PlusTen Slotte

Roy Titawanno (1956-2021) zat net in rustiger vaarwater – toen sloeg in De Pijp het noodlot toe

De Amsterdammer Roy Titawanno (64) was de laatste jaren net in rustig vaarwater gekomen. De moeilijke start van zijn leven maakte langzaam plaats voor een familieleven. Op vrijdag 21 mei sloeg het noodlot toe: hij werd doodgestoken door een verwarde man in De Pijp.

Roy Titawanno Beeld Privéarchief
Roy TitawannoBeeld Privéarchief

Roy Titawanno kwam op 13 juni 1956 ter wereld in het voormalige Joodse werkkamp Ybenheer in het Friese streekdorp Oosterwolde. Hij was de vijfde, van wat later acht kinderen zouden zijn, in het gezin Titawanno. Zijn vader was ex-KNIL-militair en werd samen met zijn vrouw en kinderen vanaf 1951 opgevangen in verschillende kampen in Nederland, waaronder Westerbork. Net als duizenden andere ex-KNIL-militairen en hun gezinnen konden ze niet meer terug naar de Molukken.

Een klein jaar na de geboorte van Roy belandde zijn moeder met tbc in een sanatorium. Vader Titawanno had zijn handen vol aan de vijf kinderen. Er werd besloten dat de kleine Roy, amper een jaar oud, bij vrienden van het echtpaar in Maarssen zou verblijven. Uiteindelijk werd dat twaalf jaar.

“Wij zagen hem niet zo vaak. Hij kwam pas op zijn 12de weer thuiswonen, toen zijn peetvader overleed. Hij had het gevoel te zijn weggestuurd. Voor de tweede keer. Hij werd gedropt in ons grote gezin en aardde niet bij ons. Waren er minder kinderen geweest, dan had hij misschien meer ruimte gehad,” zegt zijn oudste zus Anna Titawanno (69).

Uit het oog

Op zijn 13de liep Roy weg en trok van tehuis naar tehuis. “Hij was een lieve, zachtaardige en gevoelige jongen. Er was iets gekrenkt. Hij ontvluchtte de realiteit van het verleden. Hij kon die verdrietige jeugdjaren niet vergeten en begon drugs te gebruiken. We verloren hem steeds meer uit het oog,” aldus zus Anna.

Roy toog naar Amsterdam en kwam in aanraking met harddrugs, raakte zwaar verslaafd en dakloos. Slechts af en toe liet hij zijn gezicht nog zien bij zijn familie in Groningen. “Vaak dachten we: hij zal misschien ergens dood liggen als we hem een tijdje niet zagen. Maar dan kwam hij weer opdagen. Hij was dan sterk vermagerd en kwam enkele weken bij me wonen om bij te tanken. Maar dan ineens was hij weer weg.”

Rond zijn 25ste kreeg Roy een relatie met een Groningse vrouw en werd zijn dochter Sharissa geboren. Bij tijd en wijle bezocht hij haar. “Wij spraken niet veel over zijn verslaving. We konden hem ook niet helpen. Hij liet de hulp niet toe.” Toen zijn ouders in 1994 naar Indonesië verhuisden, was Roy van slag. “Hij huilde toen ze vertrokken. Toen ik twee jaar later ook emigreerde, zei hij: ‘Nu gaat mijn tweede moeder ook al.’”

Zelfstandige woonruimte

Roy, op straat beter bekend als Rico, woonde zo’n 35 jaar lang ‘overal en nergens’ en verbleef soms bij vrienden of in de opvang aan onder meer de Ruysdaelkade in Amsterdam. Pas tien jaar geleden aanvaardde hij de hulp van HVO-Querido. Roy kreeg van de hulporganisatie een zelfstandige woning aangeboden.

Serah Meijer van HVO-Querido werd zijn persoonlijke begeleider. “Hij was zo gelukkig met zijn huis. Midden in De Pijp, waar hij zo graag wilde wonen. De familie kwam meteen aanzetten met meubilair: een bank en tafel. Hij accepteerde onze hulp. Het ging steeds beter met hem,” zegt Meijer.

Hij kreeg dagbesteding en verschillende baantjes, onder meer als gastheer bij de nachtopvang voor vrouwen en bij de fietsenzaak Recycle in de Hallen. Ook ging hij aan de slag bij stichting De Opstap, waar hij in het atelier abstracte schilderijen en een portret van zijn dochter maakte. “Hij was zeer creatief en een natuurtalent,” zegt zus Anna.

Meijer: “Hij sprak met liefde over zijn familie, kreeg beter contact met zijn dochter, was opa van vier kleinkinderen en nam een NS-abonnement zodat hij naar zijn familie in Groningen kon gaan.” Zijn succes werd getoond in een videofilmpje van HVO-Querido.

Tekst gaat verder onder video, door: Johan Zwaan.

Roy spaarde om jaarlijks naar Indonesië te kunnen reizen, naar zijn oudste zus die in Piru woonde. Met speciale toestemming van de GGD nam hij voor vier weken methadonmedicatie mee. “De geboorteplaats van mijn ouders was zijn plek. De gemoedelijke sfeer, de mensen, het warme klimaat deden hem goed. We maakten lange wandelingen. Hij voelde zich hier thuis. We zagen hem opbloeien. Hij zei: ‘Als ik met pensioen ben, kom ik er ook wonen.’ Het was hem niet gegund,” zegt zijn zus Anna.

Maandag wordt Roy Titawanno gecremeerd. Zijn as wordt naar Indonesië gevlogen en bijgezet in het graf van zijn ouders in Piru.

Stille tocht

In De Pijp is donderdagavond een stille tocht voor de slachtoffers van het steekincident. “Met deze tocht willen we aandacht vragen voor zinloos geweld en Roy een waardig afscheid geven na dit heftige incident. We doen dit in zijn eigen buurt en lopen de route waar de andere vier slachtoffers zijn neergestoken,” zegt Patricia Titawano, een nichtje van Roy.

Voor de stille tocht zijn alleen familie, vrienden en buurtgenoten uitgenodigd. “We willen geen activisten en groeperingen laten meelopen. Dit is ook voor de buurt waar veel mensen ontdaan zijn en waar veel verdriet is. We willen de gebeurtenis samen verwerken.”

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden