PlusDe Klapstoel

Nibud-directeur Arjan Vliegenthart: ‘Door mij heeft Dries Roelvink een keer op de SP gestemd’

Op de klapstoel: Arjan Vliegenthart (1978), oud-wethouder in Amsterdam en nu directeur van het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud). Een interview aan de hand van steekwoorden: over schulden, de Bijlmer en Dries Roelvink.

Vera Spaans
Arjan Vliegenthart. Beeld Harmen de Jong
Arjan Vliegenthart.Beeld Harmen de Jong

Heerhugowaard

“Dat staat als geboorteplaats in mijn paspoort, maar ik heb er geen actieve herinnering aan. Na een half jaar verhuisden we naar Oudewater. Mijn vader was dominee en werd daar beroepen. We keken uit op het dijkhuisje waar Swiebertje werd opgenomen. Onlangs fietste ik erlangs, in de stromende regen, en toen dacht ik: het is allemaal veel kleiner dan ik me als klein kind herinnerde.”

“Mijn broer Rens is één jaar jonger, Bas twee – mijn moeder wilde een harmonieus gezin, maar het was altijd heel druk bij ons thuis. Er werd veel gediscussieerd. Ons leven werd in hoge mate bepaald door het ambt van mijn vader, het geloof kreeg je met de paplepel ingegoten. Zolang we thuis woonden, werden we geacht mee te gaan naar de kerk. Op zondagochtend moesten we, in de middag mochten we naar Ajax. Nu ga ik te weinig, is het korte antwoord. Het geloof laat mij niet los, maar is in ons gezin minder bepalend. Mijn kinderen zijn gedoopt, daar hebben we bewust voor gekozen omdat ze zich zo verbonden weten met iets groters, en met hun opa, maar die wekelijkse gang naar de kerk zit er niet meer in. Mijn kinderen vinden het best interessant, maar dan als uitje.”

Grieks

“Het Waterlant College wilde het vak schrappen, want ik was de enige die het nog volgde. Maar de rector was gevoelig voor het argument dat ik me nu eenmaal had ingeschreven toen je eindexamen gymnasium kon doen. De laatste twee schooljaren kreeg ik dus privéles Grieks.”

“Ik was er geen held in, maar de eindexamenauteur was Sophocles, en de Elektra is een fantastisch verhaal. Toen begon ik er aardigheid in te krijgen. Dus ik ben blij dat ik het heb afgerond, net als Latijn. Voor allebei een 8, zei hij vrolijk.”

“Ik had tien vakken: zes talen, wiskunde a, economie, aardrijkskunde en geschiedenis. Mijn kinderen zeggen altijd: pap, doe niet zo overdreven. Gelijk hebben ze.”

Bijlmer

“Kantershof, de kleine K-buurt. Daar heb ik een heerlijke jeugd gehad. Het was groen, je kon er heerlijk spelen. Als je de bal in de bosjes schoot, moest je wel altijd even kijken of je niet ook een drugsnaald vond.”

“Er zat een gereformeerde kerk in de Bijlmer, in wat toen Ganzenhoef was, een verzamelgebouw voor kerkgenootschappen. Het was onder een parkeergarage. Een heel bijzondere plek, altijd een beetje donker. Als je erdoorheen fietste, rook je de urinelucht van de parkeergarages uit die tijd.”

“Op school was ik als wit Nederlands kindje in de minderheid, maar er waren zoveel culturen dat Nederlands wel de taal was die iedereen sprak. Als ik bij vriendjes ging eten, aten we bruine bonen met pom. Geweldig. Ik heb altijd het gevoel gehad dat ik erbij hoorde. Wel ben ik op mijn dertiende op mijn fiets beroofd. Ik was op weg naar voetbaltraining: voetbaltas kwijt, fiets weg. Driekwart jaar later, ik weet niet of het echt aan elkaar gekoppeld was maar dat doe ik wel, zijn we verhuisd naar Landsmeer.”

Pim Fortuyn

“De opkomst van Fortuyn was voor mij de aanleiding om lid te worden van de SP. Ik dacht: als je iets vindt van Fortuyn, en iedereen deed dat, moet je niet alleen iets vinden maar ook iets doen. Ik vond de manier waarop hij de boel op scherp zette fijn, maar voelde me niet senang bij hoe hij over moslims en migratie sprak. De SP was voor mij het antwoord: ook omdat ze op straat te vinden waren en mensen hielpen, bijvoorbeeld met het invullen van formulieren. Ik weet hoe moeilijk het is om een formulier in te vullen als het niet je dagelijkse werk is, en hoeveel het uitmaakt in het leven van mensen of ze wel 100 euro per maand erbij krijgen door dat formulier of niet. Dat helpen vond ik het mooie, en dat onderscheidde de SP van de andere partijen op links. Het gaat niet alleen om het grote politieke verhaal, maar ook over ervoor zorgen dat het leven van mensen morgen makkelijker is dan vandaag.”

Dries Roelvink

“Leuke gast. Ik heb hem weten te verleiden één keer op ons te stemmen toen ik wethouder was. Ik sprak hem in een radioprogramma, de dag voor de gemeenteraadsverkiezingen. Dries had het over Nieuw-West en dat er vroeger allemaal Jordanezen woonden, dat het nu van kleur verschoten was. Toen zei ik: weet je, Dries, je lijkt me geen SP-stemmer met je ‘bij ons in de PC’, maar ik kan het je tóch vragen. Het was even stil, en toen zei hij: ik doe het. En een dag later postte hij een selfie uit het stemhokje waarin hij het onderste vakje van de SP rood had gemaakt.”

Toeslagenaffaire

“Pijnlijk hoe een machtige overheid mensen in de verdrukking brengt. Ik zit in een bestuurlijke commissie die de staatssecretaris adviseert over de oplossingen van de toeslagenaffaire. Je ziet de weerbarstigheid van goede bedoelingen die verloren gaan in een systeem van wet- en regelgeving. We moeten die mensen niet alleen ruimhartig compenseren, we moeten hen ook helpen hun leven weer op de rit te krijgen. Het is niet alleen geld, het is ook het feit dat je kinderen niet mee hebben kunnen doen op school, dat je thuis stress hebt en misschien je relatie wel kapot is gegaan. De overheid is goed in het transfereren van geld over de samenleving, maar kijken naar wat er nodig is om verder te komen, dat is veel lastiger. Die instrumenten zijn er niet.”

“De echte schade is dat mensen nu niet meer durven aan te vragen waar ze recht op hebben. Voor de energietoeslag die er nu is, wordt een op de vijf mensen die er recht op hebben, niet bereikt. Het heet dan weer een toeslag, dus de angst het geld weer te moeten terugbetalen speelt een grote rol. Dat vind ik zorgwekkend.”

Huisuitzettingen

“Dat werden er in mijn tijd als wethouder steeds minder. Een van de dingen waarvan ik denk: wat fijn dat dat me gelukt is. Een huis is meer dan een dak boven je hoofd, het is de grond onder je bestaan. Mensen die hun huur niet kunnen betalen, moeten niet verder de sores in worden gedouwd, maar geholpen worden om verder te komen in het leven.”

“Mensen die diep in de schulden zitten, zijn vaak heel realistisch over hun aandeel. Die zeggen: ik heb het niet even handig gedaan. Maar ze zeggen allemaal ook: het systeem waarin ik zelf door iets doms terechtkwam, heeft me alleen maar verder naar beneden getrokken.”

“Mijn doel was: mensen met een smalle beurs toch onderdeel te laten zijn van de stad. Amsterdam is een stad voor winnaars geworden. Mensen die daar niet toe behoren, vragen zich af: hoor ik hier nog thuis? Ik wilde ervoor zorgen dat zij konden zeggen: ik mag hier zijn. Dat dreef mij. Ik zou het eeuwig zonde vinden als je in een stad waar van oudsher rijk en arm hebben gewoond tegen een deel zou zeggen: voor jullie is geen plek meer. Dan gaat er iets verloren in de ziel van de stad.”

Grote belofte

“Ik heb mezelf nooit als grote belofte beschouwd. Ik was 27 toen ik Eerste Kamerlid werd, klopt, ik was ook rond mijn dertigste directeur van het wetenschappelijk bureau van de SP, maar een belofte? Ik heb dat nooit zo’n relevante vraag gevonden. Belofte waarin en waarvoor? Ik heb in mijn leven allemaal dingen gedaan die ik waardevol vond.”

“Toen ik als wethouder geen tweede termijn kreeg, was dat balen. Dat was een proces van rouw. Het begint met de reflex dat je nog steeds twintig keer per dag naar de Paroolsite kijkt met het idee: moet ik ergens nog op reageren? En het antwoord is steeds nee, het doet er niet meer toe. Ik merk dat ik elke vakantie weer een slagje rustiger ben dan het jaar ervoor. Het is afkicken geweest.”

“Mijn broer Rens zei tegen mij: Arjan, je bent vier jaar wethouder geweest, dat heb je heel goed gedaan, je hebt geen deuk, geen schram opgelopen. Nu baal je, maar naarmate de tijd vordert, komt er steeds meer een gouden glans omheen. En dat is waar.”

Eating or heating

“Een onmogelijke keuze die je niet aan mensen voor mag leggen. Voor een heel grote groep is het een uitdaging: hoe kom ik deze winter zo laag mogelijk door? Dat doen wij thuis ook, de verwarming staat lager bij de directeur van het Nibud. En dat is niet alleen een betaalbaarheidsvraagstuk, maar voor veel Amsterdammers ook een kwestie van principe, of dat nou te maken heeft met de oorlog in Oekraïne of de toekomst van de aarde. Als je er een sport van weet te maken, zitten we op het goede niveau, maar als het je bestaanszekerheid treft, gaat er iets mis.”

Zakgeld

“De meest bekeken pagina van het Nibud, en ook de reden dat mijn kinderen nog steeds niet geloven dat ik de baas ben van het Nibud. Als ik echt de baas zou zijn, was hun zakgeld allang omhooggegaan. Ze krijgen precies conform de Nibudnorm: kleedgeld 50 euro, zakgeld naar leeftijd. De hoogte wordt eens in de zoveel tijd bepaald door een panel van ouders en kinderen, in een groepsgesprek. Zakgeld is niet de corebusiness van het Nibud, al lijkt dat soms zo. Twee jaar geleden had iedereen het over de thuiswerkvergoeding. Dat is óók niet de corebusiness van het Nibud, maar wel het thema waar iedereen zich mee bezighield in corona. Wat is de thuiswerkvergoeding van het Nibud? Tja, het is een afgeleide van wat we doen. Het ene springt nu eenmaal wat meer in het oog dan het andere.”

Ajax

“Mijn club. Mijn eerste seizoenskaart mocht ik op mijn vijftiende. Nu is het wat pijnlijk, ja. Ik ben hartstikke trots dat ze het een paar jaar goed gedaan hebben, maar nu denk ik soms: het is wel een miljoenenbedrijf geworden. Ik vind het grote geld toch altijd op gespannen voet staan met de Amsterdamse branie die de club zou moeten zijn.”

Mamil

“Een middle aged man in lycra – daar begin ik steeds meer op te lijken. In de zomer heb ik met vrienden een vijfdaagse fietstocht gemaakt door de Pyreneeën. Ik vind het heerlijk, het houdt je gezond en geeft energie. Ik probeer eens in de week naar mijn werk te fietsen, naar Utrecht, dat kost me twee uur. Dat is een uurtje extra reistijd, maar dan heb ik meteen gesport. Mijn wielen komen van Marktplaats, ja. Ik blijf toch directeur van het Nibud en ons blijft zuinig, maar ik vind het oprecht een mooi ding.”

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden