live

Proces Holleeder: toch niet de laatste getuigenis van zus Astrid

Ruim drie jaar na zijn aanhouding is de rechtbank in Amsterdam dit jaar gestart met de inhoudelijke behandeling van het megaproces tegen Willem Holleeder. Misdaadverslaggevers Paul Vugts en Maarten van Dun houden je in dit blog op de hoogte.

Live

Bekijk nieuwe update(s).
  1. Zomer

    Nu is het eerst plotseling tijd voor de zomervakantie. De zaak gaat op 3 september verder, nog steeds met de behandeling van het dossier over de liquidatie van Willem Endstra.

  2. Afsluiting

    Omdat het twaalf uur is, komt het verhoor plotseling tot een einde. Holleeder krijgt nog een keer het woord om te reageren op Astrids relaas van vandaag. Hij is duidelijk heel boos. "Ik zit hier tandenknarsend weer de leugens van een advocaat aan te horen en dat is niet makkelijk!"

    Rechter Wieland: "U zult vast nog gebruik maken van een volgende mogelijkheid."

    Holleeder: "We zullen zien."

    Wieland: "Zo goed ken ik u nu wel."

    De rechtbank stelt vast dat Astrid Holleeder tóch weer moet terugkomen na de zomer, omdat in elk geval advocaat Sander Janssen nog volop vragen heeft.

  3. Zijn zusje

    Astrid is altijd bang geweest dat zij als 'zijn zusje' zou worden aangepakt, zegt ze. Zoals iedereen altijd bang was. Criminelen durfden ook niet te getuigen.

    Astrid: "Mensen zijn strategisch in hun keuzes."

    Advocaat Janssen refereert aan een gesprek tussen crimineel Ariën K. en Sonja Holleeder waarin die zei dat 'hun dingen op een briefje gingen schrijven' die hij moest zeggen. Hij doelde op getuigenissen die hij zou moeten afleggen.

    Astrid wordt weer boos en emotioneel omdat ze denkt dat Willem Holleeder via advocaat Janssen haar uitspraken wil ontlokken. Tegen de rechters: "Ik wil nergens worden ingehengeld. Ik ben maar een vrouwtje, hè?! Ik ben niets!"

    Rechtbankvoorzitter Frank Wieland: "We nemen onze hoeden weer diep voor u af."

  4. Stressfactor

    Een getuige zei dat Holleeder 'aangeslagen' leek na de moord op Endstra.

    Astrid: "Zo moet je doen. En zo'n liquidatie is toch een stressfactor er bij weer. Wat gaat het onderzoek opleveren? Hij is gespannen. Hij moe schakelen. Hij moet handelen. De vraag is ook hoe dit voor de hele familie gaat aflopen. Krijg je represailles? Het is wéér: gezeik er bij."

    Als 'een totaal andere groepering' Endstra had vermoord, zou het gesprek tussen Holleeder en Astrid meteen na de liquidatie wel anders zijn verlopen.

    Astrid: "Dan had-ie niet zo gespannen geweest, maar was hij misschien wél blij en uitgelaten geweest. Dan had hij niets te vrezen."

    Astrid en Willem Holleeder communiceerden veel 'in korte dingetjes' of met gebaartjes of enkel met hun ogen, herhaalt Astrid. "Als een smeris binnenkomt, doen wij zo (ze kijkt snel naar de deur) en begrijpen we elkaar."

    In de rechtszaal gaat een wekker. Over tien minuten moet het verhoor worden afgerond omdat advocaat Willem Jebbink van Astrid Holleeder weg moet.

  5. 'Ik heb een alibi'

    Advocaat Janssen keert opnieuw vanaf 'een zijpaadje' terug naar de liquidatie van Willem Endstra, waar het verhoor over zou moeten gaan.

    Astrid sprak Willem Endstra naar eigen zeggen maar één keer in restaurant Oceania over de problemen die Endstra zei te hebben waardoor hij schuldeisers niet kon betalen.

    Janssen: "Uiteindelijk wordt Endstra dan vermoord. Dan zegt u daar in een later verhoor over dat Willem (Holleeder) u zei 'dat hij het niet gedaan kon hebben omdat hij net uit het buitenland kwam'."

    Astrid: "Zo zeggen wij dat: 'Ik heb een alibi'. Hij bevestigt mij op dat moment alleen maar zijn alibi, omdat ik niet wist dat hij tijdens de liquidatie in het buitenland zat."

    Janssen: "Als je uitgaat van de vooronderstelling dat Willem (Holleeder) het gedaan had, is die uitspraak, in Abcoude, te begrijpen, maar anders niet."

    Astrid: "Klopt. Het is versluierend taalgebruik. Hij heeft zijn alibi goed op orde. Hij laat ook weten dat hij wist dat het zou gebeuren: 'Ik ben naar het buitenland gegaan omdat...' (Willem Endstra zou worden geliquideerd)."

    Als Astrid 'met Wim liep' waren dat altijd 'beladen momenten'. "Je weet wat gebeurd is (een liquidatie, bijvoorbeeld) en je wilt niet dat hij wordt gepakt."

    Sonja Holleeder vertelt dat haar broer over Endstra had gezegd: 'Het was hij of ik'.

    Astrid: "Ik weet niet precies wat zij toen met Wim heeft besproken."

  6. Spin in het web

    Willem Holleeder 'zag zichzelf als de spin in het web' in die tijd. Daarom denkt Astrid dat hij besloten heeft al die mensen te laten liquideren en niet Stanley Hillis. "Wim wilde Cor doodschieten en hem alles afpakken. Het is de eerste keer niet gelukt, het is de tweede keer niet gelukt en de derde keer is het doodschieten wel gelukt, maar het afpakken niet."

    Janssen: Dat is toch gek, dat je dan zo'n liquidatie laat plegen om geld, waarvan u zelf zegt dat dat zo risicovol is, en dat je dat geld dan uiteindelijk niet afpakt?"

    Astrid: "Dat geld heeft hij toen niet afgepakt omdat het hem te heet onder de voeten was. Sonja had het voor tien jaar vastgezet, dus dat kwam wel. En in 2013 was-ie daar weer, hè? (Om Sonja's geld alsnog op te eisen.)"

  7. 'Peter mag niet wroeten'

    Janssen wil het nu hebben over de jaren waarin Astrid Holleeder steeds vaker Peter R. de Vries in vertrouwen nam (na de moord op Cor van Hout).

    Astrid: "Dat is niet zo. Peter is een vriend van Sonja (Holleeder) en haar gezin. Hij was geen vriend van mij. Als Wim mij zei: 'Peter mag niet wroeten' (in de achtergronden van de moord op Cor van Hout), dan zei ik tegen Peter dat hij niet moest wroeten in de moord op Cor. Verder had ik met Peter alleen heel normale gesprekjes."

    "Ik ga helemaal niemand in vertrouwen nemen. Dat is me veel te link. Als dat onbedoeld uitlekt, lig ik op de grond. Ik ga dat niet doen. Ik heb Peter pas in vertrouwen genomen toen ik overwoog tegen Wim te gaan getuigen. Peter zei me toen dat ik dat niet moest doen omdat het op niets zou uitlopen."

    Cor van Hout noemde Stanley Hillis 'een oude vieze stinkkerel'. Vele jaren nadat Van Hout was vermoord, besprak Sonja Holleeder dat met een criminele vriend van Cor van Hout, Ariën K.

    Astrid: "Het punt is: niet iedereen vermoordt iemand omdat hij hem heeft beledigd. Het heeft nogal wat voeten in aarde, hè, zo'n liquidatie? Je hebt altijd losse eindjes: mensen die over je zouden kunnen gaan praten."

    Janssen: "Dat neem ik aan, maar zou Cor van Hout dat gezegd kunnen hebben (over dat stinken)."

    Astrid: "Als Stanley Hillis stonk, zal Cor dat hem wel gezegd hebben, ja. Maar ik weet het niet."

  8. Stanley Hillis

    Raadsman Janssen wil het nog even hebben over (de in 2011 geliquideerde) crimineel Stanley Hillis. Volgens een getuige had Cor van Hout 'in een dronken bui' geprobeerd Stanley Hillis 'af te persen voor een miljoen gulden'. Cor zou zo 'weer een vijand er bij hebben in het groepje van Willem Holleeder'.

    Astrid, nu: "Stanley Hillis was onderdeel van het groepje van Wim, dus ja..."

  9. Ontvoering

    Op een opname wordt ook beweerd dat Cor van Hout broer Gerard Holleeder had laten ontvoeren, die in één van de gokhallen op de Wallen werkte. Met medewerking van diens vriend Thomas van der Bijl. Eerder is altijd beweerd dat Sam Klepper en John Mieremet achter die kortstondige ontvoering zaten.

    Janssen: "Heeft u daar Cor (van Hout) wel eens naar gevraagd?"

    Astrid: "Naar zulke verhalen over een betrokkenheid van iemand vraag je niet."

  10. Crimineel geld

    Willem Holleeder nam op verzoek van Willem Endstra van alles op. Daaronder was ook een gesprek tussen Willem Endstra en de advocaat van John Mieremet, die zijn miljoenen terugwilde. Astrid beoordeelde op verzoek van Holleeder later de opname.

    Astrid: "Ik vond het wel opmerkelijk dat die advocaat dat deed, want die wist natuurlijk ook wel dat het om crimineel geld ging."

    Het gesprek tussen de advocaat en Endstra kwam later ook aan de orde in een uitgebreide televisie-uitzending waarin misdaadverslaggever Peter R. de Vries Willem Endstra's rol in het criminele milieu uitgebreid belichtte.

    Raadsman Janssen: "Ergens zegt de advocaat van Mieremet ook tegen Endstra dat hij misschien maar moest zeggen dat iemand hem afperste. Herkent u die uitspraak?" Astrid: "Dat zegt me nu niks."