Plus

Orgel Oude Kerk gerestaureerd en bespeelbaar

Het orgel van de Oude Kerk is gerestaureerd en wordt 11 mei voor het eerst weer bespeeld door componist Nicolás Jaar en Philip Glass. Zo is directeur Jacqueline Grandjean steeds op zoek naar de betekenis van de kerk voor toekomstige generaties.

Jacqueline Grandjean: 'Toen ik hier kwam, stond de kerk onder een glazen stolp.' Beeld Maarten Boswijk

'Het samenspel tussen kerk, erfgoed en hedendaagse kunst, daar zie ik enorme potentie in. Zeker in een stad als Amsterdam, waar zo veel erfgoed is waar we ons met elkaar van afvragen hoe we ons ertoe verhouden. Dat levert enorm interessante vragen op voor onze samenleving en voor kunstenaars."

Jacqueline Grandjean studeerde filmwetenschappen en kunstgeschiedenis en heeft daarna de Frankendael Foundation opgezet en omvangrijke tentoonstellingen gemaakt in het 18de-eeuwse Huize Frankendael. Toen ze in 2012 directeur werd van de Oude Kerk, ging ze direct op zoek naar een passende visie en naar de betekenis van de kerk voor toekomstige generaties. "Het is nog steeds een godshuis, er wordt elke zondag een dienst gehouden, maar dat zal wellicht niet tot in de eeuwigheid zo blijven. Is dan het alternatief dat je de deur maar openzet voor al die toeristen? Of ga je de diepte in?"

Interhistorisch
Na honderd dagen kijken en luisteren koos Grandjean voor de verdieping. "Zo'n kerkgebouw, zo'n monument, is een baken uit een tijd waaraan mensen veel van hun zekerheden en een belangrijk deel van hun identiteit ontlenen. Maar ik geloof ook in vooruitgang; hoe eng en onzeker de toekomst ook kan zijn, we moeten met elkaar vooruit durven te kijken. Het samenspel tussen erfgoed en kunst zorgt voor een nieuw perspectief; traditie en vernieuwing komen hier samen."

Haar manier van presenteren wordt inmiddels 'interhistorisch' genoemd. "Dat houdt in dat je de geschiedenis niet als een vaststaand feit accepteert, maar als iets levends. Iets waar je vandaag en in de toekomst iets aan kunt toevoegen en veranderen. In een tijd als de onze, waarin je als museum of culturele instelling wil streven naar meerstemmigheid, vind ik dat een heel interessant model. Je vindt hier eeuwen geschiedenis, maar staat die vast? Toen ik hier kwam, stond de kerk onder een glazen stolp; de Oude Kerk was de Oude Kerk en daar mocht niets aan veranderen. Fysiek is dat ook zo, grosso modo in ieder geval, maar qua betekenis natuurlijk niet. Het onderzoeken van die veranderende betekenis, daar gaat ons programma over."

Voelsprieten
Bijna iedere tentoonstelling die Grandjean heeft georganiseerd, kwam tot stand onder protest - van het enorme platform dat de Japanse kunstenaar Taturo Atzu plaatste op het dertig meter hoge dak van de monumentale, dertiende-eeuwse kerk tot het rode raam van de Italiaanse kunstenaar Giorgio Andreotta Calò in de Heilig Grafkapel. "Stedelijk-directeur Sandberg zei het al: kunstenaars zijn de voelsprieten van onze samenleving. Die vangen signalen op en verbeelden die en dat zorgt soms voor wrijving. Omdat ze aan een pijnpunt raken of iets benoemen waar we met z'n allen enorm mee zitten. Maar die wrijving zorgt ook voor inspiratie en discussie. Het maakt een museum relevant."

"Ik heb hier met Forum-politicus Annabel Nanninga naar het rode raam staan kijken. Zij vond het een heel extreme ingreep. Zij zag de betekenis niet of wilde die niet zien. En ze wilde het ook niet over kunst hebben. Dat maakt het moeilijk om verder te komen, want het gaat wél over kunst. Zij zei: 'Jacqueline, je gaat toch ook geen grafzerk rood schilderen?' Wij zijn het niet eens geworden, en toch was het een waardevol gesprek. Uit je bubbel komen gaat namelijk niet vanzelf. Door te proberen te begrijpen hoe zij denkt, verbreed ik ook mijn eigen perspectief. Dat is belangrijk op een plek waar verschillen elkaar ontmoeten."

De kracht van de Oude Kerk is, volgens Grandjean, dat ze links en rechts tegelijk is. "Er zijn maar weinig plekken waar uitersten elkaar ontmoeten. Het is niet alleen een ideologische kloof die we met elkaar moeten zien te dichten, in de Oude Kerk zie ik dat het ook om verschillende generaties, om geloof, culturele achtergrond en gender gaat. De magie van kunst is dat mensen er zelf iets van kunnen vinden. Je moet zelf gaan kijken en vervolgens vraag je je dingen af of voel je iets. Dat voelen mag ook best walging zijn. En daar kun je het vervolgens met anderen over hebben."

Rammelig en roestig
Ook de restauratie van het eeuwenoude Vater-Müllerorgel (1726/1742) zorgde voor gedoe.

"De Oude Kerk is al zeven eeuwen gedoe," lacht Grandjean. "Vanaf 1959 is er door verschillende deskundigen nagedacht over de restauratie van het orgel. De organist en musicoloog Gustav Leon­hardt wilde het oorspronkelijke geluid terugbrengen. Maar hoe klonk dat dan, want we hebben geen cd's uit die tijd. Anderen vonden dat de situatie zoals die was als uitgangspunt moest dienen voor de restauratie. Waarbij je moet weten dat de situatie rammelig en roestig was; het orgel hing met draadjes en plakband aan elkaar en was heel zwaar bespeelbaar."

Op een gegeven moment hadden alle deskundigen ruzie met elkaar, maar begin deze eeuw werd er dan toch consensus bereikt over de restauratie. "Maar toen moest het benodigde budget nog worden gevonden. In 2013 hadden we het geld bij elkaar, 1,3 miljoen euro. In 2014 is begonnen met de onderbouw van het orgel, daarna kwam het instrument zelf aan de beurt. Eerst het fysieke herstelwerk, daarna moesten er 4000 orgelpijpen hersteld en op klank worden gebracht - een heidens karwei. Voor het intoneren is stilte nodig, dus er kan pas mee worden begonnen als alle bezoekers zijn vertrokken."

Blobvormige kerk
Het gerestaureerde orgel wordt in gebruik genomen in het weekeinde van 11 en 12 mei. Het programma stelde Grandjean samen in samenwerking met Jacob Lekkerkerker, organist en muziekcurator van de Oude Kerk. "Jacob heeft ook naar de geschiedenis gekeken. Bijvoorbeeld naar componist en organist Jan Pieterszoon Sweelinck. Die is hier aan het einde van de 16de eeuw organist geweest. Hij experimenteerde echt op het orgel; hij bespeelde het niet alleen, hij bespeelde de hele ruimte. Hij noemde het zelf wandelconcerten; de kerkdeuren stonden open, waardoor mensen het orgel buiten konden hoorden. Eenmaal binnen bleven ze maar rondjes lopen. De grote omgang achter het koor leende zich uitstekend voor een wandeling door de kerk onder een praatje met de buurvrouw of buurman en het luisteren naar het orgel."

Het heeft te maken met de akoestiek in de kerk, expliceert Grandjean. "De meeste kerken zijn veel langer dan breed; daarin beweegt het geluid van het orgel lineair richting het koor. De Oude Kerk is een wat vreemde, blobvormige kerk, waarin het geluid zich circulair verplaatst. Zoals Jacob het zegt: er is hier niet één sweet spot, er zijn hier heel veel verschillende plekken waar je kunt staan. Sweelinck had die ruimtelijke kwaliteit al meegenomen in zijn wandelconcerten."

Kakofonie
Tijdens de kick-off wordt nieuwe (orgel)muziek gespeeld door de Chileens-Amerikaanse componist Nicolás Jaar en door Philip Glass. "De komende vijf jaar wordt er elk jaar een jonge, talentvolle musicus, componist of geluidskunstenaar uitgenodigd om een tijd in de Oude Kerk te verblijven en vanuit die ervaring een nieuwe compositie te maken. De eerste is Nicolás Jaar. Hij heeft intensief geluisterd, geluidsexperimenten gedaan en diverse opnames gemaakt. Momenteel is hij aan het mixen en monteren. Daar komt dan een nummer uit, Voula, vernoemd naar de plaats in Griekenland waar de organist met wie hij intensief heeft samengewerkt, vandaan komt. Die compositie gaat op 11 mei in première."

Samen met Lekkerkerker zocht Grandjean Philip Glass op in New York. "Rond zijn huis in East Village is het een kakofonie van geluid; er razen taxi's voorbij, ambulances... Maar toen we binnenkwamen, hoorden we in de gang ­direct zijn herkenbare repetitieve pianospel; hij zit iedere dag uren te oefenen en te componeren."

"Bij de thee zei hij dat hij graag het nummer Building wilde spelen. Ik had geen idee, maar de titel sprak me direct aan. Vervolgens legde hij uit dat het een stuk is uit Einstein on the Beach, de opera die hij in 1976 samen met Robert Wilson heeft gemaakt. Daar was een wit licht bij, vertelde Glass, dat in beweging kwam tijdens het nummer. Jacob en ik keken elkaar aan. Het kan niet waar zijn dat hij dit zegt, dachten wij, want wij waren al een jaar bezig met de Amsterdamse kunstenaars Children of the Light. Zij maken een nieuw lichtwerk: een lichtstreep van 25 meter."

"Toen wij Philip hadden uitgelegd hoe het licht beweegt, vroeg hij hoe lang het duurde. 'Zo'n beetje 16 minuten', antwoordden wij. Dat was wel een probleem, want Building duurt acht minuten, maar zei hij: 'Weet je wat, ik rek het zo op dat het precies past'."

Benefietconcert
Het doel van het benefietconcert op zaterdagavond is tweeledig: met de opbrengsten wordt niet alleen het concert op zondag gefinancierd ("We wilden de prijzen zo laag mogelijk houden zodat iedereen van het gerestaureerde orgel kan genieten"), maar ook meteen de residentie en de concertserie voor de komende vijf jaar. "Wat wij doen - kunstenaars hun ideeën helpen realiseren - betekent dat je ergens instapt waarvan je niet kunt overzien waar het zal eindigen. We willen op voorhand geen onnodige beperkingen opleggen; we willen de kunstenaars niet alleen letterlijk de ruimte geven, maar ook figuurlijk."

Bang dat er zaterdagavond opnieuw boze buurtbewoners voor de kerkdeuren staan, is Grandjean niet. "Veel mensen hebben het orgel echt gemist. De kerkgangers hebben het vijf jaar moeten doen met het transeptorgel, dat lang niet zo hemelschreiend klinkt als het grote orgel. En er wonen natuurlijk mensen aan de kerk vast; als alle registers weer opengaan, kunnen zij meedansen in hun woonkamer."

Playing the Cathedral

Zaterdag 11 mei, 18.00-22.45 uur
Tijdens een benefietdiner en -concert getiteld Playing the Cathedral bespeelt Philip Glass het gerestaureerde Vater-Müllerorgel, is er een lichtwerk te zien van de Amsterdamse kunstenaars Children of the Light en presenteert Nicolás Jaar Voula, de compositie die hij tijdens zijn residentie in de Oude Kerk heeft gemaakt. Artvark Saxophone Quartet en Leo van Doeselaar (organist Concertgebouw) spelen nieuwe bewerkingen van Sweelinck en Vivaldi.

Zondag 12 mei, 06.00-01.00 uur
Van zonsopgang tot ver na zonsondergang kan er in de Oude Kerk worden genoten van (orgel)muziek. Op het programma staan onder meer Philip Glass in samenwerking met het Nederlands Kamerkoor, de Amerikaanse sopraan Claron McFadden, Nicolás Jaar, James McVinnie (voormalig organist Westminster Abbey in Londen) en Leo van Doeselaar.

Kaarten verkrijgbaar via Playingthecathedral.org en Eventbrite.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden