PlusExclusief

Nicolette van Dam over haar plek in Amsterdam: ‘Het is hier bijna een soort Parijs’

Nicolette van Dam bij Brasserie Van Dam: 'Het is gek om over je eigen zaak te zeggen, maar mensen denken ook: wie zal er verder zitten?' Beeld Erik Smits
Nicolette van Dam bij Brasserie Van Dam: 'Het is gek om over je eigen zaak te zeggen, maar mensen denken ook: wie zal er verder zitten?'Beeld Erik Smits

Na een reisgids over Nederland schreef Nicolette van Dam nu een boek over Amsterdam. Haar eigen habitat is altijd de Cornelis Schuytstraat geweest. ‘Vroeger hoefde je geen groentejuwelier te zijn om hier de huur te kunnen betalen.’

Robert Vuijsje

Op het terras van Brasserie Van Dam, in de Cornelis Schuytstraat, wijst Nicolette Van Dam ze aan. “De twee die daar zitten komen hier elke dag.” En aan het tafeltje ernaast: “De vrouwen met die zonnebrillen op: ken ik sinds ik een kind was.” De volgende tafel: “Die mannen drinken hier iedere ochtend koffie.”

Wat ze ermee wil zeggen: in deze buurt is veel veranderd sinds haar kindertijd, maar genoeg is ook hetzelfde gebleven. Binnen aan een tafel zit haar vader, René van Dam, met haar dochter Kiki. “Dit is de volgende generatie,” kondigt hij aan.

René van Dam begon in de slagerij die zestig jaar geleden weer door zíjn vader werd opgericht en inmiddels is verkocht. Tegenwoordig heet het Slagerij De Schuyt, even verderop in de Cornelis Schuytstraat, op het pleintje van de kruising met de Johannes Verhulststraat. Vanuit die zaak had René van Dam zijn oog laten vallen op het dubbele pand waar nu de brasserie in zit.

In die tijd was dit een straat met verschillende levensmiddelenwinkels, waaronder twee groenteboeren en twee slagers. Nicolette van Dam: “Toen hoefde je nog geen groentejuwelier te zijn om hier de huur te kunnen betalen.” In dit dubbele pand zat slagerij Zwemmer, de toenmalige concurrent van Van Dam. Uiteindelijk kon René van Dam het vrijgekomen pand kopen in 1997.

“Mijn vader praatte altijd over dit pand. Hier wilde hij heen. De slagerij van mijn opa was ambachtelijk, met een eigen worstmakerij. Het vlees werd toen in de zaak uitgebeend, dat gebeurt nu meestal buiten de deur. Met mijn vader ging ik naar Abcoude om een koe te kopen. Ik zag hoe hij ging voelen: goeie kont.”

Deze week verschijnt Amsterdam heeft alles, het boek dat Nicolette van Dam maakte met haar man, Bas Smit. Daarover zo meer. Eerst een opsomming van een deel van haar activiteiten, vaak in combinatie met Smit: “Even goed denken. De Amsterdamse Zomer, dat is een serie concerten in het Olympisch stadion. Dus we doen evenementen. Dan heb ik een kledinglijn en sinds kort onze eigen rosé, ChouChou. Van het vorige boek van Bas en mij, Nederland heeft Alles, werden er meer dan 100.000 verkocht. Aan het boek over Amsterdam wordt een boottour gekoppeld.

“Los van elkaar zijn al die dingen eigenlijk een fulltime baan. Deze zaak is dat ook. Maar we doen het allemaal naast elkaar, soms weet ik zelf ook niet hoe. O ja, en ik presenteer en acteer nog altijd, maar niet meer zo frequent als vroeger. Ik weet nog dat ik ergens in het land een tv-programma presenteerde toen ik hoogzwanger was. Ik dacht: het gaat me toch niet gebeuren dat de weeën komen als ik onderweg ben en dan staat er geen Amsterdam in het paspoort van mijn kind?”

Als kind woonde Nicolette van Dam in Buitenveldert, ze zat op het Keizer Karel College in Amstelveen. “Mijn moeder was thuis als mijn broer en ik uit school kwamen, mijn vader was altijd aan het werk. De slagerij bouwde hij uit naar een traiteur en cateringbedrijf. Echt een pionier. Wij gingen bagels met pastrami verkopen toen niemand dat nog kende. De klanten vroegen: wat is een báággel? En káápertjes?”

Denk je dat de Cornelis Schuytstraat meer is veranderd dan andere delen van de stad?

“Als kind kwam ik met mijn oma bij een nostalgische sigarenzaak een paar deuren verder, van zo’n oud mannetje. Je kon achter in de zaak zijn woonkamer in kijken. Een ouderwetse drogist zat er ook nog. De huren gingen omhoog en er kwamen andere winkels voor in de plaats. Met de huizen gebeurde hetzelfde.”

“Ik weet niet of het hier meer is veranderd dan de rest van de stad. Je hebt hier in de buurt al die statige huizen, het ligt aan het Vondelpark. Deze wijk was altijd al iets bijzonders, alleen zijn de prijzen omhooggegaan. Ik begrijp wel hoe dat meestal gaat. Mensen wonen in een appartement en krijgen van een makelaar een bedrag geboden waarmee ze in ’t Gooi een huis met een tuin kunnen kopen. Dan moet je heel sterk in je schoenen staan om nee te zeggen.”

Hoe omschrijf jij deze straat?

“Het is bijna een soort Parijs. Mondain, wat meer gepolijst dan bijvoorbeeld De Pijp. De bloemen op straat, de terrassen. Je kunt hier zitten en mensen kijken. Hoe ze gekleed zijn, wat voor spullen ze net hebben gekocht.”

“In de komende jaren gaat de Dam heel groot worden, met de exclusieve merken die daar een zaak openen. Dat is meer voor toeristen uit het buitenland. Hier kun je de locals zien. Net zoals wanneer je op vakantie naar New York gaat, dan wil je ook tussen de mensen zitten die daar wonen.”

Hebben jullie andere gasten dan vroeger?

“Ik denk het niet. Hier komen families van generatie op generatie. Iedereen stapt binnen, daar doen we ons best voor. Je kan op naaldhakken komen voor een pornstar martini, maar we hebben ook mensen uit de bouw die na het werk een hamburger eten. En ze komen uit Brabant of Groningen, het hoort bij een dagje Amsterdam. Ze willen het beleven. Mij kunnen ze kennen van tv, Bas en ik zijn allebei heel actief op sociale media. Het is gek om over je eigen zaak te zeggen, maar mensen denken ook: wie zal er verder zitten? Johan Cruijff zat vroeger gewoon op het terras.”

Waarom wilde je de zaak van je ouders overnemen?

“Mijn broer had de Hogere Hotelschool gedaan, voor hem was het een natuurlijke overgang. Ik acteerde en presenteerde, maar horeca zat er ook altijd in bij mij. Mijn ex-vriend kwam uit een familie die verschillende restaurants had in de stad: d’Antica en Cinema Paradiso. Daar heb ik het echt geleerd. Het kwam voor dat ik overdag hier werkte in de bediening en daar ’s avonds verder ging. Ook als ze me nu nog bellen uit de brasserie: we komen handen tekort, kun je bijspringen in de bediening – dan vind ik dat heerlijk.”

“Mijn vader was 55 en hij wilde altijd het beste uit zijn bedrijven halen. Hij wilde de kant van de traiteur verder uitbreiden, we deden premières in Tuschinski en werkten voor het koninklijk huis. Het is nu bijna tien jaar geleden dat mijn broer en ik de brasserie overnamen en onze vader is nog steeds betrokken. Hij ziet alles. Hij komt binnen en zegt meteen: let op die lampen, en de indeling van die tafels kan beter.”

Waarom wilde je een reisgids over Amsterdam schrijven?

“Bas en ik gebruiken Instagram onder andere voor onze bedrijven, zo kun je het zien. Daar begint bijna alles wat we doen. Nederland heeft alles was een boek over de mooie plekjes die in ons land te vinden zijn. Daarna kregen we zoveel vragen over Amsterdam. Waar moeten we heen, in welk hotel moeten we slapen?”

“We werden een soort reisbureau. Toen hebben we er een boek van gemaakt, ingedeeld per wijk. De stad heeft alles en is voor iedereen. Het hoeft niet duur te zijn. Je hebt parken, markten, architectuur.”

Ik zag geen hoofdstukken over IJburg, Zuidoost en Nieuw-West.

“IJburg zit bij De Eilanden. Op het KNSM-eiland kwam ik al, maar ken je de Czaar Peterstraat? Zo leuk, dat had ik vroeger nooit gedacht. De mensen die daar al woonden, hebben veel zien veranderen.”

“Zuidoost is samengevoegd met Zuid. Je kunt binnendoor van Zuid naar Zuidoost fietsen, heb je dat weleens gedaan? Noord heeft wel een eigen hoofdstuk. Daar is het geweldig geworden. De restaurants en winkeltjes. Het doet me denken aan het Meatpacking District in New York, ook zo’n buurt die is opgeknapt.”

De oorspronkelijke bewoners van Noord lijken niet erg blij met de veranderingen.

“Ja, ik snap dat het ingewikkeld is. In deze buurt, rond de Cornelis Schuyt, is het ook zo gegaan. De mensen die er woonden, konden het niet meer betalen en verhuisden.”

Kun je dat vergelijken met Noord?

“Ik durf niet te zeggen of die situaties goed te vergelijken zijn. Dit is wat er gebeurt in een grote stad, of we het leuk vinden of niet. Ik kijk liever naar wat wél goed gaat en naar wat voor moois Amsterdam te bieden heeft. Daar gaat ons boek over.”

CV

Nicolette van Dam (Amsterdam, 1984) is met haar broer Sebastiaan de eigenaar van Brasserie Van Dam in de Cornelis Schuytstraat. Deze week verschijnt Amsterdam heeft alles, het boek dat ze maakte met haar man Bas Smit.

De stad van... Nicolette van Dam

Echt Amsterdams
“Op het water. In een bootje, over de grachten, kan ik echt emotioneel worden.”

Accent
“Door mijn moeder ben ik opgevoed dat ik niet te plat Amsterdams moet praten. Maar als ik een borreltje op heb en met vrienden uit ben, neem ik het soms nog van ze over.”

Partner
“Hij komt uit de buurt van Gouda, maar woont hier sinds zijn achttiende. De stad wordt steeds groter, met steeds minder geboren Amsterdammers.”

Huur of koop
“Met mijn man ben ik wel vijf keer verhuisd, steeds huur. Elf jaar geleden, in de goede tijd, konden we iets kopen. Daar wonen we nog steeds.”

Import
“Ze willen allemaal Amsterdammers worden hè, de mensen die hier komen wonen uit de rest van Nederland. Ik vind: wij zijn zo open en tolerant, ze mogen het worden.”

Amsterdammers klagen graag over de snel veranderende stad, maar willen hier toch blijven wonen. Hoe werkt dat, vraagt schrijver Robert Vuijsje (Alleen maar nette mensen, Salomons oordeel) zich af in een wekelijkse interviewserie met bekende en minder bekende Amsterdammers. Dit is aflevering 26. Lees hier alle afleveringen terug.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden