Plus

Philip Mechanicus was verslaggever vanuit het kamp

De herziene editie van het boek Buigen Onder de Storm van Koert Broersma bevat nieuwe informatie over de Amsterdamse journalist Philip Mechanicus, die vanuit Westerbork nauwgezet het kampleven beschreef.

Philip Mechanicus Beeld /

Philip Mechanicus (1889-1944), journalist van het Algemeen Handelsblad, tekende in kamp Westerbork in schriftjes nauwgezet het dagelijks leven in het kamp op. Mechanicus sprak met gevangenen en werkte zijn notities uit in zijn barak, op zijn stapelbed, driehoog.

Dertien schriftjes zijn bewaard gebleven. Op zaterdag 29 mei 1943 noteert hij: 'Ik heb het gevoel alsof ik als officieel reporter een schipbreuk versla. Wij zitten samen in een cycloon, voelen langzaam het lekgeslagen schip zinken.'

Het was zijn overlevingsstrategie, zei een oud-Handelsbladcollega die ook in Westerbork had gezeten. De dagboekaantekeningen, geschreven tussen 28 mei 1943 en 28 februari 1944, werden in 1964 als boek postuum uitgegeven. Het kreeg de titel In dépôt.

Goederen in depot
'Hij vergeleek de in Westerbork ondergebrachte Joden met 'goederen', die tijdelijk in depot opgeslagen zijn, in afwachting van hun transport naar elders,' schrijft Koert Broersma (64) in zijn boek Buigen Onder de Storm over Philip Mechanicus.

De eerste editie van dit boek schreef Broersma in 1993 op verzoek van Herinneringscentrum Kamp Westerbork. Mechanicus' dagboek In dépôt was hiervoor een belangrijke bron.

Broersma: "Samen met de dagboeken van Anne Frank en Etty Hillesum behoort In dépôt tot de drie mooiste egodocumenten uit die periode. Mechanicus' dagboek is echter altijd de grote onbekende gebleven. Het is zeer gedetailleerd en leest niet gemakkelijk weg. Er is ook nooit een vervolgstudie naar geweest."

Broersma besloot in 2015 opnieuw onderzoek te doen, na een ontmoeting met de Amsterdamse actrice Elisabeth Oets, kleindochter van Mechanicus, die een toneelvoorstelling over haar grootvader had gemaakt. Door de digitalisering van de archieven kreeg hij gemakkelijker en sneller toegang tot de documenten over Mechanicus. "Ik had mezelf drie vragen gesteld. Hoe is zijn arrestatie precies verlopen? Waar zijn de eerste twee, nooit opgedoken, schriftjes gebleven en heeft Mechanicus ook in zijn volgende kamp, Bergen-Belsen, dagboekaantekeningen gemaakt?"

Op straat aangehouden
Broersma vond in de archieven nieuwe informatie over onder meer Mechanicus' arrestatie in Amsterdam, zijn mishandelingen in kamp Amersfoort, de ontmoetingen met schrijfster Etty Hillesum en de bronnen en informanten in Westerbork die de journalist goed op de hoogte hielden.

Mechanicus, zo ontdekte hij, was niet op 27 september 1942 opgepakt, maar drie dagen eerder. Hij was niet in de tram aangehouden, zoals men ooit dacht, maar midden op straat: in de Van Woustraat. Twee NSB'ers herkenden Mechanicus van gezicht en zagen dat hij geen ster droeg op zijn overjas. De foute politieagent Ritzer, die toevallig in de buurt was, werd door de NSB'ers gemaand de verslaggever te arresteren.

Broersma vond deze informatie in een verklaring van een politieagent die na de oorlog voor de Zuiveringscommissie van de Politie te Amsterdam getuigde tegen Ritzer. De collega-agent vertelde, aldus de verklaring in het Niod-archief, dat G.H. Ritzer, die in de oorlog bij het bureau Joodse Zaken werkzaam was, Mechanicus had gearresteerd.

Rond die tijd werden in Amsterdam grote razzia's gehouden en intensieve controles uitgevoerd. Het wemelde in die tijd in de stad van Duitsers, NSB'ers, rechercheurs en politieagenten. G.H. Ritzer was een van hen.

Mechanicus werd van politiebureau naar politiebureau gebracht, ging naar de Sicherheitsdienst in de Euterpestraat en zat een maand in het Huis van Bewaring aan de Amstelveenseweg. Hij deelde zijn cel met de Amsterdamse wethouder Monne de Miranda.

Uiteindelijk belandde hij in kamp Amersfoort, waar politiek gevangenen, verzetsstrijders, Engelandvaarders, communisten en predikanten en Joden zaten die op overtredingen waren betrapt.

De schriftjes waarin Mechanicus zijn waarnemingen noteerde. Beeld /

Dat Mechanicus verschrikkelijk is mishandeld in Amersfoort las Broersma terug in de dagboekaantekeningen van ziekenbroeder Ernest Frank, die in Westerbork een groep gemartelde gevangenen uit Amersfoort zag binnenkomen. Eén man noemde Frank bij naam: 'Philip Mechanicus, de buitenlandse correspondent van het Handelsblad. Als een veertje til ik deze amper 80 pond nog wegende mens in een apart bed in een aparte kamer, waar hij speciale verzorging zal krijgen.' "Al zijn vingers waren gebroken," aldus Broersma, die de aantekeningen van de broeder uit het archief van Herinnerings­centrum Kamp Westerbork opdiepte.

Etty Hillesum
In de nieuwe uitgave van zijn boek weidt Broersma ook uit over de ontmoetingen tussen Etty Hillesum en Mechanicus in juni 1943 in Westerbork. Hij beschrijft hoe ze samen door het kamp lopen, samen schrijven en elkaar voorlezen uit hun aantekeningen. "Ze hadden meer contact dan eerder werd aangenomen. Hillesum was employee van de Joodsche Raad en bleek Mechanicus van een transportlijst naar Auschwitz te hebben gehaald," zegt Broersma.

Mechanicus beschikte voor zijn verslagen van het kampleven over goede bronnen en informanten. Hij wist details te melden over de samenstelling en de aantallen van de transporten en beschikte over informatie die voor de kampbewoners geheim moesten blijven. 'Hij moet een ingang bij de kampleiding hebben gehad,' schrijft Broersma.

Een andere ontdekking is dat Mechanicus' naam even op de lijst heeft gestaan van de zogeheten Barnevelders, een groep vooraanstaande, bekende Joden die op een beschermde lijst waren geplaatst. Deze groep werd in 1944 naar Theresienstadt gedeporteerd. Veel 'Barnevelders' keerden in de zomer van 1945 terug uit dit kamp. Mechanicus' naam werd om onverklaarbare redenen geschrapt. Hij ging op transport naar Bergen-Belsen en zeven maanden later van daaruit naar Auschwitz, waar hij is doodgeschoten.

Hoe zijn naam ooit op die lijst terechtkwam, heeft Broersma tijdens zijn nieuwe onderzoek niet kunnen ontdekken. "Misschien zaten oud-collega's van de krant erachter of zijn vriendin Annie Jonkman. Maar als hij erop was blijven staan, had hij mogelijk ook de oorlog overleefd. Hij heeft waarschijnlijk nooit geweten hoe dichtbij dat voor hem is geweest."

Dit is deel één van vier in een serie over de Tweede Wereldoorlog in de aanloop naar 4/5 mei.

Van knecht tot chef

Philip Mechanicus werd geboren op 17 april 1889 in de Amsterdamse Rapen­burgstraat 50, naast de Bewaarschool voor Israëlitische Minvermogenden. Hij was de eerste van acht zoons en kwam uit een straatarm gezin. Zijn vader raapte vodden en had een handeltje in lompen.

Philip was een uitblinker op school. Via zijn schoolmeester kreeg de 12-jarige een baantje als knechtje bij de expeditieafdeling van het socialistische dagblad Het Volk. Hij werkte zich op tot chef van de buitenland­redactie van het Algemeen Handelsblad.

In 1941 werd Mechanicus daar ontslagen. Een jaar later werd hij opgepakt en kwam hij via kamp Amersfoort in Westerbork terecht. Via Bergen-Belsen ging hij met 120 man op straftransport naar Auschwitz, waar de hele groep na aankomst werd
doodgeschoten. Mechanicus was toen 55.

In Westerbork schreef hij zijn dagboekaantekeningen over het kampleven, dat in 1964 in boekvorm verscheen, getiteld In Dépôt.

'Buigen Onder de Storm. Verslaggever tot in de dood 1889-1994' van Koert Broersma, uitgever Koninklijke Van ­Gorcum, €23,95.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden