Oud-wethouder moet wooncoöperaties aanjagen

Initiatieven van burgers om een wooncoöperatie op te richten mislukken vaak. Amsterdam heeft oud-wethouder Maarten van Poelgeest gevraagd als 'aanjager' de impasse te doorbreken.

Maarten van Poelgeest Beeld ANP

Een huis bouwen en beheren is voor zowel kopers als huurders mogelijk. Woongroepen mogen sinds vier jaar een wooncoöperatie stichten waarvan ze eigenaar zijn en waarvan ze huren. Maar in de praktijk lukt het vaak niet.

"Toch moet het kunnen," zegt Maarten van Poelgeest, oud-wethouder Wonen in Amsterdam. "Veel burgers willen zo'n wooncoöperatie." Van Poelgeest is door het Amsterdams college, zo werd deze week bekend, gevraagd om als 'aanjager' de impasse te doorbreken.

Havenstraatterrein
Als oud-wethouder kent Van Poelgeest de vastgoedwereld. Ook weet hij veel van wooncoöperaties, een in Nederland onbekende woonvorm. De afgelopen drie jaar werkte hij mee aan het Actieprogramma Wooncoöperaties van kennisinstituut Platform31 en zag hoe moeizaam wooncoöperaties van de grond kwamen.

Twee jaar geleden gaf Amsterdam het startschot voor een proef met wooncoöperaties op het Archimedesplantsoen in de Watergraafsmeer, het Havenstraatterrein bij het Haarlemmermeerstation en het Centrum­eiland op IJburg. Amsterdam wilde op termijn grond beschikbaar stellen voor ruim tachtig coöperatieve huurwoningen.

Intussen lijkt alleen nieuwbouwproject De Warren op IJburg van de grond te komen. In Noord heeft de groep Copekcabana een coöperatie gesticht in de bestaande bouw, maar de huizen blijven eigendom van Ymere. Drie jaar geleden concludeerde de stichting OpMaat dat van de veertien landelijke initiatieven er nog niet één van de grond was gekomen.

Chinese muur
De belangstelling voor wooncoöperaties groeide toen ze in 2015 in de wet werden opgenomen. Dat was een initiatief van senator Adri Duivesteijn (PvdA), die wilde dat zeggenschap over wonen ook bij huurders terecht kon komen. De wet lag er, maar de coöpe­raties kwamen niet.

Van Poelgeest: "De Nederlandse wetten en regels waren daar niet op berekend. Er staat een Chinese muur tussen de sector van sociale huur­woningen en de marktsector."

Wooncoöperaties moeten volgens hem veel weerstanden overwinnen. "Gemeenten, corporaties en banken zijn deze woonvorm niet gewend. De bank kent geen huurders die collectief eigenaar zijn en ook een hypotheek willen. Daar hebben ze geen contracten voor.''

''Iedere betrokkene stelt daarom vragen. Als je niet oppast ben je zes jaar verder en bestaan de woningcoöperaties nog nauwelijks. En dan wordt deze woonvorm een niche. Weinig mensen zullen bereid zijn zes jaar van hun leven in zo'n project te stoppen."

Middensegment
Wel ziet Van Poelgeest voordelen voor Amsterdam. "Bij coöperaties kan beter dan bij beleggers worden vast­gelegd dat de huizen in het middensegment op termijn niet in de dure huur verdwijnen. Zo kan de gemeente lagere grondprijzen aanbieden."

Er zal volgens Van Poelgeest wel 'maatschappelijk geld' naar de coöperaties moeten. Anders kunnen huurders in de huidige woningmarkt hun project nooit financieren.

Van Poelgeest: "Op dit moment zit er een berg maatschappelijk geld bij corporaties. Straks heb je ook een bergje bij coöperaties. Zie het als het democratiseren van maatschappelijk kapitaal."

Hij gaat corporaties ook vragen of zij huizen willen afstoten voor woon­coöperaties.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden