen gegaan.”

Koefnoen

“Heb ik ook lang voor geschreven, maar dat keurslijf van de actualiteit voelde steeds zwaarder. Vooral met Owen Schumacher kon ik daar meningsverschillen over hebben. Ik wilde liever de tijdsgeest volgen dan het journaal uitpluizen. Zo zijn de corpsmeisjes Madelon en Fleur ontstaan. Maar uiteindelijk was het beter om te stoppen.”

“Het lijkt me in deze tijden ontzettend moeilijk om satire te bedrijven. De werkelijkheid is gekker dan je kunt bedenken. Met Mugmetdegoudentand verzonnen we in de jaren 90 het tv-programma Geef die hoer een kans. Daarin moesten verslaafde prostituees afkicken. Wie dat het langst volhield, mocht een eigen restaurant beginnen. Totaal absurdistisch. Dachten we. Toch heb ik dat format de afgelopen jaren in verschillende varianten op tv voorbij zien komen.”

Linda de Mol

“Recensenten zullen voor ons sowieso extra streng zijn. Dat is een van de weinige nadelen van een film met Linda erin. Zo’n bekende kop zien ze ontzettend graag op haar bek gaan. Soms voel je de agressie dwars door die stukjes heen. Dat gaat niet meer over de film, dan wordt het echt persoonlijk.”

“Nee, ik vind het totaal niet erg dat April, May en June straks in de volksmond ‘de nieuwe Linda de Mol’ gaat heten. Ik heb hem dan wel geschreven, maar Linda is de naam waardoor we hem kunnen maken én de reden dat veel mensen de bioscoop bezoeken.”

“Geen medelijden met mij, hoor. Erkenning krijg ik genoeg van mensen binnen het vak, ik word er goed voor betaald en heb ontzettend leuk werk. Dat het grote publiek geen benul heeft wie de scenario’s schrijft, is dan helemaal niet erg.”

Aaf

“Hoezo? O, mijn enige flop. Nou, ik kan er wel meer bedenken, hoor. Iedereen is gek op Jack met Linda de Mol was ook geen groot succes. Aaf was de Nederlandse versie van de Amerikaanse sitcom Roseanne, bij ons met Annet Malherbe in de hoofdrol. Het begon er al mee dat de afleveringen die waren gekocht vreselijk gedateerd waren. Dat moesten we proberen om te schrijven, maar het volgende probleem was dat de situaties allemaal heel Amerikaans waren. Er bleef misschien 10 procent over om mee te werken en dat was gewoon te weinig. Ik snapte wel dat het na twee seizoenen stopte.”

Michiel van Erpfamilie

“Ja, dat schrijft jullie feestjesverslaggever altijd in de krant over ons! Met onder anderen Michiel van Erp, Cornald Maas, Tim Oliehoek en Rik van de Westelaken hoor ik inderdaad bij een vaste vriendengroep, maar ik ga echt niet naar zoveel feestjes, hoor. Jouw collega kiest me alleen elke keer uit voor een foto. Klopt, ik zeg ook geen nee. Sterker: ik knip elke Schuim uit. Mooi herinnering én je staat altijd met leuke mensen op de foto.”

“Ik vind het vaak ook echt leuk om naar zo’n première te gaan. Je ziet gratis een mooie voorstelling, krijgt een wijntje geserveerd en praat af en toe met iemand die nuttig is voor je werk. Daar ga ik niet over klagen. En je moet ook rekenen: ik heb geen collega’s om mee te kletsen bij de koffie­automaat. Ik zit altijd in m’n eentje thuis achter m’n computer. Wil ik iemand spreken, dan moet ik op pad.”

De Slimste Mens

“Wat was dat vreselijk. Meteen toen ik in die studio kwam, was ik weer net zo zenuwachtig als vroeger bij het toneel. Al in de eerste ronde kreeg ik een totale black-out. Het ging om de naam van die specht in die tekenfilmpjes. Ik zag dat beest voor me, hoorde dat rare geluidje dat hij maakt, maar kwam niet op Woody Woodpecker. Ik raakte er helemaal door van streek, kreeg er niets meer uit. Gelukkig was er na een paar rondes koffiepauze en kon ik me herpakken. Uiteindelijk vloog ik er toch uit. Dolblij dat ik weer naar huis mocht.”

Streetart Frankey

“Leuke naam vind ik dat. Zijn werk kom ik tegen als ik de hond uitlaat, en da’s al gauw drie keer per dag. Ik vind het mooi wat hij maakt. Dat Eberhard van der Laanbeeldje op de gevel van Paradiso bijvoorbeeld: hartstikke leuk bedacht.”

April, May en June draait vanaf 19 december in de bioscopen. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden