PlusAchtergrond

Na eerdere mislukkingen gaat Amsterdam het wéér proberen: gft-afval ophalen

De gemeente Amsterdam stopte  rond de eeuwwisseling met het ophalen van gft-afval, maar durft het nu – dankzij een nieuw systeem – weer aan. Beeld Jakob van Vliet
De gemeente Amsterdam stopte rond de eeuwwisseling met het ophalen van gft-afval, maar durft het nu – dankzij een nieuw systeem – weer aan.Beeld Jakob van Vliet

Gft-inzameling krijgt weer op grote schaal kans in Amsterdam. Door groenafval voor te schotelen aan bacteriën en vliegen levert het in de toekomst behalve compost en energie ook duurzame grondstoffen op.

Langzaam maar zeker, buurtje voor buurtje, begint het in Amsterdam toch ergens op te lijken met het ophalen van groente-, fruit- en tuinafval (gft). Op IJburg kunnen sinds deze zomer 11.000 huishoudens hun etensresten kwijt in aparte groencontainers. In de S-buurt van Zuidoost gaat het helemaal hard, omdat veel mensen hier een tuin hebben, veel snoeiresten dus. In het eerste jaar hebben de bewoners al 30 procent van het gft apart ingezameld, ruim 27 kilo per persoon. Het is de bedoeling uiteindelijk in driekwart van de stad gft in te zamelen.

Wie had dat gedacht in Amsterdam? Gft is heel geschikt voor compost, organische stoffen waar de bodem dringend behoefte aan heeft vanwege de verschraling door intensieve landbouw. In heel Nederland is een groencontainer daarom de gewoonste zaak van de wereld, maar behalve de stank die een beetje hoort bij het begin van het rottingsproces in de biobak, hing in Amsterdam rond gft ook altijd de geur van mislukking.

Tot de eeuwwisseling werd gft in grote delen van de stad apart ingezameld, maar daarna hielden de stadsdelen er één voor één weer mee op. Hardnekkig waren de verhalen dat de inhoud van groencontainers na ophalen alsnog met de rest van het huisvuil in de afvalverbranding belandde. En dat was in de praktijk ook vaak zo. In de anonimiteit van de grote stad was er altijd wel iemand die plastic of ander huisvuil in de groene bak gooide – uit nonchalance of omdat de andere containers vol waren. Boeren willen geen vervuilde compost, dus dan ging het linea recta de verbrandingsoven in.

Voor dat probleem is een oplossing gevonden. Bij afvalbedrijf Meerlanden in Rijsenhout bij Schiphol hebben ze al een jaar lang niet één vrachtwagen met gft uit Amsterdam afgekeurd. Uitgerekend een stukje plastic maakt het ophalen van groenafval weer een haalbare kaart, zo werd in 2016 uitgedokterd op Java-eiland. “De toegangspas is de sleutel tot succes,” zegt Esther Somers, voor de gemeente al jaren betrokken bij het opzetten van de gft-inzameling. Pas na uitvoerige uitleg wat wel en niet in de bakken mag, krijgen bewoners het pasje waarmee de klep van gft-containers opengaat. Niemand die daar dus in een opwelling ander huisvuil in kan stoppen, dankzij het pasje. Intussen wordt ook een app ontwikkeld.

Bezorgdheid om het klimaat

Verder hebben de bakken een kleine inwerpopening gekregen. Zeker in buurten zonder tuin komt groenafval met kleine beetjes, dus een grote klep lokt alleen maar vervuiling uit. Een andere reden dat het nu wel lukt met gft is de snel opgelopen bezorgdheid over klimaatverandering, waardoor veel meer Amsterdammers hun afval willen scheiden. Somers deelt soms pasjes uit aan bewoners van andere buurten die met hun gft zelfs helemaal naar het Java-eiland fietsen.

De ingezamelde hoeveelheden zijn nog niet om steil van achterover te slaan. Op Java-eiland en Steigereiland (IJburg) wordt per inwoner zo’n 7 kilo per jaar opgehaald, terwijl uit onderzoek blijkt dat een Amsterdammer gemiddeld 91 kilo gft per jaar weggooit. Er is dus nog een wereld te winnen, ook al omdat gft apart verwerken goedkoper is. Somers: “De kosten zijn bijna de helft vergeleken met die van verbranding bij AEB, dus Amsterdammers zouden alleen al moeten meedoen als ze hun afvalstoffenheffing naar beneden willen krijgen.”

Welke buurten hierna aan de beurt komen, is nog niet te zeggen, maar de komende jaren wordt de gft-inzameling snel uitgebreid. Vanaf 2023 moet dat ook volgens EU-regels. Belangrijker: het stadsbestuur wil een circulaire economie per 2050, zodat al het afval wordt hergebruikt. Vorig jaar lanceerde wethouder Marieke van Doorninck het plan om per 2026 in driekwart van de stad gft in te zamelen. Of dat haalbaar is? Somers: “In dit tempo duurt het nog wel tien jaar.”

Om een nieuwe mislukking te voorkomen wordt veel werk gemaakt van voorlichting. “Het is echt opvoeden.” Begonnen wordt met de buurten waar de bewoners er zelf om vragen. Als indicatie geldt bijvoorbeeld de populariteit van wormenhotels in de buurt. Ook dat levert compost op, maar in veel kleinere hoeveelheden dan door het ophalen van gft. Dan nog weet de gemeente nu al dat er buurten zijn waar gft-inzameling weinig kans van slagen heeft doordat er geen ruimte is op straat. “In een kwart van de stad zal het nooit gebeuren.”

Extra reden om te kiezen voor het ophalen van gft is dat er door nieuwe technieken veel meer uit te halen is. Sinds een jaar of tien vergist Meerlanden gft in veertien dagen tot groengas, een alternatief voor aardgas, waarmee dus direct fossiele brandstoffen worden uitgespaard. Daar rijden de vuilniswagens op die het gft ophalen. Verder worden warmte, CO2 en andere overblijfselen uit de vergisting en de compostering hergebruikt.

Biogas

Het digestaat dat overblijft als micro-organismen het gft bij de vergisting hebben omgezet in biogas, eindigt alsnog als compost en gaat als bodemverbeteraar naar boeren. “Daar is een grote behoefte aan organisch materiaal, want door intensieve landbouw verschraalt de bodem,” zegt de Wageningse wetenschapper Edwin Hamoen. Maar daarmee komt nog steeds CO2 vrij, zowel bij composteren als bij vergisten. Nog beter zou zijn, zegt Hamoen, als het gft wordt omgezet in grondstoffen die uit olie en gas gemaakte materialen kunnen vervangen, wat de uitstoot van CO2 voorkomt.

Jonge bedrijven hebben daarvoor technieken ontwikkeld waarmee ze al op grote schaal produceren. Zo schotelt het Brabantse Protix restanten uit de voedingsindustrie voor aan vliegenlarven, die uitgroeien tot een eiwitrijke grondstof voor diervoeder (zie kader). Het is ook mogelijk de vliegen los te laten op gft, maar dat mag vanwege afvalwetgeving vooralsnog niet.

Er zit wel beweging in dit soort wettelijke obstakels op de weg naar een circulaire economie. Pas dit najaar heeft de Europese Commissie toestemming gegeven om insecteneiwit te gebruiken voor pluimvee- en varkensvoer. Volgens Hamoen, programmamanager Bioraffinage, is het uiterst duurzaam om organische reststromen via vliegenlarven om te zetten in grondstoffen. “Niet alleen wordt de CO2 vastgelegd, ook vervang je de import van soja of dierlijk eiwit.” Voor soja wordt in Zuid-Amerika tropisch regenwoud gekapt. Hamoen heeft veel vertrouwen in dit soort nieuwe toepassingen voor gft, die hem een kwestie van tijd lijken. “De wet­geving loopt altijd achter innovaties aan.”

Vooralsnog loopt Zuidoost binnen Amsterdam voorop met gft. In Gaasperdam wordt het verzameld in veertien afgesloten bakken. Op dit moment worden de door zo’n twintig huishoudens gevulde bakken nog geleegd door Meerlanden, maar als de buurtbewoners de benodigde vergunning hebben, is het de bedoeling dat de etensresten samen met die van horeca in de buurt naar een eigen vergister gaan. Achterliggende gedachte is dat het gft ten goede komt aan de buurt. Het ophalen levert werkgelegenheid op en de horeca is goedkoper uit omdat ze niet meer betalen voor de verwerking van de etensresten.

Bij de Johan Cruijff Arena loopt weer een ander project, waarbij vanaf volgend jaar zelfs 1800 kilo etensresten per dag worden opgehaald uit het stadion, de kantoren eromheen en de markten van Zuidoost. Dit bedrijfsafval gaat straks allemaal naar een vergister ter grootte van een paar zeecontainers van het bedrijf The Waste Transformers. Ook dan komt de opbrengst van het groenafval in de eigen wijk terecht, zo is de bedoeling. Het ophalen van de etensresten levert werk op voor minstens zes Amsterdammers met een afstand tot de arbeidsmarkt. Ook is er minder transport van afval, dat nu soms honderden kilometers onderweg is naar een afvalverwerker.

De opgewekte energie wordt in het stadion gebruikt. Bij het vergisten ontstaat ook plantenvoeding. Daarmee zou het stadion graag de trainingsvelden van Ajax bemesten, maar omdat dit formeel voorlopig niet mag, wordt het een experiment in de hoek van een veld. Het is de bedoeling dat het digestaat wordt gecomposteerd en op den duur naar volkstuinen in de buurt gaat.

Wat mag er in de gft-bak?

Om kort te gaan: alles wat je van je bord schraapt, dus etensresten, schillen, en broodkorstjes. Maar ook koffiedik en die bos bloemen die aan het einde van zijn Latijn is. In de rest van het land bestaat een deel van het gft uit tuinafval, maar de bakken die in Amsterdam op straat staan in dichtbevolkte wijken zoals Java-eiland en op IJburg zijn eigenlijk alleen voor gfe: groente-, fruit- en etensresten. Het houtige tuinafval is minder geschikt voor hergebruik als grondstoffen. Voor dit afval zijn aparte tuinkorven geplaatst, op IJburg bijvoorbeeld.

Verpakkingsmateriaal mag beslist niet in de gft-bak, en theezakjes, koffiecups en kattenbakvulling evenmin. Grijs gebied zijn de zakjes van ‘composteerbaar’ plastic die ook door de gemeente worden aanbevolen. Dit plastic vergaat niet volledig en valt uiteen in microplastics, blijkt uit onderzoek van de Universiteit Wageningen. Volgens de afvalbranche weegt de vervuiling niet op tegen het gemak en het extra gft dat hierdoor wordt gerecycled.

Juist vanwege deze zakjes dient zich wel een andere bestemming aan voor het Amsterdamse gft. Deze week opende koning Willem-Alexander een nieuwe fabriek die de schone brandstof LNG maakt uit biogas dat is opgewekt door de vergisting van supermarktproducten die over de datum zijn. Afvalbedrijf Renewi opperde daarbij dat dezelfde fabriek ook geknipt zou zijn voor Amsterdams gft. Renewi gaat de supermarktproducten uitpakken in een nieuwe, gerobotiseerde fabriek en die zou goed uit de voeten kunnen met de vervuiling van composteerbare plastic zakjes.

‘Gft verbranden is doodzonde’

Het Brabantse Protix kweekt met veel succes vliegen op restanten uit de voedingsindustrie en diezelfde potentie heeft het bedrijf Chaincraft in de Amsterdamse haven. Een verschil is dat Chaincraft organisch afval kan voorzetten aan bacteriën, wat minder juridische obstakels met zich mee brengt dan bij vliegen. De bacteriën fermenteren dit afval tot vetzuren. Dat is een grote stap vooruit qua duurzaamheid, want die vetzuren worden nu gemaakt in de petrochemische industrie en uit palmolie, waarvan de productie regenwoud bedreigt.

Chaincraft produceert nu op kleine schaal in een demonstratiefabriek langs de Westrandweg, op basis van reststromen uit de voedingsindustrie. Rond 2024 wil het bedrijf een nieuwe, tien keer zo grote fabriek neerzetten. “Daarvoor mikken we onder meer op gft uit de stad,” zegt directeur en investeerder Bart Raedts. Met verschillende investeerders heeft hij al 15 miljoen euro gestoken in Chaincraft, dat ook gebruik wil gaan maken van restanten uit de voedings­industrie en horeca-afval.

De door bacteriën geproduceerde vetzuren worden gebruikt voor stofjes die diervoeding gezonder en voedzamer maken en zo bijvoorbeeld antibiotica kunnen vervangen. Overigens kan de bacteriën voor dit doeleinde nog geen gft worden voorgezet, omdat het wettelijk geldt als afval waarvan moet worden voorkomen dat bestanddelen via veevoer in de voedselketen terechtkomen.

De vetzuren van Chaincraft zijn echter ook bruikbaar als bestanddeel van weekmakers, verf, smeer-, schoonmaak- en oplosmiddelen. Dan is het geen beletsel als gft de grondstof is, en een voordelige bovendien. Raedts: “Voor reststromen in de voedingsindustrie moet je betalen. Voor gft krijg je geld toe.”

Voordat hij zich mengde in Chaincraft had Raedts zijn bedrijf Orgaworld – even verderop in de haven – verkocht. Daar worden etensresten uit de horeca en etenswaren die over de datum zijn vergist tot duurzame energie en compost.Al toen hij aan het roer stond bij Orgaworld was Raedts een warm pleitbezorger van gft-inzameling in Amsterdam. Dat allemaal verbranden met de rest van het huisvuil is zonde, zegt hij.

“Er is zoveel energie gestoken in wat wij van ons bord schrapen en in de resten uit supermarkten en de voedselindustrie. Aan de Oudezijds Voorburgwal snap ik dat het lastig is om gft op te halen, maar in de rest van de stad vind ik het een gemiste kans dat Amsterdam het niet apart inzamelt. In de Watergraafsmeer kan het prima. Je moet de mensen gewoon goed uitleggen wat je ermee doet.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden