PlusKlapstoel

Petra Sleven, directeur Vier Voeters: ‘Bij ons is het elke dag dierendag’

Petra Sleven (1964) is directeur van Vier Voeters, de Nederlandse afdeling van de internationale dierenwelzijnsorganisatie Four Paws. Eerder werkte ze voor de Stichting AAP, VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR, Artsen zonder Grenzen en KNGF Geleidehonden.

Petra Sleven op de Klapstoel.Beeld Harmen de Jong

Rivierenbuurt

“Ik had een leuke en rustige, beschermde jeugd. We woonden vlak bij de RAI, waarvan mijn vader adjunct-directeur was. Met mijn oudere zus heb ik gefietst en gerolschaatst in de lege hallen. En we bezochten natuurlijk de beurzen en tentoonstellingen, soms al van tevoren. Nu snap ik dat niet meer zo goed, maar als kind vond ik de Landbouwbeurs heel interessant; ik vond het leuk die tractoren en werktuigen te bekijken.”

Huisdieren

“Hadden we niet thuis, maar ik zorgde wel altijd voor de kat van de bovenburen. Die zat meer bij ons dan bij hen. Op vakantie gingen we meestal naar Zuid-Europa en op elke foto uit die tijd zie je mij met lokale zwerfhonden- en katten zitten. Mijn vader zal er een rol in hebben gespeeld dat zulke dieren niet meegingen naar huis. Met mijn moeder was ik ze altijd aan het voeren, we kookten zelfs vis voor ze.”

Dierendag

“Heel belangrijk, voor de hele wereld, dat er in elk geval één dag aandacht is voor dieren en hun welzijn. Bij Vier Voeters is het elke dag dierendag, dag in dag uit zijn we met ze bezig. Voor veel mensen betekent Dierendag dat ze hun eigen huisdier eens extra verwennen en vertroetelen. Dat is heel leuk natuurlijk, maar wij vragen vooral aandacht voor dieren die het minder goed hebben.”

Vier Voeters

”We zijn een internationale organisatie, in het Engels Four Paws en in het Duits Vier Pfoten, die zich inzet tegen dierenleed. We onthullen dat leed en treden er ook actief tegen op. We redden en beschermen dieren, door opvang in eigen reservaten bijvoorbeeld, maar ook door beïnvloeding van wetgeving en het gedrag van mensen. We hebben inmiddels kantoren in vijftien landen en zijn sterk groeiend.”

Heli Dungler

”De Oostenrijkse oprichter van Four Paws, begin dit jaar is hij overleden. Ik heb hem nog wel ontmoet. Mijn allerlaatste sollicitatiegesprek voor de functie van directeur van Vier Voeters had ik met hem. Hij nam heel kritisch mijn cv door, maar toen hij me na het gesprek aan zijn hond voorstelde, dacht ik: nou, dit zit wel goed. In Oostenrijk was hij echt een bekendheid, zijn dood kwam in het nieuws. In de jaren tachtig is hij met een kleine groep mensen begonnen met Vier Pfoten. Ze maakten naam met onder meer het redden van dans­beren in het voormalige Oostblok. In Duitsland en Oostenrijk is het de grootste dierenorganisatie. Hier nog niet, maar dat is wel mijn ambitie. Waarin we verschillen van de Dierenbescherming? Wij opereren internationaal en zetten ons ook in voor wilde dieren. We bekommeren ons om dieren die onder directe invloed staan van de mens, wat ook weer een andere insteek is dan die van het Wereld Natuur Fonds.”

Bio-industrie

“We pleiten voor betere omstandigheden en brengen het leed onder de aandacht. In Nederland is het nog wat minder, maar in andere landen voert Four Paws campagnes tegen de bio-industrie. In Duitsland is er bijvoorbeeld een grote actie samen met schoolkantines. Om scholieren bewust te maken dat ze ook iets anders kunnen eten dan vlees en dat als ze dat wel doen, ze ook kunnen kiezen voor vlees van dieren die wel een goed leven hebben gehad.”

Buddhi en Malu

“Mijn katten, die allebei uit het asiel komen. Hun namen zijn Indonesisch, ik heb veel romans gelezen die zich in het voormalige Nederlands-Indië afspelen. Buddhi betekent kereltje of karaktertje en dat is hij ook echt. Malu betekent verlegen of bedeesd meisje. In het asiel waar ik als vrijwilliger werkte, viel ik voor haar grote, bange ogen. Ze was mishandeld en verwaarloosd. Buddhi was oorspronkelijk van iemand die moest zitten. Toen hij naar de gevangenis ging, zei hij: ‘By the way, ik heb ook nog wat katten.’ In zijn slaapkamer bleek hij 31 rood-witte katten te hebben.”

Jordaan

“Ik heb in mijn hele leven in maar twee huizen gewoond. Eerst bij mijn ouders in de Rivierenbuurt dus, en toen ik op mijn achttiende ging studeren betrok ik een appartementje in de Jordaan waar ik nooit meer ben weggegaan. Ik ben echt verliefd geworden op de buurt, de bewoners, mijn buren, de winkels en kroegen, de markt... En ik een heb een heel klein dakterrasje, op zijn Amsterdams: een platje. Heel soms denk ik: moet ik niet eens ergens anders gaan wonen? Maar ik blijf er.”

Vegetariër

“Sinds ik achter in de twintig was. Ik was al heel lang aan het minderen met vlees eten en vroeger kookte mijn moeder ook al minstens een keer in de week vegetarisch. Naarmate ik meer te weten kwam over het dierenleed, werd de drang sterker er niet meer aan mee te doen. Het kost me geen moeite geen vlees te eten, ik ben alleen een heel enkele keer de fout in gegaan met bitterballen, maar daar is nu een goed alternatief voor: bietenballen. Mijn vrienden koken vegetarisch of zelfs veganistisch voor me. Ik neig steeds meer naar het veganisme, maar vind de melk in mijn cappuccino zo lekker. Amandelmelk, havermelk, ik heb het geprobeerd, maar dat smaakt toch anders.”

Borstkanker

“Een heel belangrijke periode in mijn leven, nu tien jaar geleden. Ik ben genezen en maak nu weer evenveel kans op borstkanker als iedere andere vrouw, wat nog een best grote kans is. Zoals iedereen dacht ik, heel cliché: dat overkomt me niet. Mensen in mijn omgeving zeiden bovendien: hoe kan dat nou, je eet altijd gezond? Gelukkig was ik er snel bij, ik heb wel alle behandelingen gehad: chemo, operatie, bestraling, hormoontherapie. Dankzij mijn grote held, de in borstkanker gespecialiseerde chirurg Emiel Rutgers, heb ik het overleefd. Ik ben er geen ander mens door geworden, maar het heeft me wel veel bewuster gemaakt. Ik geniet veel meer van – het klinkt vast ook weer heel cliché – kleine dingen. Na elke chemokuur ging ik met mijn zus aan de rosé, zulke momenten zijn zo belangrijk. Ik heb ook geleerd meer te vertrouwen op mijn intuïtie en eigen kracht.”

Honden- en kattenvlees

“Ja, dat wordt gegeten in Zuidoost-Azië. De dieren worden vaak op gruwelijke wijze geslacht. Wat ik eerst niet wist, is dat het niet zelden gaat om gestolen huisdieren. In Cambodja is het in één provincie inmiddels verboden hondenvlees te eten. We voeren vooral in Indonesië, Thailand en Vietnam actie tegen de handel in honden- en kattenvlees. Anders dan China zijn dat landen waar we denken op een redelijke termijn impact te kunnen maken en waar we ook regeringen mee kunnen krijgen. Ik weet het, het eten van hondenvlees komt vaak voort uit armoede en zit ook in de cultuur, maar er zijn ook daar inmiddels veel mensen tegen, zeker huisdiereneigenaren. Dit jaar hebben we twee hondenslachthuizen kunnen sluiten.”

Artis

“Als kind kwam ik er veel, we hadden een abonnement. Nu niet meer. Omdat ik het sowieso te druk heb, maar ook wel omdat ik dieren in gevangenschap lastig vind. Four Paws heeft dieren gered uit dierentuinen in bijvoorbeeld Gaza, Aleppo en Mosul, waar de omstandig­heden dramatisch waren. We hebben een heel groot reservaat in Zuid-Afrika, Lionsrock, waar grote katachtigen naartoe kunnen. Sommige dieren zijn er zo slecht aan toe dat ze niet meer de natuur in kunnen. In Friesland hebben we een opvangcentrum, Felida Big Cat Centre, waar zulke dieren speciale zorg krijgen; er verblijven een tijger en vier leeuwen uit dierentuinen in Albanië en Bulgarije.”

Nertsen

“Nederland staat door die nertsenfokkerijen in de top 3 van bontproducerende landen. Hoe dat kan? Omdat er geld mee valt te verdienen, veel geld. En omdat we het al die tijd maar hebben laten gebeuren. Gelukkig is nu de wet gewijzigd en zijn die fokkerijen vanaf 2024 verboden in Nederland. Vier Pfoten is ontstaan vanuit protest tegen de nertsenfokkerijen in Oostenrijk.”

Winstdeling

“Winstdeling? Oh, ik snap het. Een auto, telefoon en laptop van de zaak, een riant salaris plus winstdeling, ik had het allemaal toen ik nog in de uitzend- en detacheringsbranche werkte. Ik ben van huis uit jurist, maar al snel ging ik de commerciële kant op. Ik heb het tot mijn veertigste volgehouden. Toen kwam er dat moment: wat wil ik met de rest van mijn leven? Ik zat met raden van bestuur aan tafel, het ging alleen maar over aandelen en reciprociteit, en ik dacht: dit weet ik nou wel. Bij de stichting AAP, ook een dierenorganisatie maar dan vooral voor primaten, was ik al donateur en adoptieouder van een chimpansee. Toen ik er als vrijwilliger rondleidingen ging verzorgen, was ik snel verkocht: die kant wilde ik op. Mijn omgeving was verbaasd toen ik er hoofd fundraising en marketing werd, ik ging er in salaris nogal op achteruit, maar raar vonden ze het zeker niet, eerder interessant. Sindsdien werk ik voor goededoelenorganisaties. Waar dat vandaan komt? Uit het gevoel dat ik ertoe wil doen, denk ik. Ook al kan ik er maar een heel klein beetje aan bijdragen de wereld beter te maken, het is beter dan nietsdoen.”

Christon Kloosterboer

“Een songschrijver? Ik ken hem niet. Ik ben een heel gemiddelde muziekliefhebber. Ik was vroeger wel lid van de Abbafanclub. Bij playbackoptredens op school was ik altijd Frida, waarschijnlijk omdat ik ook donker haar heb. Eagle en Chiquitita vind ik hun mooiste nummers.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden