Plus

Rapport: Amsterdamse drugsscene heeft banden met meerdere vissersdorpen

Wetenschappers koppelen Amsterdamse cocaïnehandelaars, zoals de veroordeelde Muhammed S., niet alleen aan de grootschalige import van cocaïne via vissers uit Urk, maar ook aan drugsinvoer via boten uit Den Oever en Den Helder.

In de kotter Z181 lag 260 kilo cocaïne. Drie Urker vissers werden aangehouden. Beeld ANP
In de kotter Z181 lag 260 kilo cocaïne. Drie Urker vissers werden aangehouden.Beeld ANP

Het instituut Politie en Wetenschap liet onderzoek doen naar ‘de betrokkenheid van de visserij bij maritieme drugssmokkel’. Het rapport Zuiver op de graat? bevestigt de vrees dat vissers zich, vaker dan bekend was, door onder meer de Amsterdamse onderwereld laten inzetten om partijen cocaïne van zee te halen.

Criminele compagnons

Muhammed S. (34) en zijn criminele compagnon Ferry B. (46), afkomstig uit een vissersgemeenschap in de kop van Noord-Holland, zijn in december 2018 door de Amsterdamse rechtbank veroordeeld tot 13,5 jaar en 4,5 jaar cel voor het leiden van een drugsbende die zeker sinds 2015 cocaïne importeerde. In juni 2017 was in de haven van Harlingen 261 kilo cocaïne onderschept in de Urker viskotter Z181. De drugs waren van een containerschip uit Panama in de Noordzee gegooid, en door de bemanning van de kotter opgevist.

Gaandeweg het onderzoek vond de recherche aanwijzingen voor betrokkenheid van de drugsbende bij grootschalige en langdurige import van cocaïne, waarschijnlijk via vissers uit Urk.

In hun rapport verwijzen de onderzoekers ook naar de hoofdrol die Ferry B. speelde in de strafzaak tegen dertien mannen, drie vrouwen en hun bedrijf over het jarenlang in wisselende samenstelling voorbereiden van grote cocaïnetransporten.

De hoofdverdachten werden in januari 2014 aangehouden voor hun plan met een zeiljacht een partij cocaïne uit Venezuela naar de Nederlandse kust te varen, en de blokken daar over te laden in verschillende vissersschepen. In de loop van het onderzoek kwam de garnalenkotter WR230 Gideon uit Den Oever in beeld waarmee in 2013 vermoedelijk een partij drugs uit zee was opgepikt. Meerdere verdachten werden veroordeeld.

Kotter uit Den Helder

In januari 2015 vond de Douane sporttassen met cocaïne met een geschatte straatwaarde van 23 miljoen euro in een busje in de haven van Den Helder. De drugs bleken door vissers met een kotter van zee opgepikt, nadat de bemanning van een vrachtschip de lading in het water had gegooid. Ook deze partij cocaïne was volgens de onderzoekers ‘bedoeld voor een crimineel netwerk in Amsterdam’. Meerdere verdachten zijn veroordeeld.

De onderzoekers stellen in hun analyse dat Muhammed S. en Ferry B. in alle drie de zaken naar voren komen als ‘de schakel tussen de onder- en de bovenwereld bij drugssmokkel met vissersschepen’. In een van de drie zaken lieten zij volgens justitie een aanslag plegen op een woning van een van de verdachten. Muhammed S. wordt beschouwd als verlengstuk van onder anderen de Amsterdamse crimineel Naoufal ‘Noffel’ F., die levenslang uitzit voor het geven van opdrachten voor liquidaties.

Inmiddels worden Naoufal F., Muhammed S. en Ferry B. ook beschuldigd van het voorbereiden van de liquidatie van de Amsterdamse crimineel Vincent Jalink, die op 27 mei 2016 voor zijn huis in Diemen voor de ogen van zijn 9-jarige zoontje werd doodgeschoten.

Gevangenis

Muhammed S. en Ferry B. leerden elkaar kennen in de gevangenis. Vervolgens zou de diep in de kottervisserij gewortelde B. voor de Amsterdamse onderwereld zijn gaan werken. De onderzoekers spraken in verschillende vissersdorpen respondenten die vertelden dat Ferry B. er actief was als ronselaar van vissers die bereid waren drugs op te pikken van zee, via de zogeheten drop-offmethode. De politie vond bij hem al eens vuurwapens en een half miljoen euro aan contanten. In een netwerkanalyse knopen de onderzoekers de Amsterdamse criminelen aan vissers uit Urk, Den Helder en Den Oever, maar er lopen ook lijnen tussen smokkelaars uit vissersdorpen onderling.

In de vissersgemeenschappen zijn van oudsher al vele smokkelaars te vinden, al ging het vroeger veelal om sigaretten en drank. Ook Ferry B. en zijn familie zaten volgens ingewijden vroeger in de sigarettensmokkel.

De vissers en andere betrokkenen noemen ‘economische nood’ als belangrijke beweegreden voor betrokkenheid bij maritieme smokkel, schrijven de onderzoekers in hun rapport. ‘Vissers voelen een grote financiële verantwoordelijkheid jegens hun bemanning en gezin en zijn verknocht aan het vissermansbestaan. (..) Bijvoorbeeld de gevolgen van de brexit, het Noordzee-akkoord en het verbod op de pulsvisserij maken de vissers dan ook kwetsbaar voor maritieme smokkel. Lokale ronselaars maken daarvan gebruik.’

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden