PlusAchtergrond

Op zolder stonden vier dozen: ze vertellen het verhaal over deze drukkerij in oorlogstijd

Eddy van Amerongen, Izaak de Vries en Jonas Salomon Joachims­thal (v.l.n.r.), de drie toenmalige directeuren van Joachimstahl tijdens een bezoek aan Luik in 1930. Beeld Joods Historisch Museum
Eddy van Amerongen, Izaak de Vries en Jonas Salomon Joachims­thal (v.l.n.r.), de drie toenmalige directeuren van Joachimstahl tijdens een bezoek aan Luik in 1930.Beeld Joods Historisch Museum

Drukkerij Joachimsthal zetelt al bijna tweehonderd jaar in Amsterdam. Grafisch ontwerper Sam Eveleens maakte een boek over haar Joodse (bet)overgrootvaders Izaak en Wiet de Vries, mededirecteuren van de nog altijd bestaande drukkerij.

Op de zolder van de ouders van de 21-jarige Sam Eveleens stonden lang vier dozen, onaangeraakt en dik onder het stof. Toen Eveleens haar afstudeerproject aan de Hogeschool voor de Kunsten in Utrecht moest maken, besloot ze in die dozen te gaan kijken. Ze ontdekte het levensverhaal van haar Joodse betovergrootvader Izaak de Vries en overgrootvader Wiet de Vries, letterzetters en typografen, die vanaf 1917 tot 1986 bij de Amsterdamse drukkerij Joachimsthal werkzaam waren. “Ik kende hun geschiedenis nauwelijks,” zegt Eveleens.

Er kwam een schat aan materiaal tevoorschijn: zo’n tweeduizend foto’s van de familie en de drukkerij, persoonsbewijzen, exemplaren van het bij Joachimsthal gedrukte Nieuw Israëlietisch Weekblad (NIW), veertig gedrukte boeken, waaronder gebedenboeken en drie brieven van haar betovergrootvader Izaak uit Westerbork.

Haar boek De vier dozen van mijn Joodse drukkersfamilie concentreert zich op haar eigen familie en hun drukkersverleden bij Joachimsthal, die bijna tweehonderd jaar geleden, in 1823, door de toen 21-jarige boekbinder Joachim Lazarus Joachimsthal was opgericht. De boekbinder was vanuit het Duitse Mecklenburg naar Amsterdam getrokken en vestigde zijn eenmanszaak in de Jodenbreestraat 84, later Joachims­thal’s Boekhandel, Drukkerij en Uitgeverij geheten. Vanaf 1892 werden bij Joachimsthal het NIW en Hebreeuwse boeken gedrukt.

Drukkerij in oorlogstijd

Izaak de Vries (1888-1951) kwam er in 1917 te werken en leidde vanaf dat moment de drukkerij. Hij vormde later samen met Sal Joachimsthal en Eddy van Amerongen, familie van Sal, de directie. In het boek staan foto’s van het drietal en van de handzetterij uit 1925.

De vier dozen vertellen ook het verhaal over de drukkerij in oorlogstijd. De geschiedenis van haar familie staat in zwarte letters gedrukt. In blauwe letters staat het begeleidende commentaar van Eveleens. “Het heden en het verleden zijn met elkaar verweven,” zegt ze.

‘De periode van 1941 tot 1943 heeft zijn littekens achtergelaten’, schrijft Eveleens. De drukkerij werd in de oorlog geconfisqueerd. Op 26 september 1940 werd het Rosj Hasjana-nummer (Rosj Hasjana is het Joods nieuwjaar) van het NIW in beslag genomen. ‘Ook de administratie en het archief werden in een vrachtwagen geladen.’

Sal Joachimsthal werd samen met zijn vrouw en zoon Albert ten burele van SS-Hauptsturmführer Ferdinand aus der Fünten en SS-leider Hanns Albin Rauter geroepen. Hem werd te verstaan gegeven, zo weet zoon Albert uit de overlevering, dat zijn vader in 1941 Het Joodsche Weekblad moest drukken. In het weekblad werden de anti-Joodse maatregelen afgekondigd en oproepen tot gehoorzaamheid gedaan.

Chantage

“Sal Joachimsthal had geen keus,” zegt Eveleens. Het gezin zou naar het Oosten worden afgevoerd als hij weigerde, aldus Albert: ‘Mijn moeder zei altijd zeker geweten te hebben dat Sal er zonder die chantage nooit mee zou hebben ingestemd.’

Bij de SS’ers wist Joachimsthal nog wel een Sperre (vrijstelling van deportatie) voor zijn personeel te regelen. Die zou uiteindelijk niets waard blijken. Sal, zijn vrouw en Albert werden in september 1943 opgepakt en via kamp Westerbork naar Bergen-Belsen gedeporteerd.

Ook Izaak de Vries en zijn vrouw kwamen in Westerbork terecht. Zij wisten midden in de oorlog uit het kamp te komen. In het boek werpt Eveleens de vraag op hoe dat mogelijk was. Ze haalt de brieven aan die haar betovergrootvader aan het thuisfront stuurde waarin hij herhaaldelijk over ‘zakjes waspoeder’ schreef. Een synoniem voor geld? vraagt Eveleens zich af: “Hij heeft zich vrijgekocht met heel veel geld. Waar dat geld vandaan kwam, is een raadsel.”

Izaak de Vries en zijn gezin overleefden de oorlog in de onderduik. In 1946 haalde hij de door de Duitsers in beslag genomen rotatiepers terug uit Duitsland. In het boek staat een foto uit dat jaar waarop een groep mannen de pers optakelt voor transport naar Nederland.

De Vries zette de drukkerij voort met Eddy van Amerongen, die ook ondergedoken had gezeten. Sal Joachims­thal stierf in februari 1945 van uitputting in Bergen-Belsen.

Schuldgevoel

Toen Izaak in 1948 met de drukkerij stopte, nam zijn zoon Wiet (1915-1994) het stokje van hem over. Eddy van Amerongen vertrok in 1951 naar Israël. In 1954 verhuisde het bedrijf naar de Utrechtsestraat. In 1980 heeft Wiet de Vries de drukkerij verkocht.

De Joden­breestraat rond 1915, gezien in de richting van de Zwanen­burg­wal. Beeld Collectie Stadsarchief Amsterdam
De Joden­breestraat rond 1915, gezien in de richting van de Zwanen­burg­wal.Beeld Collectie Stadsarchief Amsterdam

Over de oorlog werd in de familie De Vries niet gesproken. “Ik vermoed deels uit schuldgevoel. De directe familie van mijn betovergrootvader heeft het in de onderduik overleefd. Op zijn jongste zoon Jonas na, die juni 1943 in Sobibor is vergast. Maar ook het drukken van Het Joodsche Weekblad was waarschijnlijk een belangrijke factor om te zwijgen. Schaamte, hoewel ze voor het blok stonden.”

In het boek zijn ook de brieven uit Westerbork, familiefoto’s, omslagen van gedrukte boeken, naoorlogse geboortekaartjes en invitaties voor feesten en partijen afgedrukt. Eveleens is verrast door de veertig boeken die ze in de dozen aantrof. “De opmaak is zo mooi, leesbaar en efficiënt. Je ziet hun vakmanschap.”

Dat ze nu zelf ook in het vak terecht is gekomen, is puur toeval, zegt ze. “Het zit blijkbaar toch in de genen. Het geeft me een context en vertrouwen.”

Meer informatie overDe vier dozen van mijn Joodse drukkersfamilie: ­sameveleens.com.

Boek en tentoonstelling

Joachimsthal is in 2019 van de Utrechtsestraat verhuisd naar Sloterdijk. De huidige eigenaar Ferry Völker, die kantoor houdt in de Kerkstraat, heeft de letterkasten uit de oude drukkerij naar het Joods Historisch Museum gebracht. De Hebreeuwse letters heeft hij bewaard.

De nazaten van Joachimsthal zijn bezig een boek en tentoonstelling te maken over de familiegeschiedenis, de boekhandel, uitgeverij en drukkerij.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden