PlusAchtergrond

Ooit was de sint een zwarte klaas: de metamorfose van Amsterdams stadsheilige Sint Nicolaas

‘Sint-Nicolaasfeest’ van Cornelis Troost (rond 1740). Beeld Tertius Gallery
‘Sint-Nicolaasfeest’ van Cornelis Troost (rond 1740).Beeld Tertius Gallery

Van vereerde katholieke beschermheilige van Amsterdam tot middelpunt van een carnavaleske intocht: in heel verschillende gedaanten is Sinterklaas al bijna duizend jaar verbonden met de stad. ‘In het verleden had hij een rammelende ketting bij zich waar een duivel aan vastzat.’

Patrick Meershoek

Vol verwachting klopt het hart van alle Amsterdammers en Amsterdamse organisaties die zich onbaatzuchtig hebben ingezet voor de hoofdstad. Wellicht krijgt een van hen volgende week als eerste de Nicolaaspenning uitgereikt. Dat gebeurt tijdens de feestelijke afsluiting van het Nicolaasjaar, waarmee de parochie van de Heilige Nicolaas de verering van de schutspatroon van Amsterdam nieuw leven heeft proberen in te blazen. Dat gebeurde zowel op traditionele wijze, met de bijplaatsing van een stukje gebeente van de heilige in de Nicolaaskerk, als op een eigentijdse manier, met de verkoop van Nicolaasbier, truien en paraplu’s voor het goede doel.

Sinterklaas blijft tot de verbeelding spreken, stelt Peter Jan Margry vast, onderzoeker van het Meertens Instituut met een speciale belangstelling voor religie en devotie. En: nauw verbonden met de stad waarvan hij in 2025 op de kop af 750 jaar geleden schutspatroon werd.

Amsterdam en Sinterklaas passen bij elkaar, vertelt Margry. “Nicolaas van Myra is de beschermheilige van zeelieden, prostituees, bakkers, scholieren en kinderen. Hij is ook de naamgever van de eerste kerk van Amsterdam, tegenwoordig de Oude Kerk. Daar heeft in de middeleeuwen ook een groot devotiebeeld van hem gestaan. Doorgaans werden dergelijke beelden van hout of steen gemaakt, maar dit was van zilver.”

In het Amsterdam van toen speelde de verering van heiligen een belangrijke en actieve rol in het maatschappelijk leven. “Voor de vele gelovigen in de stad waren de heiligen het eerste aanspreekpunt. Zij konden een goed woordje doen bij God. Er hing aan het begin van de Kalverstraat aan de gevel ook een beeldje van Nicolaas. Daar liepen geregeld een geestelijke en een groepje koorknapen heen om te bidden en bescherming af te smeken. Bijvoorbeeld tegen brand.”

De verering was onderdeel van een wederzijdse dienstverlening. “Dat is eigenlijk de kern van alle devotie. Voor wat, hoort wat. In de traditie van pakjesavond komt dat ook weer terug. Je geeft een wortel om iets terug te krijgen.”

Onherkenbaar

Onze viering van het sinterklaasfeest draagt nog allerlei sporen van die eeuwenoude katholieke traditie. Al in de zestiende eeuw werd de naamdag van Nicolaas gevierd met cadeautjes, gezang, koeken en plagende gedichten, inclusief de scherpe scheidslijn tussen brave en stoute kinderen. Margry: “Het was aanvankelijk een feest voor kinderen én adolescenten. Nicolaas was namelijk ook de schutspatroon van de jong verliefden. Er werden in de stad huwelijksmarkten in zijn naam georganiseerd, plekken waar potentiële huwelijkspartners elkaar konden ontmoeten. Postillons d’amour bezorgden briefjes met waarderende woorden aan huis. Dat feest van de liefde bleef, losgekoppeld van de Sint, bestaan tot in de negentiende eeuw.”

Heilige Nicolaas van Myra en een vrouwelijke heilige, Lucas Vorsterman (1660).  Beeld Rijksmuseum
Heilige Nicolaas van Myra en een vrouwelijke heilige, Lucas Vorsterman (1660).Beeld Rijksmuseum

Aan de verering van Sinterklaas zelf kwam een einde met de alteratie van 1578, waarbij de calvinisten hardhandig de macht overnamen van het katholieke stadsbestuur. Het zilveren beeld van Nicolaas werd omgesmolten om als zilveren noodmunten aan de gemeentekas te worden toegevoegd. Margry: “Net als alle andere heiligen werd Sinterklaas officieel in de ban gedaan. In de publieke ruimte mocht hij in de stad niet meer worden vereerd. Dat ging tamelijk ver: ook de verkoop in bakkerswinkels van koeken in de vorm van de bisschop werd bij voorbeeld verboden. Sint Nicolaas ging ondergronds: wat er in de huizen gebeurde op 6 december, daar maalde het stadsbestuur niet om.”

De machtsovername in de stad zorgde voor een metamorfose van Sinterklaas: van een vereerde katholieke schutspatroon werd hij het middelpunt van een jaarlijks terugkerende familietraditie. “Omdat hij niet meer herkenbaar over straat mocht gaan, kwam er nieuwe figuur tevoorschijn,” vertelt Margry. “Het was de tijd dat de zwarte klazen opdoken. Dat waren familieleden die op de avond van 6 december bij een gezin aan de deur kwamen rammelen, net zoals ouders tegenwoordig aan de buurman vragen de mand met cadeautjes op pakjesavond voor de deur te zetten en een paar keer hard op het raam te bonken om de kinderen de stuipen op het lijf te jagen.”

Dubbelhartige knecht

De zwarte klaas was niet onzichtbaar, maar gemaskerd of donker gemaakt om niet te kunnen worden herkend. “Een opmerkelijke figuur die zowel het goed als het kwaad symboliseerde. Tegelijkertijd was hij namelijk de bestrijder van het kwaad als de duivel. Hij kwam cadeautjes brengen, maar joeg met zijn lawaai ook iedereen schrik aan. En hij had die rammelende ketting bij zich. Daar zat de duivel aan vast, in de kerkelijke traditie een donker wezen. Het is allemaal terug te voeren op de christelijke traditie van de strijd tussen goed en kwaad, tussen licht en donker, tussen zoet en stout.”

De intocht van Sint-Nicolaas, van Erve H. Rynders (ca. 1840). De heilige, nog zonder knecht, is hier weergegeven in zijn hoedanigheid van goedgeefse kindervriend.  Beeld Rijksmuseum
De intocht van Sint-Nicolaas, van Erve H. Rynders (ca. 1840). De heilige, nog zonder knecht, is hier weergegeven in zijn hoedanigheid van goedgeefse kindervriend.Beeld Rijksmuseum

In zijn aangepaste gedaante bleef de traditie van sinterklaas twee eeuwen behouden, tot in het begin van de negentiende eeuw de vrijheid van godsdienst weer terugkeerde in de stad. Driehonderd jaar na de bouw van de eerste Nicolaaskerk op het Oudekerksplein kon er weer een nieuwe kerk aan de populaire heilige worden opgedragen: de huidige Nicolaasbasiliek tegenover het Centraal Station. Sinterklaas profiteert eveneens van de nieuwe vrijheid. Margry: “Het was ook de tijd van het burgerlijk beschavingsoffensief in de stad. Voor de duivel was in het kinderfeest geen plek meer. De monstrueuze dubbelfiguur werd uit elkaar getrokken en gescheiden in een witte heilige en een zwarte knecht.”

Een dubbelhartige knecht, die in de ene hand een roe draagt en in de andere een zak met cadeautjes. Dat mag wat de etnoloog worden gezien als een interessante voetnoot bij de discussie over de figuur van Zwarte Piet. “In kringen van activisten wordt vaak verwezen naar de Amsterdamse onderwijzer Jan Schenkman, die in zijn boek Sint Nicolaas en zijn knecht uit 1850 een beschrijving geeft van het feest, precies in de tijd dat de discussie over de afschaffing van slavernij speelde. Maar Schenkman is zeker niet de uitvinder van Zwarte Piet. Hij geeft in zijn boeken een eigen variant van bestaande gebruiken, een adaptatie van een traditie die ouder is dan de Nederlandse slavernij. Er is een lange voorgeschiedenis.”

Leegloop kerken

Onmiskenbaar heeft de figuur van Zwarte Piet in de loop van de negentiende en twintigste eeuw alsnog de stereotype raciale kenmerken gekregen van de zwarte bediende uit vroeger tijden: zwarte krullen, rode lippen, oorbellen. De protesten daartegen leidden in de afgelopen jaren tot een nieuwe aanpassing van de voormalige knecht die tegenwoordig als onmisbare manager van Sinterklaas wordt beschouwd.

De hoog oplaaiende discussie over zijn juiste uitdossing heeft het feest wel aangetast, vindt Margry. “Er is sprake van een uitstralingseffect. Het zal voor de kinderen weinig uitmaken, maar de hele traditie heeft toch een zekere politieke lading gekregen. Voor menigeen is de lol er een beetje vanaf.”

Is het denkbaar dat Sinterklaas opnieuw een metamorfose ondergaat, en van middelpunt van de jaarlijkse intocht weer terugkeert naar zijn oude rol als schutspatroon van Amsterdam? Als het aan de parochie van de Heilige Nicolaas ligt, komt de Sint weer op een katholiek voetstuk te staan.

Het is een interessante ontwikkeling, vindt de wetenschapper. “Er is zeker sprake van een nieuwe aandacht voor oude rituelen. Dat hangt samen met de leegloop van de kerken in de afgelopen vijftig jaar. Er wordt teruggegrepen op het vertrouwde recept. Of het in dit geval ook echt leidt tot een diepere verering van de heilige Nicolaas is de vraag. Er is vooral veel media-aandacht, en dat is toch iets anders dan een waarlijk geloof in een heilige.”

Gevelsteen van Sinterc Claes, op het huidige ABN Amrogebouw op het Rokin, vlak bij de Dam. Beeld Jennifer Gijrath
Gevelsteen van Sinterc Claes, op het huidige ABN Amrogebouw op het Rokin, vlak bij de Dam.Beeld Jennifer Gijrath

Sporen van de Sint

Van winkelstraten tot klaslokalen: Sinterklaas is in de laatste maanden van het jaar in de hele stad terug te vinden. Anders zit dat met de katholieke heilige. Naar zijn sporen moet worden gezocht. Meest opvallend is natuurlijk de Nicolaaskerk, voluit de Heilige Nicolaas binnen de Veste geheten. De kerk tegenover het Centraal Station is gebouwd in 1878.

Eerder waren ook de Oude Kerk en Ons’ Lieve Heer op Solder naar Nicolaas vernoemd. Hoog in de Oude Kerk zijn nog enkele gewelfschotels te vinden met de beeltenis van de heilige. De ornamenten overleefden de alteratie van 1578 omdat de calvinisten die de kerk kwamen zuiveren van katholieke elementen zo hoog niet konden komen.

Bekend is ook de gevelsteen van Sinter Claes op de Dam, op de plek waar tegenwoordig het kantoor van ABN Amro zit. De beeltenis van Sinterklaas zonder baard zou rond 1605 zijn aangebracht op wat toen nog ’t Suikerhuys heette. In de Engelse kerk op het Begijnhof staat nog het beeld van Nicolaas dat Marritje Jans Tijm in 1673 schonk aan de toen nog rooms-katholieke schuilkerk.

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden