Pronkstuk van de begraafplaats is de grafkelder van de familie Deckers.

PlusAchtergrond

Omwonenden en nabestaanden verzetten zich tegen villa’s bij eeuwenoude begraafplaats Oud-Osdorp

Pronkstuk van de begraafplaats is de grafkelder van de familie Deckers.Beeld Dingena Mol

Een eeuwenoude grafheuvel in Oud-Osdorp dreigt letterlijk uit beeld te raken door de bouw van twee villa’s. Omwonenden en nabestaanden vragen de rechter om bescherming van het monument.

De aan Sint Pancratius opgedragen kerk werd ruim honderd jaar geleden afgebroken, maar de kleine graf­heuvel is gebleven, als tastbare herinnering. Een dozijn grafstenen in het weiland, inclusief een grafkelder die toebehoort aan de familie Deckers. Zowel de begraafplaats als de tombe werd in 2018 uitgeroepen tot gemeentelijk monument, waarmee werd voorkomen dat het cultuurhistorisch erfgoed moest wijken voor de bouw van woningen op de grond.

De doden in Oud-Osdorp krijgen weinig rust, want drie jaar later ligt er een nieuw bouwplan op tafel, ditmaal voor de bouw van twee villawoningen op het perceel tussen de begraafplaats en de Osdorperweg. Zeven buurtbewoners staan vandaag voor de rechter tegenover de gemeente die de omgevingsvergunning heeft verleend aan de parochie Onze Lieve Vrouwe Geboorte in Halfweg, tegenwoordig eigenaar van de grond.

Beroemde steenhouwer

Volgens de buurtbewoners is de bouw van de woningen in strijd met het bestemmingsplan, en had de omgevingsvergunning nooit verleend mogen worden. Ook wijzen zij op het bijzondere ­ensemble van de begraafplaats in het open landschap. “De Sint Pancrashof is in Oud-Osdorp de enige plek met vrij doorzicht op de historische grafheuvel en het achterliggende polderlandschap,” stelt buurtbewoner Frans van der Woerd. “Dat mag niet verloren gaan.”

De cultuurhistorische waarde van de begraafplaats staat niet ter discussie. Eerder riep erfgoeddeskundige Margriet de Roever op tot grote voorzichtigheid bij de ontwikkeling van het gebied. De kunstig versierde graftombe is gemaakt door de beroemde steenhouwer Johannes Schumaker uit Den Bosch. “Dit is het enige grafmonument van zijn hand boven de grote rivieren,” aldus De Roever. “We moeten daar echt ontzettend zuinig op zijn.”

Vurige wens

Dat laatste is ook de vurige wens van Sybrand Buve uit Deventer, een ­nazaat van de familie Deckers van het familiegraf. In 1878 nam Aleide ­Deckers-Schaap als eerste haar intrek in de tombe, ruim dertig jaar later gevolgd door haar echtgenoot Alphonse. In 2017 ging het graf opnieuw open, ditmaal voor de overleden ­vader van Sybrand Buve, de filosoof Jeroen Buve die tevens de grondlegger was van de particuliere Geert Grote Universiteit.

De zoon schreef vorige week een persoonlijke brief aan burgemeester Femke Halsema met de oproep om de laatste rustplaats van zijn vader te ­beschermen tegen de oprukkende verstedelijking. De bouw van de ­woningen, al zijn het er maar twee, brengt volgens hem onomkeerbare schade toe aan de bijzondere plek. “Een prachtige combinatie van natuurlijke schoonheid en cultuurhistorie mag niet worden opgeofferd aan een financieel belang,” aldus Buve.

Verkeerde afweging

Dat financieel belang betreft met ­name de parochie uit Halfweg, die de euro’s uit de verkoop van de grond goed kan gebruiken. In de zienswijzen die in de aanloop naar de zitting van vandaag zijn uitgewisseld, geeft de gemeente aan dat het belang van de eigenaar van de grond in dit geval zwaarder weegt dan dat van de ­bezwaarmakers. Volgens de buurt­bewoners is dat een verkeerde af­weging en had de gemeente de vergunning nooit mogen afgeven.

Sybrand Buve is het daarmee eens. “Het bestemmingsplan biedt de gemeente alle mogelijkheden om de vergunning te weigeren. Het verbaast dat er anders is besloten. Ik heb er moeite mee dat het graf van mijn ­vader straks grenst aan een tuin waar honden en kinderen spelen. Maar dat is een particulier belang. Als cultuurhistorisch monument moet de begraafplaats voor alle Amsterdammers zichtbaar blijven. Dat argument moet wel zwaar wegen.”

Katholiek kerkhof

De kleine begraafplaats in ­Oud-Osdorp herinnert aan de­ ­bijzondere kerkgeschiedenis van Amsterdam en omgeving. Na de hervormde alteratie van 1578 was het katholieken eeuwenlang niet toegestaan hun doden in de stad te begraven. Dat veranderde bij wet in 1830. In het toen nog zelfstandige Osdorp nam de pastoor van de schuilkerk Sint Pancratius het initiatief voor de aanleg van een begraafplaats. Het hervormde dorpsbestuur wist dat nog tien jaar tegen te houden, maar in 1854 kregen de katholieken alsnog hun eigen dodenakker.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden