PlusKlapstoel

Oprichter van de Black Heritage Tours: ‘Mijn geest is gedekolonialiseerd’

Jennifer Tosch.Beeld Harmen De Jong

Jennifer Tosch (1964) is oprichter van de Black Heritage Tours. Bij de grote antiracismedemonstratie op de Dam mocht ze begin deze maand als eerste de menigte toespreken.

New York

“Ik ben geboren in Brooklyn, toen de burgerrechtenbeweging op zijn hoogtepunt was. Ik kan me er weinig van herinneren, maar mijn moeder vertelde me later over de rellen, over Malcolm X en Martin Luther King. Ze was ­lerares op een openbare school, wat ze beschreef als de angstaanjagendste ervaring van haar leven. Het was een puinhoop, er was racisme en ongelijkheid alom. Mijn ouders zijn geboren in Suriname. Ze steunden de beweging, maar ze deden er niet actief aan mee. Ze hadden het gevoel dat ze als ‘immigranten’ niet het recht hadden hun mond open te doen.”

Berkeley

“Daar heb ik gestudeerd. Op mijn vijfde, na de scheiding van mijn ouders, verhuisde ik met mijn moeder naar San Francisco, het Fillmore District. Nu een hippe wijk, maar destijds vooral een zwarte en Japanse buurt met veel sociale woningbouw en hoge criminaliteit. Mijn moeder vond het te gevaarlijk voor mij om de straat op te gaan. Ik ging naar een particuliere school met vooral witte kinderen. Later verhuisden we naar de suburbs. Pas op de universiteit werd ik me bewust van mijn kleur.”

“Eerst volgde ik er de standaard­vakken, maar twintig jaar later kwam ik terug en ben ik meer lessen gaan volgen over zwarte geschiedenis. Er was een afdeling Nederlandse studies, waar ik leerde over Suriname en Nederland. Ik dacht: dit is geweldig, dit gaat over mij. Het was een dekolonialisering van mijn geest. In 2012 kreeg ik de kans om naar het buitenland te gaan.

Zo ben ik in Nederland terechtgekomen.”

Suriname

“Met haar Nederlandse accent dachten ze in Amerika altijd dat mijn moeder uit Jamaica kwam. Ze was de hele tijd bezig om uit te leggen dat niet alle zwarte mensen daarvandaan komen. Ze is geboren in Mariënburg en groeide op in Paramaribo. Cynthia McLeod was nog een van haar jeugdvriendinnen. Mijn vader is geboren in Paramaribo. Hij was tandtechnicus, zij was in 1948 een van de eerste leerlingen van de kweekschool in Nederland. Op Aruba hebben ze elkaar ontmoet. Mijn moeder is nooit meer teruggegaan naar Suriname. ”

“In 2013 ben ik er voor het eerst geweest. Ik ging voor het project Mapping Slavery NL, maar het was natuurlijk ook een kans om onderzoek te doen naar mijn eigen geschiedenis. Het was alsof ik thuiskwam. De kennismaking met mijn familie, de geuren, het landschap, de plaatsen waarover mijn moeder had verteld, het maakt me nog steeds emotioneel als ik eraan denk. ­Alle verhalen werden opeens werkelijkheid.”

Mackintosh

“De voorouders van mijn vader komen van plantage Leliëndaal. Mijn oudtante zei: als je in het archief gaat zoeken onder Tosch kom je niet ver. Je moet zoeken naar Mackintosh, want zo heette de eigenaar. Bij een lezing in Amsterdam maakte ik kennis met Gijs Stork, een nazaat van plantage-eigenaren in Suriname. Hij bleek een familie Mackintosh in Schotland te kennen en heeft ons aan elkaar voorgesteld. Ze lieten me hun familiewapen zien. Dat was hetzelfde als dat ik al had gevonden bij mijn familie.”

“De kennismaking was eerst ongemakkelijk, maar toen bleek dat we beiden niet met de ­vinger wilden wijzen, was het goed. We doen nu samen onderzoek naar onze geschiedenis. Er is een bloedlijn. Hun voorouder was de vader van een van mijn voorouders.”

Charles Schwab

“Een grote financiële dienstverlener in San Francisco. Ik werkte er in de reclame en marketing toen in 2008 de crisis uitbrak en ik werd ontslagen. Ik had een huis in Oakland, een huis in Las Vegas en twee auto’s, maar raakte vrijwel alles kwijt. Het was verkopen, verkopen, ver­kopen om het hoofd boven water te houden.

Ik moest mezelf heruitvinden en besloot terug te gaan naar de universiteit. Gelukkig voerde Obama net een wet door die het voor mij als herintreder mogelijk maakte een volledige beurs te krijgen, huisvesting op de campus en medische zorg voor mij en mijn dochter. Door corona is het nu weer crisis en moet ik mezelf opnieuw heruitvinden.”

Black Heritage Tours

“Het viel mij als buitenlandse student op dat er op de universiteiten nauwelijks werd gepraat over de gruweldaden van het kolonialisme. Het ging alleen over de glorie van de Gouden Eeuw en nooit over slavernij. Op zeker moment kreeg ik een kaartje van Amsterdam van het slavernijinstituut Ninsee met veertien locaties waar iets terug te vinden is van zwarte aanwezigheid en koloniale geschiedenis in de stad. Ik heb dat uit kunnen breiden tot 118 plekken. Er is zoveel te zien, als je het maar wilt zien. In 2013 heb ik een paar rederijen benaderd. Die zagen niets in een tour, op één na. Ze wilden me hun boot zelfs gratis geven om te kijken of het zou werken. Typisch Nederlands: gemotiveerd raken door een goed zakelijk instinct.”

West-Indisch Huis

“In de Haarlemmerstraat? Bijna niemand weet het, maar dat is niet het enige West-Indisch Huis in Amsterdam. Er waren er vier. Hotel The Grand aan de Oudezijds Voorburgwal was het eerste. Toen ik er voor de eerste keer langsging schrokken ze zich rot. Slavernij? Wat hebben wij daarmee te maken? Wij – en ik zeg bewust wij, want ik heb inmiddels de Nederlandse nationaliteit – voelen ons al snel aangevallen. Pas toen ze bij The Grand begrepen dat we hun bedrijf niet neer wilden zetten als een vijfsterren­slavernijhotel werkten ze mee. Wij proberen de Nederlandse geschiedenis niet te demoniseren of te herschrijven. Wij zeggen: het verhaal is niet compleet. Wie weet bijvoorbeeld dat naast de Hortus Afrikaanse mannen, vrouwen en kinderen zijn begraven?”

Bitterballen

“Ik heb geleerd ze te eten en er zelfs van te genieten. Maar stamppot? Nee. Mijn favoriete Nederlandse eten is zoetigheid als poffertjes en stroopwafels. Het doet me ook denken aan het belang van suiker in de geschiedenis van onze eetcultuur. Mijn moeder is hertrouwd met een zwarte Amerikaan, die van soulfood hield. Voor mij en zichzelf kookte ze Surinaams. Dus toen ik in Nederland kwam keek ik niet bepaald op van kousenband en bakkeljauw.”

George Floyd

“Zijn dood is de vonk die het vuur van de anti­racismestrijd nieuw leven heeft ingeblazen. Veel mensen denken dat het pas net is begonnen, maar als je in de Black Archives gaat kijken zie je dat het activisme minstens honderd jaar oud is. Alleen: er is nu momentum. Dit is een kantelpunt. Onze aandacht is gefocust. We zaten met zijn allen in quarantaine en zagen op hetzelfde moment hoe George Floyd door de politie werd vermoord. We konden hem in de ogen kijken toen hij stierf.”

“Ik werd gebeld of ik als zwarte Amerikaan met Surinaamse wortels iets wilde zeggen op de Dam. Toen ik de eerste spreker bleek te zijn dacht ik: ik moet niet alleen vertellen hoe verschrikkelijk het is dat hij is vermoord, maar ook dat we onze eigen problemen moeten aanpakken. Wij in Nederland denken dat racisme ‘hun’ probleem is. Dat was het eerste wat me duidelijk werd gemaakt toen ik hier kwam: racisme is een typisch Amerikaans probleem, wij zijn kleurenblind. Maar zo is het niet.”

Zwarte Piet

“Toen ik hier in 2012 kwam werd mij verteld dat Zwarte Piet deel was van de Nederlandse cultuur. In november van dat jaar zag ik er voor het eerst een in levenden lijve tijdens de intocht op de Dam. Ik wist wat er ging komen, maar toch was ik in shock. Ik kon het niet geloven. In Amerika is blackface een racistisch symbool.

Of ik beledigd was? Is daar een overtreffende trap van? Ik was met stomheid geslagen. Was dit deel van een nationaal kinderfeest?”

“Ik kreeg te horen dat hij helemaal niet zwart was, maar door de schoorsteen was gekomen. Hoe bedoel je? Hij was pikzwart met afrohaar, gouden oorringen en rode lippen. What the fuck? Zwarte Piet is een erfenis van ons koloniale verleden, maar voor Nederlanders is het ook sterk verbonden met herinneringen aan hun kindertijd. Het is moeilijk om zo’n emotie onder ogen te komen. Dan ontploft er iets in je hoofd.”

Femke Halsema

“Ze heeft vorige zomer met Sylvana Simons en mij op een privéboot de tour gedaan. Ze wil de zwarte geschiedenis van Amsterdam echt beter leren kennen. Ik merkte dat aan haar vragen: serieus en kritisch. Ik ben het lang niet altijd met haar eens, maar nu is ze mijn heldin. Ze heeft haar nek uitgestoken. Ze heeft toegestaan dat het protest op de Dam doorging in de wetenschap dat ze achteraf van alle kanten zou worden aangevallen en dat haar positie op het spel kwam te staan. Niet veel mensen durven zo’n risico te nemen. Ik dacht: that’s my girl.

Ik was ontzettend trots op haar.”

Keti Koti

“Op 1 juli trek ik mijn koto en mijn angisa aan en loop ik mee in de Bigi Spikrioptocht, zoals elk jaar. Ik ga er helemaal voor. Ik zeg niet: het is een viering, want wat zouden we moeten vieren? Het is een herdenking, een respectvol eerbetoon aan onze voorouders die tot slaaf zijn gemaakt. Een tijd van reflectie. Het zou een nationale feestdag moeten zijn. Keti Koti is niet alleen voor mensen van kleur, het gaat over de geschiedenis van ons allemaal. De slavernij lang geleden? Dat zeggen ze nou nooit over de Tweede Wereldoorlog en die is ook lang geleden. Er zitten maar twee grootmoeders tussen. Waarom kunnen het geen parallelle herinneringen zijn? Bij beide gebeurtenissen zijn miljoenen mensen omgekomen.”

Fabian Franciscus

“Een autistische cabaretier? Wow. Ik hou van theater. Wat ik zo fijn vind aan kunst: er zijn geen grenzen.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden