PlusAchtergrond

‘Mismatch tussen vraag en aanbod havo/vwo: focus moet op aanbod’

Opnieuw was er verdriet onder de Amsterdamse achtstegroepers die met de centrale loting en matching heel laag op de voorkeurslijst zijn geplaatst. Is het huidige scholenaanbod houdbaar?

Leerlingen van het Amsterdams Lyceum. Beeld ANP
Leerlingen van het Amsterdams Lyceum.Beeld ANP

De inzet van de zevende scholenmatching was het verkleinen van het aantal achtstegroepers dat geplaatst zou worden op de plekken 9 tot en met 12 op de lijst van voorkeursscholen. Dat lukte, al betekende dat wel minder kinderen naar de school van hun eerste voorkeur (76,81 procent) ten opzichte van het jaar ervoor (80,92 procent), toen het er al minder waren dan het jaar dáárvoor (83 procent).

Dit jaar werden 254 kinderen buiten hun top-5 geplaatst. Weliswaar kwam geen enkel kind terecht op schoolkeuze nummer 12, de laatste op de in te vullen lijst, maar vertel dat maar aan de 5 achtstegroepers die hun nummer 11 in het scherm zagen verschijnen.

Toename havo/vwo-adviezen

Vrijdag hadden al 40 ouders van kinderen die heel laag geloot waren, zich gemeld bij Stichting Vrije Schoolkeuze Amsterdam (VSA), zegt voorzitter Elisabeth Bootsma. En bijna allemaal hadden ze een havo-, vwo- of havo/vwo-advies. “We waarschuwen er al drie jaar voor. De havo/vwo-adviezen nemen toe. Er wonen steeds meer hoogopgeleide ouders in de stad, waar de adviezen van de kinderen over het algemeen bij aansluiten, en het basisonderwijs in Amsterdam is veel beter geworden. Maar het aanbod voor dat niveau op gewilde scholen krimpt.”

Tel daarbij op dat dit jaar kansrijk is geadviseerd vanwege corona, wat mogelijk heeft geleid tot hogere adviezen, en dat driehonderd achtstegroepers meer dan vorig jaar zich hadden gemeld voor de inschrijving. Zo’n groepje is er elk jaar wel, zei Rob Oudkerk, voorzitter van de koepel van Amsterdamse schoolbesturen Osvo, maar nu waren het er flink veel meer, onder wie veel met een vwo-advies. Osvo gaat de matchingprocedure van dit jaar nog evalueren.

Aanbod sluit niet aan

Dat opnieuw zoveel kinderen geplaatst zijn op een school die soms niet eens vijfde keuze is, laat volgens Bootsma opnieuw zien dat het scholenaanbod niet aansluit bij de wensen van kinderen en ouders. Veel van hen schatten hun kansen op een diploma volgens haar het best in op categorale scholen, of die met havo/vwo. Van die plekken zijn er nu niet genoeg, zegt ze. “We hebben jaren verspild aan de manier van loten, maar de focus moet op het aanbod.”

Dat beeld herkent Anne Marttin (VVD). “Meer kinderen met een havo- of vwo-advies is een verschuiving van de laatste jaren. Tegelijk zijn er te weinig plekken op havo/vwo- en vwo-scholen. Plekken die wel heel erg geliefd zijn. Daar zit een mismatch.” Dat is volgens haar dit jaar duidelijk zichtbaar. “Het is triest dat Amsterdam op de matching nog slechter scoort dan andere jaren. En die verdrietige kinderen, dat is pijnlijk.”

Met het matchingsysteem is niets mis, zegt ze, zeker als je het vergelijkt met de oude situatie, waarbij het alles of niets was. Maar dan moet wel het scholenaanbod anders. “Nu wordt vooral ingezet op brede scholen. Daar ben ik helemaal niet tegen, de mix moet er ook zijn, maar je moet meer plekken creëren die geliefd zijn. Meer categorale scholen bijvoorbeeld, maar je kunt ook minder populaire scholen stimuleren.”

Die laatste hoeven nu niets te veranderen om aantrekkelijker te worden, aldus Marttin, omdat ze met dit lotingsysteem toch wel leerlingen krijgen.

Populariteit

Scholen zouden over de hele linie aantrekkelijk moeten zijn, zegt D66’er Ilana Rooderkerk, en dat betekent dus meer investeren in de kwaliteit van scholen die minder populair zijn. “Of een school populair is, hangt af van verschillende factoren. Op sommige heb je niet zoveel vat; of veel vriendjes ergens voor kiezen of een school dichtbij is. Maar op andere wel. Zo zijn scholen met extra sport of cultuur vaak geliefd. Daar kun je extra aandacht voor hebben. Of help bijvoorbeeld met het lerarentekort, want zonder leraren kun je niet goed lesgeven.”

In zulke gevallen gaat alle aandacht naar het oplossen van dat probleem, en niet naar andere dingen die aandacht nodig hebben. Daarnaast zouden populaire en minder populaire scholen kunnen samenwerken.

Ook VSA zoekt onder meer de oplossing in samenwerking. “Aan de ene kant heb je scholen die verschrikkelijk populair zijn en altijd vol, aan de andere zijn er scholen die hartstikke leeg staan. Dat slaat nergens op.”

De schoolbesturen zouden volgens Bootsma echt kritisch moeten kijken waar behoefte aan is. “Is een school al tijden praktisch leeg, sluit hem dan. Sla de handen ineen en creëer een nieuwe school. Een aantrekkelijk havo/vwo-lyceum bijvoorbeeld.”

Ze zullen nu wel moeten, denkt ze, nu dit jaar de ‘trukendoos’, het oprekken van de capaciteit op populaire scholen, helemaal is opengegaan. “Elk jaar komen er iets meer leerlingen bij en dat de uitkomst volgend jaar weer slechter is, ligt in de lijn der verwachting. Wat kun je dan nog anders doen dan het aanbod aanpassen?”

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden