In 2018 maakten activisten van de Dam tijdelijk de ‘Dame’. Straten zijn in de stad overwegend naar mannen vernoemd.

PlusAchtergrond

Ook de witte held krijgt straks nog straten naar zich vernoemd

In 2018 maakten activisten van de Dam tijdelijk de ‘Dame’. Straten zijn in de stad overwegend naar mannen vernoemd.Beeld Tammy van Nerum

Het stadsbestuur wil meer variatie in de Amsterdamse straatnamen. De werkgroep die onderzocht waarom welke namen worden gekozen, heeft inspiratie gevonden in Canada, waar ze werken met streefcijfers.

De witte mannelijke heteroseksuele held hoeft zeker niet te wanhopen. Ook in de komende jaren kan hij in Amsterdam nog steeds een straat, plein of plantsoen naar zich vernoemd krijgen. Vooropgesteld dat hij dood is natuurlijk, en dat minstens vijf jaar, want dat blijft een harde eis voor een plekje in de hoofdstedelijke stratengids.

Maar inclusiever moet het wel worden, zegt projectleider Jurriaan Omlo van de werkgroep die in opdracht van het college de vernoeming van straten onder de loep nam. “Amsterdam is een multiculturele stad met een zeer diverse bevolking. Het college wil dat die diversiteit terug te vinden is in de straatnamen. Onze opdracht was: hoe krijg je dat voor elkaar?”

De opdracht leverde in elk geval een interessant en smakelijk rapport op dat een duik neemt in de historie en praktijk van de vernoeming van de ruim 6000 straatnamen in de stad. Van de bijna 2400 personen die een straat hebben gekregen, is 86 procent man en 13 procent vrouw. De laatste procent is vernoemd naar een groep, zoals de Curiestraat een eerbetoon is aan het complete echtpaar Curie.

De politiek beslist

In die cijfers is meer evenwicht nodig, concluderen de onderzoekers. Omlo: “Ons onderzoek gaat niet over het vervangen van bestaande straatnamen, zoals hier en daar wordt gesuggereerd. Het draait om de vraag wat de gemeente kan doen om tot meer inclusie te komen. Wat ons betreft worden daar naar Canadees voorbeeld streefcijfers aan gekoppeld. Het is aan de politiek om te bepalen welke.”

De onderzoekers keken niet alleen naar de verhouding tussen mannen en vrouwen. Zo werden 24 vernoemingen geturfd naar vaandeldragers van de lhbtq-gemeenschap. Naar een straat die de naam draagt van een Amsterdammer met Marokkaanse, Surinaamse of Chinese wortels moet helemaal met een lantaarn worden gezocht. Gezien de samenstelling van de bevolking is dat onevenwichtig, stelt Omlo: “Een herkenbare straatnaam kan er ook voor zorgen dat mensen zich hier thuis voelen.”

Wel een bezwaar/geen bezwaar 

Het woord diversiteit wordt in de ruimste zin opgevat, dus is ook gekeken naar vernoemde mannen en vrouwen met een geestelijke of lichamelijke beperking. De onderzoekers sprokkelden 118 straten bij elkaar waarvan de naamgevers in de helft van de gevallen kampten met een depressie of een andere psychische klacht. Ook verlamming, reuma, doofheid en astma kwamen voor.

In het rapport worden enkele harde noten gekraakt over de Commissie Naamgeving Openbare Ruimten, sinds jaar en dag het gezelschap dat over de straatnamen gaat. Omlo: “De werkwijze is niet altijd helder en niet consequent. De criteria waaraan namen worden getoetst, bieden ruimte voor verschillende interpretaties. Het argument dat in het ene geval tot de afwijzing van een naam leidt, blijkt in het andere geval weer geen bezwaar te zijn.”

Omlo voegt er onmiddellijk aan toe dat de commissie veel werk moet verrichten met weinig ambtelijke ondersteuning.

“In de praktijk leidt dat tot korte en bondige verslagen waarin voorgestelde straatnamen geregeld met een enkel woord worden afgewezen. Als de gemeente serieus werk wil maken van inclusieve straatnamen, moet er ook meer ondersteuning komen.”

Koloniale houwdegens

Het rapport is ook kritisch over de huidige samenstelling van de straatnamencommissie, die bestaat uit zes mannen en twee vrouwen, overwegend wit. Omlo: “Het is niet de bedoeling om de suggestie te wekken dat zij geen divers straatnamenbeleid kunnen uitvoeren. Maar als je binnen de commissie meer diversiteit hebt en meer verschillende perspectieven, komt dat ten goede aan het debat, de afweging en de besluitvorming.”

De actieve bemoeienis van het huidige stadsbestuur onderstreept dat het vernoemen van straten meer dan ooit een politieke kwestie is. Dat maakt de plannen voor meer inclusieve straatnamen ook kwetsbaar. Als het huidige college bij de volgende verkiezingen wordt afgelost kan een nieuw bestuur bij wijze van spreken besluiten om de eerstvolgende nieuwbouwwijk op te dragen aan koloniale houwdegens.

Dat is aan de politiek, zegt Omlo diplomatiek. “Onze opdracht was om te kijken hoe het straatnamenbeleid inclusiever kan worden. Het is nu aan de gemeenteraad om verder iets van het rapport te vinden.”

De onderzoekers stellen ook nog vast dat driekwart van de vernoemde bestuurders in de stad een linkse achtergrond heeft, en zes procent een liberale. “Als je kijkt naar politieke stromingen, is daar ook sprake van een onbalans.”

Met gemiddeld vijftig nieuwe straatnamen per jaar zal het nog wel even duren voor alles en iedereen met elkaar in evenwicht is.

Omlo: “De ruim 6000 straatnamen in Amsterdam zijn in 800 jaar verzameld. Het gaat tijd kosten om de gewenste inclusiviteit tot stand te brengen. Dat is ook een boodschap uit het rapport: schep geen valse verwachtingen, wees realistisch en neem de tijd. Maar begin er wel mee.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden