Plus

Onderzoek: Niet-westerse migrant is het meest attent

Burgemeester Van der Laan riep in zijn afscheidsbrief op goed voor de stad en voor elkaar te zorgen. Onderzoekers van de UvA namen in Overtoomse veld de proef op de som. Wie is er echt lief?

Femke van der Laan onthult het ontwerp Damsko Strijder van kunstenaarscollectief Kamp Seedorf op het Mercatorplein in de Baarsjes. Het ontwerp is een eerbetoon aan haar overleden echtgenoot en burgemeester Eberhard van der Laan. Beeld ANP/Evert Elzinga

Een hartelijke groet, een kort praatje of het tillen van een zware boodschappentas naar de bovenste verdieping. De Universiteit van Amsterdam onderzocht hoe attent de bewoners van Overtoomse Veld voor elkaar zijn.

Een 80-jarige Nederlandse portiekbewoonster was een tijdje niet gesignaleerd door haar Nederlands-Marokkaanse buurvrouw. Als ze elkaar tegenkomen in het trappenhuis uit ze haar bezorgdheid. ‘Als er wat is, kom gewoon naar me toe hoor.’ De oudere vrouw, die al lang in de wijk woont, is blij met het aanbod.

De onderzoekers concluderen dat dit soort attentheid vaker komt van de kant van de niet-westerse migrant dan van de oorspronkelijke oudere Nederlandse bewoners.

Hand- en spandiensten

“Burgemeester Van der Laan riep in zijn afscheidsbrief Amsterdammers op goed voor de stad en voor elkaar te zorgen. Wij hebben in het Overtoomse Veld onderzocht of mensen dat doen. Die alledaagse attentheid is belangrijk nu mensen langer thuis blijven wonen, ook als ze oud en dement zijn, psychische problemen hebben of verstandelijk beperkt zijn,” zegt Monique Kremer, bijzonder hoogleraar Actief Burgerschap aan de Universiteit van Amsterdam.

De onderzoekers van de UvA en het Ben Sajet Centrum doken vijf maanden lang de wijk in, spraken met bewoners en mensen die er werken. In een ‘superdiverse’ wijk als het Overtoomse Veld is het niet vanzelfsprekend dat de bewoners dagelijkse zorgtaken voor elkaar verrichten, stellen ze. De onderzoekers presenteren hun rapport vandaag.

“De inwoners zetten niet hun buurman onder de douche of halen hem uit bed, maar ze verrichten wel kleine hand- en spandiensten. Ze doen een boodschap voor hun buurman, zetten een vuilniszak buiten of brengen hem naar het ziekenhuis als dat nodig is. De attentheid is er dus wel, maar beperkt. De voordeur is een belangrijke scheidslijn. Toch is die beperkte attentheid juist voor de kwetsbare mens belangrijk,” zegt Kremer.

Ook de taalbarrière is nog vaak een probleem voor de alledaagse attentheid. ‘Je groet elkaar wel. Alles goed? Maar een gesprek is vaak moeilijk,’ zegt een Nederlandse oudere uit het Overtoomse Veld over haar Nederlands-Marokkaanse buren.

Buurtwinkel

Dat de gemeente Amsterdam meer hogeropgeleiden naar een superdiverse wijk stuurt, is ook geen oplossing om de attentheid te vergroten, zegt Kremer. “De veiligheid neemt wel toe door hun komst, evenals het winkelaanbod, maar het is geen oplossing voor een lieve stad die voor elkaar zorgt. Hogeropgeleiden zijn de hele dag aan het werk en contact met andere bewoners is er nauwelijks.”

Een oudere Nederlandse bewoner zegt in het onderzoek: “In de koophuizen wonen veel Nederlanders. Van die yuppen. Dat trekt me helemaal niet. Die zeggen geen goedemiddag.”

Stadsplanners, woningcorporaties en architecten moeten ervan doordrongen zijn dat zij de alledaagse attentheid in een wijk kunnen vergroten, maar ook ontmoedigen. Er moeten, zegt Kremer, in een wijk als het Overtoomse Veld juist een buurtwinkel, buurtbibliotheek, een goedkoop koffietentje of een computerruimte komen waar buurtbewoners ongedwongen kunnen samenkomen.

Attente plekken

Volgens de onderzoeker is er nu een gebrek aan zogeheten ‘attente plekken’. “Het August Allebéplein is een centrale plek, maar niet iedereen komt daar. Je moet daarom attente plekken scheppen. Voor ouderen zijn de loopafstanden te lang. Denk aan een laagdrempelig plek als de kringloopwinkel en snackbar Abi Patat waar mensen dagelijks even langskomen om met elkaar een praatje te maken.”

De onderzoekers willen dit onderzoek graag verbreden naar andere wijken in Amsterdam. Kremer: “We zouden het Overtoomse Veld willen afzetten tegen de omgeving van het Gelderlandplein in Buitenveldert. Hoe attent is men daar voor elkaar?”

Overtoomse veld

De wijk Overtoomse Veld maakt deel uit van de westelijke tuinsteden van Amsterdam. De wijk is in 1958 ­gebouwd en was ooit een ‘Vogelaarwijk’, is een superdiverse wijk. Meer dan de helft van de inwoners (53 procent) heeft een niet-westerse migratieachtergrond, voornamelijk Marokkaans en in mindere mate Turks. Een derde heeft een Nederlandse achtergrond en 17 procent heeft een westerse migratieachtergrond. Deze laatste groep stijgt. Er komen geleidelijk meer mensen uit Duitsland, Engeland en andere Europese landen in de wijk te wonen. De wijk kent in 2018 een gemiddeld jaarinkomen van 18.700 euro. 14 procent heeft een inkomen op of rond het sociaal minimum.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden