OM wil 8 tot 10 jaar cel voor beschieten huis in Vechtstraat

Justitie eist acht tot tien jaar cel tegen drie twintigers die op 26 augustus 2020 betrokken waren bij de beschieting met een kalasjnikov van een huis in de Vechtstraat, in de Rivierenbuurt. Een toen 19-jarige bewoner raakte lichtgewond, zijn moeder en een vriend bleven bij geluk ongedeerd.

Burgemeester Halsema kwam de dag na de schietpartijen naar de Vechtstraat en stelde cameratoezicht in. Beeld Hanneloes Pen
Burgemeester Halsema kwam de dag na de schietpartijen naar de Vechtstraat en stelde cameratoezicht in.Beeld Hanneloes Pen

Volgens de officier van justitie schoot Damian L. (22) of Amier S. (21) liefst 21 kogels op de woning af met de kalasjnikov. Daarvan gingen er acht door de ruit waarachter Justin Z. en een bij hem logerende vriend lagen. Justin Z. werd door een afgeketst kogelfragment in zijn kuit geraakt.

Damian L. zou het aanvalsgeweer in de achterbak hebben gelegd van de uit Rotterdam gestolen Renault Mégane, die de mannen achterlieten in de Uithoornstraat. Denver B. (21) bestuurde de Opel waarin de drie vervolgens uit de Rivierenbuurt vluchtten. In de visie van justitie hebben de drie verdachten zodanig samengewerkt dat sprake is van ‘medeplegen’: ze zijn allemaal verantwoordelijk voor ‘de poging tot moord’ op de drie personen in het huis.

“Lichtzinnig gebruik van vuurwapens is in Amsterdam een serieus probleem, dat niet in ernst lijkt af te nemen,” zei de aanklager donderdag tijdens de behandeling van de zaak. Hij wees erop dat de dag voor de schietpartij in diezelfde Vechtstraat rapper Bigidagoe al was neergeschoten. “Dit was het tweede schietincident in die straat op die dag. Het had veel slechter kunnen aflopen, bijvoorbeeld als een van de mannen van de bank was opgestaan na de eerste knallen.”

Sommige kogels vlogen dwars door het huis, eentje belandde in het tuinhuisje. De moeder van Justin Z. zat tijdens de schietpartij op het toilet.

Camerabeelden

Het strafdossier bevat volop technische bewijzen van de betrokkenheid van de mannen, waaronder (dna-)sporen in de Renault Mégane, op handschoenen en kleding. Die gestolen Renault werd al met een camera en peilbaken in de gaten gehouden door de recherche sinds die in Amsterdam-Noord was aangetroffen. De verdachten zijn op de camerabeelden te zien.

Denver B. heeft als enige een uitgebreide verklaring afgelegd over de bewuste nacht – reden waarom hij nu doodsbang is voor wraak en duidelijk nerveus in de verdachtenbank zit. Hij zegt ‘als driver’ te zijn geworven door Damian L., die hij kende uit de tijd dat ze samen in een jeugdinrichting woonden. Hij zegt niet te hebben geweten dat er geschoten zou worden (‘ik dacht gewoon iets met drugs’).

Volgens de officier van justitie lijkt het er aan de hand van getuigenissen op dat Damian L. heeft geschoten, waarna Amier S. zijn vest heeft uitgetrokken en over het wapen heeft gelegd, dat L. vervolgens achterin de Renault legde.

Amier S. ‘lijkt de meest aansturende rol te hebben gespeeld’. Volgens Denver B. had S. ‘iets goed te maken’ omdat hij een andere zaak ‘had verpest’. Door de beschieting te regelen zou hij zijn schuld hebben vereffend. Zelf zegt Amier S. dat hij niet heeft geschoten, en zwijgt hij verder vooral. Damien L. erkende tijdens de zitting dat hij in de Renault heeft gereden. Maar hij zegt die alleen naar de Rivierenbuurt te hebben gebracht, waarna hij (al vóór het schieten) zou zijn opgepikt door iemand wiens naam hij niet wil noemen.

Alle drie de verdachten hebben al een strafblad, Damian L. en Amier S. voor drugshandel, Denver B. voor huiselijk geweld. Waarom het huis is beschoten, is volgens de aanklager ‘niet duidelijk geworden uit het onderzoek’. Boven de beschoten woning woont crimineel Jermaine M., die ervan is beschuldigd rapper Bigidagoe de dag voor de beschieting van de woning van diens onderburen te hebben neergeschoten. M. zit inmiddels vast voor betrokkenheid bij ander grof geweld, waaronder een liquidatie.

‘Geen bewijs voor betrokkenheid bij schieten’

De advocaten van de verdachten stellen dat niet is vast te stellen dat hun cliënten bij het schieten betrokken zijn geweest. Raadsman Ralph Titahena van Damian L. erkent dat diens dna is gevonden op kledingstukken, handschoenen met ‘schotresten’ en in en bij de auto’s (ook op een mondkapje dat was weggegooid bij de plek waar die geparkeerd hadden gestaan in Noord). Wanneer dat dna daar is beland, blijkt volgens hem nergens uit, en het kan ook via via op de spullen zijn gekomen. Op het wapen zaten Damians sporen niet. Dat hij in één van de auto’s naar de Vechtstraat reed, wil niet zeggen dat hij wist dat daar geschoten zou worden. Zijn telefoon was kort na het schieten mogelijk al ver uit de buurt.

Getuigen hebben wisselende verklaringen over mogelijke daders die zij zagen en en de opgegeven signalementen passen niet op L., stelt Titahena. Het belastende relaas van Denver B. is deels aantoonbare ‘kletskoek’ en mag niet als belangrijk bewijs worden gebruikt. B. ‘minimaliseert’ zijn rol door de anderen te beschuldigen. Dat de drie jonge mannen een gezamenlijk plan hadden voor de beschieting is volgens de verdediging niet aangetoond. Áls het al de bedoeling was te schieten, was het nog niet aantoonbaar het doel iemand te raken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden