Amsterdam Bewaar

Ruim 100 Amsterdammers achter met alimentatie

De rechtbank van Amsterdam.
De rechtbank van Amsterdam. © ANP

Tegen 117 Amsterdammers liep tussen 2010 en 2015 een zaak bij het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen (LBIO) omdat zij hun partneralimentatie niet (volledig) betaalden.

Gemiddeld waren zij iets meer dan 800 euro bruto per maand verschuldigd aan hun ex-partner, blijkt uit cijfers die het datajournalistieke platform LocalFocus heeft ontvangen van het bureau. Het aantal wanbetalers van partneralimentatie in Amsterdam lijkt daarmee relatief laag. Ter vergelijking: in Rotterdam wonen 173 mensen die in de afgelopen zes jaar in de systemen van het LBIO voorkwamen omdat ze hun partneralimentatie niet betaalden, in Den Haag ging het om 149 personen. 

Het LBIO is door de overheid aangewezen om bij achterstallige alimentatie te bemiddelen en eventueel over te gaan tot inning van de achterstand en de alimentatie. Van elke vijf verzoeken die bij hen binnenkomen, gaan er gemiddeld vier over kinder- en één over partneralimentatie. Ex-partners die bij het bureau aankloppen vanwege de kinderalimentatie lopen zo'n 194 euro per maand mis, bij partneralimentatie gaat het om gemiddeld bijna 690 euro per maand.

'Grootste probleem'
In de regel gaat partneralimentatie naar een vrouw. Bij 16 procent van de echtscheidingszaken werd in 2013 partneralimentatie toegewezen en bij slechts een procent van de echtscheidingen wordt partneralimentatie toegekend aan de man, zo berekende het CBS in 2014. Volgens experts zijn de redenen om niet te betalen tweeledig: het kan zijn dat ex-partners niet kunnen betalen, maar vaak zijn ze ook niet bereid om hun ex geld te geven.

Dat deze wet de emancipatie van vrouwen zal stimuleren is puur wensdenken

Ingrid Vledder, advocaat

"In de praktijk komt partneralimentatie het minste voor, maar het is het grootste probleem," zei PvdA'er Jeroen Recourt vrijdag in het radio 1-programma Stand.nl. Volgens het Kamerlid komen 'schrijnende situaties' voor onder mannen die de alimentatie niet kunnen betalen. Het Kamerlid diende vorig jaar dan ook een wetsvoorstel in om het alimentatiesysteem op de schop te gooien. 

In dat voorstel staat onder andere dat het maximum aantal jaren dat de ex-partner alimentatie moet betalen omlaag gaat van twaalf naar vijf jaar en dat het alimentatiebedrag wordt bepaald door te kijken naar het verlies aan verdiencapaciteit als gevolg van keuzes die tijdens het huwelijk zijn gemaakt. De alimentatie is dan een soort van compensatie voor de achterstand op de arbeidsmarkt die is ontstaan door het huwelijk.

Emancipatie
Volgens de PvdA'er is het belangrijk dat er een wet komt die er in beginsel vanuit gaat dat beide ex-partners de eigen broek kunnen ophouden. Dat deze wet de emancipatie van vrouwen zal stimuleren is volgens de Amsterdamse familierecht-advocaat Ingrid Vledder 'puur wensdenken'. "Natuurlijk vind ik ook dat jonge vrouwen in hun eigen onderhoud moeten kunnen voorzien, maar het huidige voorstel is niet realistisch."

Het systeem moet eenvoudiger, toekomstbestendiger en eerlijker voor beide partners

Jeroen Recourt (PvdA)

Zo zou de nieuwe wet alleen gaan gelden voor de mensen die in hun huwelijkse voorwaarden niets hebben afgesproken over alimentatie. De indieners gaan er vanuit dat mensen voorafgaand aan het sluiten van hun huwelijk goed nadenken over hun toekomst. 

Vledder: "Maar doen mensen dat? De meesten gaan er vanuit dat het nooit nodig is om daar afspraken over te maken. En in hoeverre kun je de toekomst realistisch inschatten? We hebben te maken met onder andere een zwenkend kinderopvangbeleid. Vrouwen baseren hun keuze om - deels - thuis te blijven op dat soort beleid. En wat als je een gehandicapt kind krijgt en daarom besluit te stoppen met werken?"

Sterker nog, het zou volgens de advocaat goed kunnen dat het wetsvoorstel bij mannen juist een effect zal hebben dat recht tegenover de door Recourt gewenste emancipatie staat. "Ik zeg altijd: als jij geen partneralimentatie wil betalen, dan moet je zorg en arbeid tijdens het huwelijk eerlijk verdelen. Dit voorstel zorgt er juist voor dat mannen er prima voor kunnen kiezen carrière te maken en als het huwelijk stukloopt, hoeven ze maar korte tijd een veel lager bedrag te betalen." 

Vernietigend oordeel
In september dit jaar oordeelde de Raad van State dat het voorstel op veel onderdelen nog onduidelijk en onvoldoende doordacht is. De raad adviseerde dan ook het wetsvoorstel nog eens grondig te herzien. "Ik sluit zeker niet uit dat we nog wat wijzigingen gaan aanbrengen," reageerde Recourt daarop. "Maar de basis staat: het systeem moet eenvoudiger, toekomstbestendiger en eerlijker voor beide partners." 

Vledder vreest dat er weinig gedaan zal worden met het advies van de Raad van State. "Het oordeel over het wetsvoorstel is echt vernietigend, maar de indieners zeggen in feite: wij doen niets." Vledder hoopt dan ook dat de Eerste Kamer nog kritisch naar het voorstel gaat kijken.