Plus Interview Rein Wolfs

Nieuwe directeur Stedelijk: ‘Ik heb geen angst voor de druk die op deze functie ligt’

Rein Wolfs. Beeld Henning Kaiser/dpa

Bang voor druk en hoge verwachtingen is Rein Wolfs (59), de nieuwe directeur van het Stedelijk Museum, niet. Hij komt naar het museum vanwege de collectie en gelooft in tegenstrijdige belangen.

Rein Wolfs naam zoemde al langer rond als een uitstekende kandidaat om directeur van het Stedelijk te worden. “Elke keer zag ik mijn foto in verschillende kranten voorbijkomen. Ik vond het vooral vermakelijk om te lezen welke voor- en nadelen aan mij werden gekoppeld.”

Wolfs zou bijvoorbeeld een beetje te serieus zijn en te weinig gevoel voor humor hebben. Hij lacht en zegt: “Terwijl dat juist in de ­advertentie stond! En dat vind ik ook wel een belangrijk criterium in een procedure. Ik geloof dat ik dat wel heb, ik heb in elk geval een sterk relativeringsvermogen.” Dat komt, zegt hij, mede doordat hij in het verleden in Nederland, Zwitserland en Duitsland woonde. “Dan leer je een andere manier om verbaal met dingen om te gaan. ­Humor is daar onderdeel van.”

U heeft in Zürich, Rotterdam en Bonn gewerkt. Hoe goed kent u het Stedelijk?

“Ik ken het Stedelijk nog steeds heel goed, als oplettende bezoeker maar ook als iemand die er af en toe samenwerkingen mee is aangegaan. Ik ken het museum sinds mijn studententijd, toen ik dagelijks in de bibliotheek studeerde. En ook in mijn vroege jeugd ben ik er vaak met mijn ouders geweest. Het Stedelijk heeft ­altijd die uitstraling: of je het wilt of niet, je neemt waar wat er gebeurt.”

De Bundeskunsthalle draait nu goed. Waarom deze overstap?

“Een van de belangrijkste redenen is de collectie. Ik werk nu in Bonn in een kunsthal en daar is geen collectie. Wat me ook erg interesseert, is de mogelijkheid van specialisatie die het Stedelijk biedt. We werken in de Bundeskunsthalle heel breed en daar heb ik veel van geleerd. Het Stedelijk is wat meer gefocust en dat interesseert me nu sterk.”

“Ik ben een jaar of elf geleden uit Nederland vertrokken op een moment dat het hier naar mijn gevoel een stuk minder tolerant was. Ik ben naar Duitsland gegaan omdat het daar een opener maatschappij aan het worden was, die toleranter en vooruitstrevender dacht over politiek en de wereld. Dat is ook wat Duitsland mij de afgelopen elf jaar heeft gegeven. Ik heb het gevoel dat Nederland weer interessanter is ­geworden. Er is weer een nieuw soort dynamiek aan het ontstaan en daar wil ik graag inzitten.”

Ook politiek?

“Het is natuurlijk een lastige dynamiek. Als je de politiek analyseert en je ziet hoever de provinciale en de Europese verkiezingen uit elkaar liggen, is dat een bewijs dat we in een enorm ­dynamische maatschappij leven waarin we vandaag niet weten wat morgen zal gebeuren. Dat is in Nederland op het moment ­extreem het geval. Het is een dynamiek waarin je iets kunt beginnen, waardoor thema’s op straat komen te liggen waarmee je iets kunt doen.”

U treedt in de voetsporen van Willem Sandberg en andere beroemde directeuren. Het is een functie waar nogal wat verwacht wordt, zeker omdat de laatste twee directeuren vroegtijdig weggingen.

“Er zijn altijd van die dingen waar een onevenredige druk op ligt, die met een ver verleden te maken hebben. Je ziet dat in de voetballerij bij een club die mij na aan het hart ligt – geen Amsterdamse club overigens – waardoor de verwachtingen altijd veel te hoog liggen. Het is altijd lastig om daar iets mee te doen. Willem Sandberg heeft iets fantastisch gedaan, maar in een tijd waarin alles heel anders was. De wereld is complexer geworden. We zijn, zoals de Duitser zegt, konkurrenzfähig geworden. Er is meer concurrentie in de wereld gekomen. Amsterdam is niet meer de navel van de wereld.”

“Maar ik heb geen angst voor druk. Ik denk dat het Stedelijk de afgelopen jaren ook naar buiten toe niet slecht heeft gefunctioneerd. Het werd ook in het buitenland heel goed waargenomen. Het is belangrijk om te kijken hoe het museum ook meer verbinding met de stad zou kunnen krijgen. Want we kunnen niet alleen maar overleven dankzij de toeristenindustrie, hoe belangrijk dat ook is voor het Stedelijk.”

Hoe denkt u dat te gaan doen?

“Dat doe je thematisch, maar ook in de manier waarop je communiceert, waarop je op mensen afstapt. Het is een proces dat we met de hele organisatie zullen doorlopen. Ik heb altijd een sterke interesse gehad om verschillende contexten bij elkaar te denken – ­lokaal, internationaal, globaal. In een museum moet ook een ­bepaald spanningsveld ontstaan tussen verschillende soorten tentoonstellingen.”

Hoe moet het nu met die onvoorwaardelijke liefde voor Feyenoord? Misschien komt er volgend jaar weer een huldiging op het Museumplein.

“Dan komt er weer een spandoek met ‘Het Stedelijk Museum feliciteert Ajax’. Dat kan samengaan, moet zelfs samengaan. Ik geloof in tegenstrijdige belangen. Daar bestaat een museum uit. Je hebt discussie nodig, je hebt debatten nodig en je hebt verschillende belangen nodig.”

CV Rein Wolfs

Na zijn studie kunstgeschiedenis aan de UvA begon Rein Wolfs (1960, Hoorn) zijn carrière als ­assistent-curator in de Hallen für Neue Kunst in het Zwitserse Schaffhausen. In 1996 werd hij de eerste directeur van het Migros Museum in Zürich. Daarna was hij van 2003 tot 2007 Hoofd Presentaties in ­Museum Boijmans Van Beuningen. Hij maakte er tentoonstellingen van Rirkrit Tiravanija, John Bock, Fischli/Weiss, Bas Jan Ader, Erik van Lieshout en Urs ­Fischer.

In 2003 was hij curator van het Nederlands paviljoen op de Biënnale van Venetië, waar hij een groepstentoonstelling organiseerde met werk van Carlos Amorales, Alicia Framis, Meschac Gaba, ­Jeanne van Heeswijk en Erik van Lieshout. Van 2007 tot 2012 was hij artistiek directeur van de Kunsthalle Fridericianum in Kassel.

Sinds 2013 is hij ­directeur van de ­Budeskunsthalle in Bonn. Daar organiseerde hij een breed aanbod aan tentoonstellingen, over onder anderen Hanne Darboven, Kazimir Malevich (een samenwerking met het Stedelijk), Karl Lagerfeld en een veelbesproken tentoonstelling over de kunstcollectie van Cornelius Gurlitt. Deze verzameling was bij elkaar gebracht door de nazikunsthandelaar Hildebrand Gurlitt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden