Plus

Politie volgde advocaten in klopjacht op Taghi, advocatuur woedend

Advocaat Nico Meijering arriveert bij de extra beveiligde gerechtsbunker in Amsterdam-Osdorp voor een zitting van het Marengo-proces.Beeld ANP

In de jacht op de toen nog voortvluchtige topcrimineel Ridouan Taghi heeft de politie advocaten Nico Meijering en Leon van Kleef gevolgd op Schiphol en in Dubai. Advocaten zijn woedend over de observaties en zeggen dat de politie hen hiermee ernstig in gevaar brengt.

Terwijl Ridouan Taghi zich schuilhield in de oliestaat Dubai, ontving de politie in juni 2019 een tip dat advocaat Nico Meijering hem daar hoogstwaarschijnlijk zou ontmoeten. De politie nam daarop de ongebruikelijke beslissing de Amsterdamse advocaat te volgen.

Tijdens een observatie op Schiphol zag de politie dat Meijering samen met zijn kantoorgenoot Leon van Kleef op 19 juni 2019 het vliegtuig nam naar Dubai. Daar werden de advocaten door lokale rechercheurs gevolgd. Die rapporteerden aan Nederland dat Meijering en Van Kleef niet afspraken met Taghi, maar met hun eigen cliënt Khalid J. De operatie leverde niets op.

De twee advocaten zijn ontsteld dat de politie ze heeft geschaduwd. “Het is het zoveelste symptoom van een ernstig overspannen rechtstaat waarin advocaten moeten functioneren,” zegt Nico Meijering, die spreekt van een ‘losgeslagen opsporings- en vervolgingsapparaat’. Volgens hem worden advocaten in gevaar gebracht door observaties. “Een eventuele arrestatie die daaruit volgt, zou immers gemakkelijk verkeerd kunnen worden uitgelegd.”

Ook de Nederlandse Orde van Advocaten (Nova) en Vereniging van Strafrechtadvocaten (NVSA) vinden het volgen van advocaten zorgelijk. “Het kan de veiligheid van advocaten ernstig in gevaar brengen,” aldus Petra van Kampen namens de Nova.

‘Volledige openheid’ 

“Een advocaat mag in de uitoefening van zijn werk nooit worden geobserveerd, omdat hij anders zijn werk niet vrijelijk kan doen,” zegt NVSA-bestuurslid Geertjan van Oosten. Omdat het Openbaar Ministerie (OM) niets van de politie-actie in het strafdossier van Marengo heeft opgenomen, vreest de NVSA dat er meer opsporingshandelingen tegen advocaten zijn gepleegd. De vereniging eist volledige openheid van het College van Procureurs Generaal ‘en de garantie dat dit nooit meer zal gebeuren’.

De ongebruikelijke opsporingsmethode is niet vooraf voorgelegd aan het College van Procureurs Generaal, meldt het OM in een reactie. Volgens het OM was dat niet nodig, omdat Meijering en Van Kleef niet de advocaat zijn van Taghi. “Door hen te observeren zou daarom geen inbreuk worden gemaakt op de vertrouwelijke relatie van een advocaat met zijn cliënt.” Volgens het OM had de jacht op Taghi topprioriteit, onder meer omdat de angst bestond dat hij meer moorden zou plegen.

Advocaten Nico Meijering (l) en Christian Flokstra (r) arriveren bij de extra beveiligde rechtbank op Schiphol voor een zitting in het grote liquidatieproces Marengo. De zaak draait om een reeks liquidaties die in opdracht van Taghi zouden zijn uitgevoerd.Beeld Hollandse Hoogte / ANP

Reconstructie

Lees hieronder in de reconstructie hoe de politie de advocaten tot in Dubai schaduwde. In de klopjacht op de toen nog voortvluchtige Ridouan Taghi ontving de geheime dienst van de politie in juni 2019 een opmerkelijke tip: advocaat Nico Meijering zou naar Dubai vliegen om Taghi te ontmoeten. Het is de start van een hoogst ongebruikelijke politieoperatie. 

Maart 2018. De moord op Reduan B. komt als een schok voor Nederland. Een week nadat het OM Nabil B. als kroongetuige heeft gepresenteerd in het liquidatieproces Marengo, wordt zijn onschuldige broer overrompeld door een huurmoordenaar. De brute moord is tegelijk een oorlogsverklaring aan de Nederlandse politie. Die heeft maar één verdachte op het oog: de voortvluchtige Ridouan Taghi, over wie Nabil B. tientallen belastende verklaringen heeft afgelegd.

Vanaf dat moment is Taghi staatsvijand nummer één, die koste wat kost gepakt moet worden.

Bakens verzet

Met een lange liquidatiereeks heeft Ridouan Taghi volgens het OM de bakens in de onderwereld verzet. Hij wordt inmiddels verdacht van zes onderwereldmoorden en nog een aantal mislukte moordpogingen. De achtergrond van deze bloeddorst is een flinke machtsstrijd in de internationale cocaïnehandel.

Taghi, in 1977 geboren in Marokko maar als kind met zijn gezin verhuisd naar het Utrechtse Vianen, groeit aan het begin van dit decennium uit tot een van de grotere cocaïnehandelaren. Dat alles buiten het zicht van politie en justitie. Tot enkele jaren geleden is Taghi een totale onbekende voor de opsporingsdiensten.

Vanaf 2015 komt Taghi langzaamaan steeds duidelijker in beeld van de recherche, onder meer door getuigenissen. In 2016 publiceert misdaadblogger Martin Kok zijn naam voor het eerst op internet. Begin 2017 loopt kroongetuige Nabil B. uit de organisatie van Taghi over naar justitie. In maart 2018 wordt hij gepresenteerd als kroongetuige en worden Ridouan Taghi en zijn rechterhand Saïd Razzouki in één klap uit de anonimiteit gehaald. Zij worden, mede op basis van de tientallen verklaringen van B., op de internationale opsporingslijst geplaatst.

De maatschappelijke verontwaardiging over de moord op Reduan B. zet het politieteam dat op Taghi jaagt onder grote druk. Taghi, en in diens kielzog Saïd Razzouki, móeten worden opgespoord. Maar waar verschuilt de topcrimineel zich? Bij het OM is bekend is dat hij zich in 2009 heeft laten uitschrijven bij de burgerlijke stand, met als reden dat hij zich in Marokko zou vestigen. Veel informatie komt uit honderdduizenden chatberichten die de politie heeft kunnen ontsleutelen. Al snel komen er locaties in beeld, zoals een villa aan de Marokkaanse kust bij Cabo Negro, in de buurt van de kuststad Tétouan.

Naarmate het onderzoek vordert, komt steeds nadrukkelijker Dubai in het vizier. Het schiereiland in de Perzische Golf is de afgelopen jaren uitgegroeid tot een luxe toevluchtsoord voor criminelen. Het klimaat is er goed, de oliedollars klotsen er tegen de plinten en belangrijker nog: het emiraat kent geen uitleveringsverdrag met Nederland. Door de informatie uit de chatgesprekken, maar ook door afgeluisterde telefoongesprekken van Taghi’s familieleden, is de politie ervan overtuigd dat Taghi zich in de oliestaat schuilhoudt. De grote vraag blijft: waar precíes?

Een impressie van Ridouan Taghi. Beeld Hollandse Hoogte / ANP

Top van de misdaadwereld

Taghi is niet de enige man in Dubai die wordt geassocieerd met de top van de drugshandel. De Amerikaanse opsporingsdienst DEA rapporteert in 2017 over het huwelijk van Daniel Kinahan, de zoon van een van Europa’s grootste drugshandelaren ooit. Van Daniel wordt aangenomen dat hij de organisatie van zijn vader Chrissy heeft overgenomen. In het exclusieve hotel Burj Al Arab zien de DEA-agenten dat de top van de misdaadwereld bij het aansnijden van de taart aanwezig is. Onder hen ook de voortvluchtige Italiaan Raffaele Imperiale, die eerder fortuin maakte in Amsterdam.

Diezelfde DEA meldt later aan de Nederlandse politie dat Kinahan, Imperiale en Ridouan Taghi samenwerken aan drugstransporten. Een politiebron bevestigt in 2019 aan deze site dat in de jacht op Taghi alle vingers wijzen naar Dubai. “Taghi zit daar met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid, maar Dubai beweert zelf van niet.”

Daarom aast de politie op bewijs dat Taghi in de oliestaat verblijft. Liefst een foto van Taghi, als hij zich in een van de luxueuze hotels, bordelen of bars in de stad laat zien. Dat kan de politie in Dubai dusdanig onder druk zetten dat ze wel moet meewerken aan zijn arrestatie.

Op 18 juni 2019 ontvangt het TCI, de geheime dienst van de Nederlandse politie, een belangrijke tip. De Amsterdamse strafpleiter Nico Meijering zou in juni 2019 naar Dubai reizen om daar Taghi te ontmoeten. Meijering is niet de advocaat van Taghi, maar staat samen met een aantal kantoorgenoten verschillende verdachten in het Marengoproces bij.

Voor de politie is het een uitgelezen kans om Taghi in het vizier te krijgen, maar het volgen van een advocaat is omstreden. Het tast de vertrouwelijke relatie aan tussen advocaat en cliënt. Toch neemt de politie deze uitzonderlijke stap. Een bron zegt daarover: “Alles is uit de kast getrokken. Alles was geoorloofd in de jacht op Taghi.”

De politie vraagt vluchtgegevens op en stelt vast dat Meijering een ticket heeft geboekt. Een dag later staan observanten van de Nederlandse politie op luchthaven Schiphol klaar om Meijering te schaduwen. Meijering blijkt niet alleen te zijn, zijn kantoorgenoot Leon van Kleef vergezelt hem. De Nederlandse politie geeft de informatie door aan de politie in het emiraat, met het verzoek de twee te volgen en hun ontmoetingen vast te leggen.

Met behulp van de lokale politie in Dubai worden Meijering en Van Kleef geobserveerd als zij in een hotellobby gesprekken voeren. Maar Taghi komt niet opdagen. Wel zien de agenten dat de advocaten een ontmoeting hebben met iemand anders: de Amsterdamse crimineel Khalid J., die door de politie tot Taghi’s netwerk wordt gerekend. Khalid J. is een klant van het kantoor van de twee advocaten.

In zijn Amsterdamse advocatenkantoor reageren Nico Meijering en Van Kleef geschrokken op de informatie die deze site hen voorhoudt. “Ik ben inderdaad in Dubai geweest en heb daar besprekingen gehad met cliënten. Mijn verblijf in Dubai stond overigens in geen enkele relatie tot de heer Taghi,” zegt Meijering.

‘Overspannen rechtsstaat’

De advocaat is zeer ontzet over de politieacties. “Het is het zoveelste symptoom van een ernstig overspannen rechtstaat waarin advocaten moeten functioneren en van een losgeslagen opsporings- en vervolgingsapparaat. Het past ook volledig bij de georkestreerde aanvallen die het OM de afgelopen twee weken zowel binnen als buiten de rechtszaal heeft uitgevoerd op de integriteit van diverse advocaten, waaronder mijzelf en advocaten van mijn kantoor. Ons functioneren wordt daardoor in ernstige mate belemmerd.”

Daarmee refereert Meijering aan een proces-verbaal dat door het OM in het Marengo-dossier is gevoegd, waarin het concludeert dat advocaten in 2015 geheime onderzoeksinformatie hebben gelekt aan Taghi. Een aantal advocaten van Meijerings kantoor wordt in dit document met naam en toenaam genoemd.

Meijering vindt dat met het volgen van zijn persoon een grens is overschreden. “De rechtsstatelijke noodzaak om advocaten in vrijheid hun werk te laten doen wordt steeds meer met voeten getreden. Naast het belemmeren van advocaten in hun functioneren worden zij ook meer en meer aan ernstige veiligheidsrisico’s blootgesteld. Het schaduwen van een advocaat teneinde uit te kunnen komen bij een gezochte verdachte is er slechts één. Eventuele arrestatie zou immers gemakkelijk verkeerd kunnen worden uitgelegd.”

‘Geen inbreuk’

Het OM geeft in een reactie toe dat de advocaten Meijering en Van Kleef heimelijk zijn gevolgd. Volgens het OM mocht dat omdat zij niet de advocaten waren van Taghi. “Door hen te observeren zou daarom geen inbreuk worden gemaakt op de vertrouwelijke relatie van een advocaat met zijn cliënt. Taghi werd in deze fase van het Marengo-proces al vertegenwoordigd door zijn huidige advocaat.”

Desgevraagd zegt het OM ook dat er geen speciale toestemming is gevraagd aan het College van procureurs-generaal, omdat Van Kleef en Meijering op het moment van hun reis ‘dezelfde positie hadden als elke andere burger in Nederland’. Volgens het OM heeft het volgen van de advocaten niet geleid tot het vaststellen van een ontmoeting of het vinden van de verblijfplaats van Taghi. Het OM heeft, nadat deze site vragen is gaan stellen, de advocaten geïnformeerd over de werkwijze.

Meijering: “Dit standpunt onderstreept nog maar eens dat er binnen onderdelen van het OM geen enkel respect meer is voor de rol, functie en betekenis van een advocaat in onze rechtstaat. Het OM kan niet van tevoren bepalen of er sprake is van contacten die plaatsvinden in mijn hoedanigheid van advocaat.”

Hoogleraar rechtspsychologie Peter van Koppen noemt het volgen van advocaten bizar. Of het ook strafrechtelijk verwijtbaar is, durft hij niet meteen te zeggen. “Dit is een lastige. Maar het schuurt zeker. Dit is op de grens, óf erover. Het zou verstandig zijn als een rechter zich hierover uitspreekt.”

Dat het belang om Taghi te vinden groot was, vindt Van Koppen geen argument om de grenzen van de wet op te zoeken. “Juist staatsvijand nummer één heeft recht op bescherming die de wet hem biedt. Anders kun je zo iemand meteen zonder proces de gevangenis in gooien. Ook voor hem, nee júist voor hem, gelden de regels van de rechtsstaat.”

Reactie Inez Weski, advocaat Ridouan Taghi 

“Ik hoor dit voor het eerst. Hierover is door het OM ook niets vastgelegd in processen-verbaal die aan de verdediging zijn overhandigd. Het tekent dat grenzen niet meer bestaan voor het OM en dat alles is toegestaan. Ik schrik eerlijk gezegd niet eens meer van deze werkwijze, en dat is misschien nog wel het ergste.”

Reactie advocaat Nico Meijering

“De rechtstatelijke noodzaak om advocaten in vrijheid hun werk te laten doen wordt steeds meer met voeten getreden. Naast het belemmeren van advocaten in hun functioneren worden zij ook meer en meer aan ernstige veiligheidsrisico’s blootgesteld. Van de vele voorbeelden is het schaduwen van een advocaat teneinde uit te kunnen komen bij een gezochte verdachte er slechts één. Eventuele arrestatie zou immers gemakkelijk verkeerd kunnen worden uitgelegd.

Niet alleen de uitvoerende macht is debet aan deze misstanden. De uitvoerende macht pakt immers sinds mensenheugenis de ruimte die gelaten wordt door de rechterlijke macht en de politiek. Het laat zich raden dat het onderhavige schaduw-incident nog slechts het topje van de ijsberg is en de onderste steen zal dus boven moeten komen. Uiteraard zullen wij daartoe zelf actie ondernemen, maar ik roep ook de politiek op hier nu in te grijpen. 

Na de gewelddadige dood van collega Derk Wiersum zijn mooie woorden gesproken door hoogwaardigheidsbekleders. In een gezamenlijke uitspraak van de rechterlijke macht, OM en advocatuur werd benadrukt dat het van groot belang is dat advocaten, officieren en rechters hun werk in alle vrijheid en veiligheid kunnen doen. Volgens de minister-president zou dat de norm zijn en zou dat de norm moeten blijven. Onderzoek zal moeten uitwijzen of die norm voor álle advocaten geldt.”

Reactie Geertjan van Oosten van de Nederlandse Vereniging van Strafrechtadvocaten

“De reactie van het OM dat zij deze advocaten zelf mochten volgen en mochten laten volgen in Dubai omdat Ridouan Taghi niet hun cliënt zou zijn, is juridische onzin. Een advocaat mag in de uitoefening van zijn werk nooit worden geobserveerd, omdat hij anders zijn werk niet vrijelijk kan doen. Alle werkzaamheden van een advocaat vallen namelijk onder het verschoningsrecht.

Het feit dat het OM hierover geen proces-verbaal aan de strafdossiers heeft toegevoegd is ook bijzonder ernstig, omdat de rechter dan niet wordt geïnformeerd over de inzet van zeer verregaande opsporingsmethodes en wordt voorkomen dat de rechter de rechtmatigheid daarvan kan beoordelen. Dat, in samenhang met de omstandigheid dat het OM de desbetreffende advocaten pas heeft geïnformeerd nadat bekend was geworden dat er een artikel over zou worden gepubliceerd, doet ernstig vermoeden dat het OM wel weet dat dit niet geoorloofd is. Bij dat alles komt dat het OM advocaten hierdoor in ernstig gevaar kan brengen, omdat zij hen ongewenst betrekt in de zoektocht en mogelijk zelfs arrestatie van een verdachte.

Gezien dit alles vrezen wij dat er sprake is van meer van dergelijke opsporingshandelingen jegens advocaten waarover geen verantwoording is afgelegd. De NVSA zal dan ook contact opnemen met de top van het OM, te weten het College van Procureurs-Generaal. Wij wensen volledige openheid over deze kwestie en mogelijke vergelijkbare incidenten en de garantie dat dit niet meer zal gebeuren.’’

Reactie Openbaar Ministerie:

“Medio 2019 was de opsporing van Ridouan Taghi, hoofdverdachte in het Marengo-proces, in volle gang. Hij stond op de Nationale Opsporingslijst en was de meest gezochte verdachte voor de Nederlandse politie en justitie.

Het achterhalen van zijn verblijfplaats en zijn aanhouding hadden de hoogste prioriteit, gelet op de zeer ernstige verdenkingen tegen hem. Hij wordt verantwoordelijk gehouden voor het geven van opdracht tot een groot aantal liquidaties. Voor informatie die zou leiden tot zijn aanhouding was een uitzonderlijk hoge beloning van 100.000 euro uitgeloofd. Bovendien ging een ernstige dreiging van Taghi uit die zou kunnen leiden tot nieuwe moordopdrachten.

Op 18 juni 2019 ontving het politieteam dat de zoektocht naar Taghi uitvoerde van het Team Criminele Inlichtingen (TCI) informatie, die mogelijk zou kunnen leiden tot het achterhalen van de verblijfplaats van Taghi. Volgens deze informatie zou hoogstwaarschijnlijk in Dubai een ontmoeting plaatsvinden tussen advocaat Meijering en Taghi.

Om deze informatie te verifiëren is destijds besloten tot het opvragen van vluchtgegevens en een kortdurende observatie van Meijering op Schiphol om vast te stellen of hij naar Dubai zou vertrekken. Ook is een verzoek gedaan aan de politie in Dubai om hem na aankomst te volgen. In deze beslissing gaf de doorslag dat Meijering niet de advocaat was van Taghi.

Dat gold ook voor zijn kantoorgenoot Van Kleef, die hem op 19 juni bleek te vergezellen op de vlucht naar Dubai. Door hen te observeren zou daarom geen inbreuk worden gemaakt op de vertrouwelijke relatie van een advocaat met zijn cliënt. Taghi werd in deze fase van het Marengo-proces al vertegenwoordigd door zijn huidige advocaat.

De observatie van beide advocaten in Dubai leidde overigens niet tot het vaststellen van een ontmoeting met Taghi of het achterhalen van diens verblijfplaats.

De betrokken advocaten zijn donderdag door het OM geïnformeerd over de observatie in juni 2019.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden