Nieuws

Onderzoek: jongeren juist vrolijk door gebruik sociale media

Jongeren voelen zich vaker vrolijk en geïnspireerd door het gebruik van sociale media dan jaloers, somber of onzeker. ‘Jongeren kijken wel de hele dag naar schermpjes, maar ze doen ook hele mooie dingen daar.’

Jongeren gebruiken social media bijvoorbeeld om gevoelens te delen, mee te leven en inspiratie op te doen. Beeld ANP

Dat concludeert een onderzoeksteam van de Universiteit van Amsterdam (UvA) na onderzoek onder bijna duizend 14- en 15-jarigen over het gebruik van sociale media. “Sociale media doen eigenlijk wat de naam ook zegt. Ze zijn veel socialer dan we denken,” zegt onderzoeker Irene van Driel.

Veel onderzoek focust zich vooral op de negatieve kanten van sociale media, en daarom krijgen die veel meer aandacht, legt Van Driel uit. “Uit ons onderzoek blijkt dat jongeren wel de hele dag naar schermpjes kijken, maar vooral ook hele mooie dingen doen daar.” 

Jongeren gebruiken sociale media bijvoorbeeld om gevoelens te delen, mee te leven en inspiratie op te doen. Minder dan de helft van de onderzochte jongeren zegt zichzelf soms of vaker met anderen te vergelijken als ze op WhatsApp, Instagram of Snapchat zitten. Opvallender, bijna de helft van de ondervraagden zegt juist ‘soms’ tot ‘heel vaak’ positiever naar zichzelf te kijken als ze zich online met anderen vergelijken. Een kleiner deel zegt erdoor geïnspireerd te raken (41 procent), of trots op zichzelf te worden (40 procent). Negatieve gevoelens komen ook voor, maar minder vaak: jaloezie (22 procent), onzekerheid (21 procent) en somberheid (19 procent).

Bijna alle jongeren gebruiken WhatsApp (96 procent), gevolgd door Instagram (83 procent), YouTube (82 procent) en Snapchat (67 procent). Facebook (35 procent), Pinterest (21 procent), Twitter (9 procent), en TikTok (8 procent) worden veel minder gebruikt. “Jongeren trekken zich dus niets aan van de minimumleeftijd van 16 jaar die WhatsApp hanteert,” aldus de onderzoekers. Overigens kijkt eenderde meer dan 12 keer per dag op laatstgenoemd berichtenplatform.

Instagram

“Facebook wordt minder gebruikt; Instagram blijkt voor jongeren het belangrijkste platform voor volgen, gevolgd worden en jezelf spiegelen,” zegt Van Driel. Ze gebruiken het voornamelijk om te kijken, en veel minder om zelf te posten. De invloed van influencers op Instagram is kleiner dan soms wordt aangenomen. Jongeren volgen vooral klasgenoten en vrienden, gevolgd door bekende YouTubers, favoriete artiesten en vrienden van vrienden. Pas daarna komen de Insta-influencers (38 procent). 

Het hebben van volgers is niet zo heel belangrijk voor tweederde van de Instagrammers. Voor 1 op de 5 gebruikers is dit wel ‘meer dan een beetje’ of ‘heel belangrijk’. 4 procent biecht op wel eens volgers of likes gekocht of gekregen te hebben. Eenderde van de gebruikers heeft meer dan één account. Vaak is dat een ‘finsta’, bedoeld voor een kleine groep vrienden aan wie je alle kanten van je leven laat zien. Sommigen hebben ook een ‘rinsta’, een strategisch account voor mooie momenten.

Tijdslurper

Overigens zijn er wel verschillen in gebruik tussen jongens en meisjes: die laatste groep gebruikt sociale media intensiever dan jongens, en dan vooral Whatsapp en Instagram. YouTube is de grootste tijdslurper: de helft van de kijkers gebruikt het een uur of meer per dag. Ruim de helft van de meisjes (53 procent) vergelijkt zich ‘soms’ tot ‘vaak’ met anderen over hoe ze eruitzien, tegenover 40 procent van de jongens. Ook zegt 38 procent van de meisjes dat ze vergelijken hoe populair ze zijn, tegenover 28 procent van de jongens. Ook zijn er verschillen in opleidingsniveau: Facebook wordt bijna twee keer zo vaak gebruikt door vmbo’ers als door vwo’ers. 

Zorgwekkend is dat 4 op de 5 jongeren regelmatig op sociale media zitten als ze eigenlijk iets anders moeten doen. En meer dan de helft (59 procent) zegt regelmatig langer op sociale media te zitten dan ze eigenlijk zouden willen. De helft van de jongeren gebruikt de telefoon na 22 uur ’s avonds. Overigens gaat de telefoon wel aan de kant voor het avondeten.

Vergelijken

Van Driel was verrast door de uitkomst dat gamen een sociale activiteit is. 9 op de 10 jongeren gamen en de meeste van deze gamers communiceren daarover via de game zelf (70 procent), via WhatsApp (66 procent) of andere platformen, zoals Discord (26 procent). 

In vervolgonderzoek gaat het team de verschillen en ervaringen van individuele jongeren uitgebreider onderzoeken. Van Driel: “Sociale media zijn onderdeel van het leven, maar hoe ze gebruikt worden is voor iedereen anders.” 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden