live

Dag 34: OM over waarom Holleeder wél vast moet blijven

Ruim drie jaar na zijn aanhouding is de rechtbank in Amsterdam dit jaar gestart met de inhoudelijke behandeling van het megaproces tegen Willem Holleeder. Misdaadverslaggevers Paul Vugts en Maarten van Dun houden je in dit blog op de hoogte.

Live

Bekijk nieuwe update(s).
  1. Recap dag 34

    Het criminele driemanschap' van Willem Holleeder, Dino Soerel en Stanley Hillis had minstens twee moordcommando's ter beschikking die liquidaties konden plegen. Dat zei officier van justitie Lars Stempher donderdag in de veelvoudige liquidatiezaak tegen Holleeder. Hij raakte een gevoelig punt.

    Lees de recap van dag 34: Justitie stellig: Holleeder had twee moordcommando's

  2. Vers van de lever

    Na de korte bespreking van Holleeder en zijn advocaten gaat de zitting verder.

    Advocaat Sander Janssen: "De strafvorderlijke, processuele werkelijkheid botst hier op het gevoel van Holleeder dat nog zo veel is te zeggen. Het dossier is zó groot dat iedereen een selectie zal moeten maken. Nu neemt het Openbaar Ministerie een standpunt in waardoor Holleeder het idee bekruipt dat hier allerlei zaken worden aangevoerd waarover hij nog niets heeft kunnen zeggen. Is een verklaring van een verdachte bedoeld om informatie te vergaren of ook om alvast een standpunt in te nemen over de bewijsmiddelen? Wij vinden het laatste. Het is inhoudelijk sterker de verdachte vragen te stellen zodat hij vers van de lever kan antwoorden. Ik kan uw rechtbank niet dwingen vragen te stellen die u niet heeft, maar meneer Holleeder hoort al jaren zijn naam in allerlei processen passeren en hij heeft er erg de behoefte aan daar meer over te mogen zeggen."

    Rechtbankvoorzitter Frank Wieland: "Ons eerste doel, meneer Holleeder, is u aan bod te laten komen en te horen hoe u staat tegenover de zaken die passeren. Wij hebben tot nog toe zonder enige reserve stukken voorgehouden die door uw advocaten zijn ingebracht. Dit is een groeidossier. Ik denk dat de rechtbank op enig moment moet kunnen oordelen dat we voldoende hebben kunnen praten over alle zaken. Vandaag is door de officier van justitie een aantal keren gesproken over de criminele organisatie. Daarover gaan we nog spreken. Weest u gerustgesteld: daarover gaan wij uitvoerig vragen stellen. Nu is ons voorstel dat u uw reactie op dit stuk van het Openbaar Ministerie geeft op 1 oktober, als we weer verder gaan."

    Wieland verzekert Holleeder dat de rechtbank 'probeert de kern uit het verhaal te halen'. "Als u dan zou vinden dat wij niet de kern uit het verhaal hebben gehaald, krijgt u uitgebreid de gelegenheid nader zaken aan de orde te stellen."

    Advocaat Sander Janssen stelt voor dat zijn collega Robert Malewicz en Holleeder nog gaan bekijken welke onderdelen van een onlangs door het Openbaar Ministerie ingebracht stuk over de vermoede criminele organisatie, nog moeten worden besproken voordat de rechtbank zal beslissen over Janssens verzoek Holleeders voorlopige hechtenis op te heffen voor de liquidatie van Willem Endstra.

    Rechtbankvoorzitter Frank Wieland: "Nogmaals, meneer Holleeder, wij doen deze zaak met zijn drieën en ons is er alles aan gelegen dat u volledig de ruimte heeft gekregen te reageren op alles waarop u zou willen reageren. Pakt u die volledige ruimte."

    Holleeder: "Dank u, voorzitter."

    De zitting gaat op 1 oktober om 10 uur verder.

  3. Holleeder aan het woord

    Rechtbankvoorzitter Frank Wieland rondt af. Hij geeft Willem Holleeder nog de kans wat te zeggen. Dat wil hij.

    "Het Openbaar Ministerie heeft heel veel punten naar voren gebracht waarover u mij nog geen vragen heeft gesteld. In het proces Passage ben ik al veroordeeld terwijl ik bij dat proces geen verdachte ben geweest. Ook wordt verwezen naar mijn veroordeling in (afpersingszaak) Kolbak. Ik zou graag hebben dat u mij daarover vragen stelt om een zelfstandig, eigen oordeel te kunnen vellen. Ik vind het belangrijk dat u mij daarover gaat horen."

    'Oudste rechter' Benedicte Mildner: "We kunnen niet het hele dossier aan u voorhouden. Er komt een moment waarop de rechtbank u gaat vragen of het dossier voldoende is voorgehouden. Ik zou u willen suggereren: pak het dossier er bij en noteer wat u nog zou willen zeggen en waarop u zou willen reageren."

    Holleeder: "Het gaat mij nu vooral om de dingen die hier nu allemaal zijn gezegd (door de officieren van justitie) die mij nu nog niet zijn voorgehouden. Als het Openbaar Ministerie die dingen belangrijk vindt, wil ik daarover vragen kunnen beantwoorden."

    Officier van justitie Lars Stempher: "Er komt in de toekomst een moment waarop we de criminele organisatie bespreken. Dan zou u kunnen regeren. Tot nu toe heeft u vooral gezegd dat u de meeste van de genoemde personen niet kent. Wat zou u dan nog verder over ze willen zeggen?"

    De rechtbank geeft Holleeder en zijn advocaten in overweging onderling te bespreken of en hoe ze uitvoeriger zouden willen reageren. De rechters schorsen om de raadslieden en Holleeder de kans te geven zich tien minuten te beraden.

  4. Het boek van Abbasov

    Namik Abbasov schreef kort voor zijn dood aan een intrigerend manuscript voor een boek, rond alter ego Marat. Hij lijkt volgens Stempher te schrijven over medeverdachten Özgür C. en Ali N. en over Donald Groen en anderen. Dat 'komt overeen met het beeld dat uit het onderzoek rijst'.

    "Deze mannen kennen geen grenzen. Als zij iemand dood willen hebben waar ook ter wereld, dan kunnen zij dat regelen. Zij kunnen ook advocaten regelen."

    Stempher: "Wij zijn er van overtuigd dat het hier gaat om de liquidatie in Thailand van John Mieremet waarin hij zelf een rol lijkt te hebben gespeeld." Abbasov én medeverdachte Ali N. uit het onderzoek naar de liquidatie van Willem Endstra waren toen voor (opmerkelijk) korte tijd in Thailand.

    Stempher vraagt de rechtbank de verschillende liquidaties in onderling verband te zien. Dan worden patronen zichtbaar. De inmiddels tot levenslang veroordeelde Jesse R. was volgens rechtbank en hof betrokken bij liquidaties waarvan ook Willem Holleeder wordt verdacht. 'De Groep Alkmaar' zou betrokken zijn bij de liquidaties van Endstra en Mieremet omdat Jesse R. vast zat en 'simpelweg niet beschikbaar was'.

    Stempher: "Het voorgenoemde betekent naar onze stellige overtuiging dat het driemanschap (Dino Soerel, Stanley Hillis, Willem Holleeder) de beschikking had over zeker twee groepen uitvoerders (van liquidaties)."

    Ook de verklaringen van 'Anonieme bedreigde getuige' Q5, een medewerker van de Rotterdamse Baja Beach Club, passen in het beeld van een driemanschap dat moorden liet plegen. Q5 heeft uitvoerig verklaard dat Holleeder, Soerel en Akgün in die club over liquidaties spraken, schreeuwden zelfs.

    Stempher rondt af met de mededeling dat van alle andere vijanden van Willem Endstra niet is gebleken dat zij hem hebben laten vermoorden. Alles wijst naar Willem Holleeder, Dino Soerel en Stanley Hillis.

    Lees ook: Dit zijn de 5 moorddossiers in de zaak Holleeder

  5. De Groep Alkmaar

    'Een tussenlaag' in de criminele organisatie vormden criminelen Patrick R. en 'Jerry' B. Zij komen in meerdere relevante liquidatieonderzoeken voor, waaronder de onderzoeken naar de moorden op Willem Endstra en John Mieremet. Zij hebben geregeld op belangrijke momenten contact met personen die justitie als 'de toplaag van de criminele organisatie' beschouwt.

    Als uitvoerders fungeerde 'de Groep Alkmaar', bestaande uit vooral Turks-Nederlandse criminelen uit Alkmaar onder wie Ziya G., 'Pasja' en de neven Ali N. en Özgür C. Zij zouden worden aangestuurd door 'de negroïde personen', volgens justitie 'Jerry' B. en Patrick R.

    Om de voornoemde verdachten hing een hele groep Turkse Nederlanders en bijvoorbeeld de Rus Namik Abbasov die Willem Endstra hoogstwaarschijnlijk heeft doodgeschoten.

    Stempher haalt tal van ontmoetingen aan tussen 'Jerry' B. en/of Patrick R. met leden van 'de toplaag' van de groep, waarna B. en/of R. contact hebben met 'de Groep Alkmaar'.

    Ook Ali Akgün was geboren en getogen in Alkmaar. Ze stonden daar alledrie lang ingeschreven in dezelfde straat.

    Uit heimelijk opgenomen gesprekken in de gevangenis valt volgens Stempher 'af te leiden' dat Ali A. en zijn toenmalige vriendin spreken over Ali N. en Özgür C. als 'die mongolen' (zoals Akgüns vriendin ze noemt) van wie Ali A. de advocaten betaalt. Özgür C. krijgt dan bijstand van Ali Akgüns advocaat Nico Meijering. Als Ali Alkün met die andere Alkmaarse Turken in verband kan worden gebracht, geeft dat 'problemen'.

    Ook Özgür C. sprak meermaals met familie in de gevangenis en besprak Ali Akgün, die twee cellen verder had gezeten dan hem. Een zwager zei Özgür dat 'ze de link met De Neus (Willem Holleeder) niet kunnen leggen'.

    Broer Baris van Ali Akgün zou Özgür C. volgens een getuige 'beschermen'.

    Na de liquidatie van Ali Akgün in december 2014 kreeg Murat K. uit 'de Groep Alkmaar' condoleances omdat Akgün 'een gabber' van Murat K. zou zijn geweest.

  6. Het driemanschap

    Terug van de koffiepauze geeft rechtbankvoorzitter Frank Wieland het woord aan officier van justitie Lars Stempher.

    Die memoreert dat Holleeder 'ook de afgelopen weken weer alles heeft ontkend' en dat hij 'vooral uit de buurt wil blijven van de uitvoeders van de liquidatie'. "Uitvoerders weten heel vaak niet wie de opdrachtgever is. Dat is naar onze stellige overtuiging de realiteit in het criminele milieu."

    Stempher schetst de 'criminele organisatie' die bij de moord op Endstra betrokken was.

    'Het driemanschap' van Holleeder en criminelen Stanley Hillis en Dino Soerel gaf volgens een lange reeks getuigen opdrachten voor liquidaties.

    Lees ook: Holleeder: 'Soerel betrokken bij afpersen Endstra'

    De Turkse Nederlander Ziya G., 'Pasja', zou ook over dat trio hebben gesproken met getuige Hidir Korkmaz. "Zij besloten uiteindelijk samen. Als ik de naam Dino 150 keer heb gehoord, heb ik de naam Holleeder 140 keer gehoord. Zij hadden vijftig mensen om zich heen die moorden konden uitvoeren."

    Willem Endstra noemde de drie natuurlijk als zijn probleem. Kroongetuige Fred Ros: "Als je van Willem (Holleeder) een vijand bent, ben je automatisch ook van Dino (Soerel) een vijand."

    'Dino is leidend', zei Ros, op wiens verklaringen Soerel inmiddels tot levenslang is veroordeeld voor het geven van de opdrachten voor de moorden op handelaar in hasj en vastgoed Kees Houtman en de criminele kroegbaas Thomas van der Bijl – moorden waarvan ook Holleeder wordt verdacht.

    Kroongetuige Peter la Serpe noemde Dinoe Soerel en Willem Holleeder 'grote ego's' die niet echt een baas boven zich duldden. Het gerechtshof in de zaak liquidatiezaak Passage veroordeelde Soerel als leider van de criminele organisatie die liquidaties liet plegen.

    Ook Stanley Hillis is vaak door getuigen genoemd als figuur die met Soerel en Holleeder samenwerkte als hem dat zo uitkwam.

    Stempher wijst op het oordeel van het gerechtshof in Passage 'dat volstaan kan worden met de momenten waarop er contact tussen Soerel en Holleeder is geweest'.

    Uit de brief van Holleeder aan misdaadjournalist Peter R. de Vries blijkt volgens Stempher ook op meerdere plekken van 'een driemanschap' van Dino Soerel, Stanley Hillis en Holleeder.

    Stempher: "Tegen het driemanschap Soerel, Hillis en Holleeder dient (de inmiddels geliquideerde) Ali Akgün worden gepositioneerd." Dat blijkt vooral uit de verklaringen van een reeks getuigen. Akgün werd in de zaak Passage als 'moordmakelaar' vervolgd, maar werd na meer dan drie jaar in de Extra Beveiligde Inrichting in Vught vrijgelaten en vermoord. Volgens een getuige was hij meteen na zijn vrijlating 'alweer tekeer gegaan' met het aanjagen van moorden.

    Stempher: "Ook Donald Groen willen we niet onbesproken laten." Groen is door observatieteams geregeld gezien met Stanley Hillis, Dino Soerel en Willem Holleeder. "Vastgesteld kan worden dat Holleeder contact had met Soerel, Hillis, Akgün en Donald Groen.

  7. Drugshandelaar Korkmaz

    Tammes bespreekt de Turks-Nederlandse drugshandelaar Hidir Korkmaz die vele getuigenissen aflegde. Die is door advocaten van Holleeders mede-verdachten 'tot op de grond toe afgebrand'.

    De inmiddels door een bizar visongeluk overleden Korkmaz kon door zijn karakter niet anders dan wijdlopig spreken en werd daar door de advocaten voortdurend op gepakt. "Natuurlijk zitten in zijn verklaringen inconsistenties, maar dat is ons inziens geen reden ze in de vuilnisbak te kieperen."

    Korkmaz heeft verklaard dat Dino Soerel en Willem Holleeder de opdrachtgevers waren voor de moord op Endstra. "Voor mij zijn zij één." Die 'wetenschap' had Korkmaz van de groep Turks-Nederlandse criminelen met wie hij toentertijd was bevriend.

    Een gewezen bodyguard van de op 2 november 2005 geliquideerde handelaar in hasj en vastgoed Kees Houtman zegt dat hij te horen kreeg dat hij niet met Endstra moest omgaan 'want die gaat om'. Tammes: "Om gaan is in dit verband geliquideerd worden."

    Na deze bespreking van alle getuigen die zeggen dat Willem Holleeder Endstra liet vermoorden (of zou laten vermoorden) is het tijd voor pauze. De rechtbank schorst tot kwart over elf.

  8. Broer Haico Endstra zegt dat Willem Endstra hem uitvoerig vertelde over zijn wanhoop om de afpersing door Holleeder en de liquidatie die hij vreesde. "Er moesten flinke sommen betaald worden om hem in leven te houden." Ook tegen Haico zei Willem Endstra steeds dat 'Willem (Holleeder) er achter zou zitten als hem wat werd aangedaan'.

    Ex-advocaat en goede vriend van Endstra Bram Zeegers, na malversaties uit zijn ambt gezet, kreeg eind 2003 van Endstra te horen 'dat het zijn laatste kerst zou zijn'.

    Tammes: "Uit al deze verklaringen komt de vrees van Willem Endstra dat verdachte hem zou laten vermoorden onverbloemd naar voren."

    Endstra liet ook schriftelijke stukken achter bij onder meer een notaris, waarin hij beschreef dat Holleeder hem zou laten vermoorden.

  9. Achterbankgesprekken

    Nu bespreekt officier Tammes 'de achterbankgesprekken' van Willem Endstra met de recherche.

    Namens Willem Holleeder is in zijn hoger beroep al betoogd dat Endstra in een bondje met crimineel John Mieremet opzettelijk Holleeder beschuldigde van alles dat Mieremet had gedaan.

    Tammes: "Die in-de-plaatsstelling die Holleeder ook nu weer aanvoert, heeft het gerechtshof gepasseerd. Het Hof heeft vastgesteld dat 'behoedzaam' met de achterbankgesprekken moest worden omgegaan, maar heeft ze wel gebruikt."

    Endstra herhaalde in de achterbankgesprekken steeds dat Holleeder hem steeds kort tevoren op de hoogte stelde van liquidaties die zouden worden gepleegd ('Ken je die en die? Nou, blijf dan maar bij hem uit de buurt').

    Endstra werd doodsbang van Holleeder. Die zou hem steeds hebben toegevoegd: 'Het is helemaal afgelopen met jou'. Endstra zei steeds dat hij 'er aan zou gaan'.

    Tammes: "Natuurlijk had Endstra geen glazen bol waarin hij zijn eigen dood kon zien, maar zijn verklaringen passen precies bij de verklaringen van de andere getuigen over Holleeders plan hem te vermoorden."

    Een vriendin die Endstra de laatste dagen voor zijn dood had, vertelde dat Endstra haar had verteld dat hij op een dodenlijst stond en dat het niet goed zou aflopen.

    Een andere partner van Endstra, Anita Schuts, vertelde dat Holleeder haar meermaals zei: "Als ik straks op de grond lig, heeft Endstra het gedaan."

    Zus Beatrix Endstra vertelde Willem Endstra ook dat 'verdachte er achter zou zitten' als hem wat zou overkomen. Endstra 'zat klem'. Beatrix Endstra: "Hij zei: 'Als er wat gebeurt, is hij het'. Dat heeft hij (Willem Endstra) meerdere keren gezegd." Ook 'de kinderen liepen groot gevaar', zei Willem Endstra.

  10. Volgens Astrid ging Holleeder na de liquidatie naar Endstra's familie om de schijn op te houden dat hij niet met de moord te maken had. Ook op heimelijke, door Astrid opgenomen, gesprekken met Holleeder lijkt hij te bekennen dat hij Endstra heeft laten vermoorden.

    Ex-Sandra den Hartog zegt dat Holleeder vooraf steeds riep dat 'die kankerhond er aan moest'. In de dagen voor de moord moest Sandra 'maar naar Parijs gaan'. Dat kon niet. Daarom ging Holleeder maar met zijn andere vriendin Maike Dijkhuis naar Parijs – justitie denkt dat hij dat deed om een alibi te hebben. Daarna steunde hij de familie Endstra, uit strategische overwegingen.