Amsterdam Bewaar

Rondhangen vergroot kans op criminaliteit

Als je vrienden vooral drugs gebruiken, is de kans dat je zelf ook drugs gaat gebruiken groter. Hetzelfde geldt voor diefstal en vandalisme.
Als je vrienden vooral drugs gebruiken, is de kans dat je zelf ook drugs gaat gebruiken groter. Hetzelfde geldt voor diefstal en vandalisme. © ANP

Jongeren die veel rondhangen hebben een grotere kans om met criminaliteit in aanraking te komen. Dat blijkt uit onderzoek van VU-sociologe Evelien Hoeben, waarmee zij volgende week promoveert. Vijf vragen aan haar over het verband tussen rondhangen en criminaliteit.

Waarom hangen jongeren rond?
"Rondhangen is een hele normale bezigheid onder jongeren. Vier op de vijf jongeren hangen wel eens rond. Jongeren ontwikkelen sociale vaardigheden en een eigen identiteit door met leeftijdsgenoten rond te hangen zonder toezicht van volwassenen. Rondhangen hoort dus bij het proces van volwassen worden."

Wat zijn de belangrijkste conclusies?
"Hoe meer jongeren rondhangen, hoe groter de kans dat ze met criminaliteit in aanraking komen. Het is vooral het risico op kleine criminaliteit als vandalisme, diefstal of middelengebruik dat toeneemt, niet zo zeer het risico op geweld. De kans op criminaliteit is het hoogst bij rondhangen op plekken waar weinig sociale controle is: in achterstandsbuurten en op open plekken als parken of speeltuinen. Wanneer jongeren in winkelcentra rondhangen worden ze vaak als overlastgevend gezien, maar dan plegen zij juist weinig misdrijven."

Waarom leidt rondhangen tot meer criminaliteit?
"Dat komt vooral omdat jongeren foute vrienden opdoen tijdens het rondhangen. Van die vrienden leren ze dat criminaliteit best acceptabel is, waardoor ze zelf vaker de fout ingaan. Wat nieuw is aan mijn onderzoek is dat ik heb gekeken naar met wie jongeren rondhangen. Rondhangen met vrienden die vooral drugs gebruiken, vergroot het risico dat de jongere ook drugs gaat gebruiken. Hetzelfde geldt voor bijvoorbeeld vandalisme en stelen."

Het maakt niet uit waar jongeren vandaan komen, maar waar ze hun tijd doorbrengen is belangrijk voor onderzoek naar criminaliteit.

Onderzoek rondhangjongeren
Evelien Hoeben interviewde ruim 800 jongeren tussen de 11 en 20 jaar uit de omgeving van Den Haag en gebruikte daarnaast data over ruim 11.000 jongeren in de Verenigde Staten. Ze vroeg de Nederlandse jongeren over de vier voorafgaande dagen heel gedetailleerd wat ze van uur tot uur deden. Ook interviewde ze buurtbewoners over rondhangende jongeren. Hoeben gaat ervan uit dat de conclusies van toepassing zijn op jongeren in alle grote Nederlandse steden, dus ook Amsterdam. Ze promoveert woensdag 9 maart aan de VU.

Wat vond je zelf het meest opvallend?
"Waar jongeren vandaan komen maakt niet uit, maar waar ze tijd doorbrengen is belangrijk. Er is geen verband tussen de buurt waar de jongeren wonen en criminaliteit, maar tussen de buurt waar ze rondhangen en criminaliteit. We kijken dus eigenlijk naar de verkeerde buurt bij het onderzoeken van criminaliteit, want onderzoek richt zich tot nu toe op de woonbuurt. Driekwart van de tijd hangen jongeren rond in een andere buurt dan ze wonen."

Wat kan de gemeente Amsterdam van je onderzoek leren?
"Hangjongeren komen niet per se uit de buurt waar ze overlast veroorzaken. Kijk om criminaliteit te verminderen dus niet naar de plek waar jongeren wonen, maar vooral naar de plek waar ze uithangen. Winkeliers en ondernemers kunnen mogelijk een grotere rol krijgen als toezichthouders. En voor ouders is het advies uit te zoeken waar hun kind rondhangt. Thuis is altijd beter dan ergens op straat, ook al is er geen toezicht."