Interview

Misdaadverslaggever Paul Vugts: ‘Ik ben altijd voorzichtig geweest’

Beeld Sjoukje Bierma

De veroordeling van Willem Holleeder, de moord op Derk Wiersum en de aanhouding van Ridouan Taghi: misdaadjournalist Paul Vugts, al 22 jaar in dienst van Het Parool, kijkt terug op een veelbewogen jaar. ‘De nieuwe generatie criminelen trekt geen enkele grens.’

Vorig jaar schreef Paul Vugts in Het Parool over de slechte film waarin hij was beland: hij woonde een halfjaar met zijn vriendin in een safehouse en werd zwaar beveiligd. Vanuit een groep Nederlands-Marokkaanse criminelen was opdracht gegeven hem te liquideren. Gewoon doorwerken, was Vugts’ devies: niemand in het criminele milieu moest de indruk krijgen dat intimideren zin heeft.

Vanachter kogelwerend glas deed hij in de rechtbank verslag van de zaak-Holleeder. Dat de criminelen nergens voor terugdeinzen, bleek in september toen advocaat Derk Wiersum werd geliquideerd.

Hoe zagen je dagen rond de moord op Derk Wiersum eruit?

“Op de dag zelf kreeg ik ’s ochtends het bericht dat er een schietpartij was geweest in Buitenveldert, en dat daarbij waarschijnlijk iemand gedood was. Ik was eigenlijk op weg naar de rechtbank voor een inleidende zitting over de beschieting van het Telegraafgebouw en het stelen van auto’s die bij liquidaties zijn gebruikt, maar toen ik uit het milieu en de opsporingshoek informatie binnenkreeg waaruit bleek dat de moord mogelijk uit de hoek van Ridouan Taghi kwam en dat ik het wel zou begrijpen als ik de details kende, besloot ik rechtstreeks naar de plaats delict te fietsen. Voordat ik aankwam, was al bevestigd dat het om Derk Wiersum ging. Bij zoiets groots is het niet moeilijk om die informatie te krijgen; ik heb mijn lijntjes om dat te checken. Puur zakelijk is het dan: bellen met de krant, ik wil vier pagina’s maken, kan iemand op de redactie alvast wat voorbereiden? Vaak kan dat trouwens niet, want ik werk momenteel alleen en de meeste informatie zit in mijn hoofd.”

Raakte de moord op Wiersum je persoonlijk?

“Ja, het greep me aan. Normaal hoop je dat je snel bevestiging krijgt zodat je het nieuws als eerste kunt brengen, nu hoopte ik heel erg dat het niet waar zou zijn. Derk Wiersum was iemand met de beste bedoelingen, een advocaat die vond dat ook een kroongetuige een goede verdediging verdient. En ik kende hem natuurlijk. Professioneel, hoor – ik heb er een hekel aan als mensen achteraf doen of ze iemands beste vriend waren. Een rustige, aardige, intelligente vent. We spraken ook over zijn beveiliging. Hij had gezien hoe dat bij mij ging en vroeg zich af hoe dat dan moest, in een safehouse wonen met zijn vrouw en twee schoolgaande kinderen. Mijn werk brengt met zich mee dat je soms mensen kent die worden doodgeschoten, maar bij criminelen weet je dat het kan gebeuren, omdat zij zich in een bepaalde wereld begeven. Dat je als advocaat of journalist werkt, zou er niet toe moeten kunnen leiden dat je wordt doodgeschoten. Het laat zien dat deze criminele groep geen enkele grens trekt.”

Een politiewoordvoerder noemde de moord op Wiersum ‘een dieptepunt in de strijd tegen de misdaad’. Zie jij het ook zo?

“Het is een verschrikkelijk dieptepunt. Al wordt het soms gepresenteerd als een moord die uit de lucht kwam vallen en het trieste keerpunt van alles is. Dat is niet zo; het past helaas in een patroon. Het extreme geweld tegen niet-criminelen begon bij de moord op ex-crimineel Martin Kok in december 2016. Wat je ook van hem vindt: hij is vrijwel zeker vermoord om wat hij op zijn misdaadblog schreef over Ridouan Taghi. Daarna volgde de liquidatie van de onschuldige broer van kroongetuige Nabil B. en de aanslag op de gebouwen van De Telegraaf en Panorama. John van den Heuvel wordt al twee jaar beveiligd. In die reeks moet je de moord op Derk Wiersum zien. Er worden steeds weer normen overschreden. Dat al jarenlang wordt voorspeld dat zulk geweld zou plaatsvinden, maakt het des te treuriger.”

Paul Vugts tijdens een rondetafelgesprek in de Tweede Kamer over de bedreiging en bescherming van journalisten. Beeld ANP

Wat doet het met je dat Ridouan Taghi onlangs werd aangehouden?

“Allereerst genereert dat een berg werk en is het heel interessant nu te volgen hoe de groepen in het criminele milieu én de opsporingsdiensten gaan bewegen. Voor rechters, officieren van justitie, advocaten en journalisten lijkt het bovendien een belangrijke stap in de strijd tegen het bizarre geweld tegen niet-criminelen. Het is zaak dat alle onderzoeken op volle kracht doorgaan, en dat pas wordt nagedacht over het eventueel afbouwen van beveiliging als een heel goed beeld bestaat van de situatie in het milieu. Dat is zeker geen kwestie van weken.”

Er was nog een grote zaak dit jaar: Holleeder kreeg levenslang. Verrassend?

“Dat hij levenslang kreeg verraste weinig mensen, wel dat hij levenslang kreeg voor alle zaken waarvoor hij was aangeklaagd. Ik had verwacht dat hij veroordeeld zou worden voor enkele liquidaties waartoe hij opdracht zou hebben gegeven, maar wegens gebrek aan bewijs zou worden vrijgesproken van bijvoorbeeld de liquidatie van Cor van Hout.”

De zaak was jarenlang een groot onderdeel van je portefeuille. Is het voor jou klaar na zo’n uitspraak?

“Nee; Holleeder gaat in hoger beroep en dat proces ga ik natuurlijk weer volop volgen. Het bizarre van deze zaak is wel dat het gaat om liquidaties waarvan de meest recente dateert uit 2006. Stokoude zaken komen weer tot leven, terwijl ik ook middenin de verslaggeving van de huidige onderwereld zit. Het is heel dubbel dat Holleeder onevenredig veel aandacht blijft krijgen, alleen omdat mensen hem fascinerend vinden.”

Waarin verschillen die oude en huidige onderwereld van elkaar?

“De nieuwe generatie criminelen bestaat uit jongens, vaak van Marokkaanse origine, maar ook Surinamers, Antillianen en Nederlandse kaaskoppen, die op jonge leeftijd – vaak via drugs – radicaal overgaan van lichte strafbare feiten naar zware misdaad, zoals liquidaties. Heel gewone jongens, uit lieflijke buurten. Alleen uit de Oostelijke Eilanden zijn al twintig jongens vermoord of lang vastgezet. Dit is een heel belangrijk onderwerp voor een Amsterdamse krant als Het Parool. Als er overdag op straat ineens met kalasjnikovs wordt geschoten en verkeerde mensen door blunders worden doodgeschoten omdat daders in paniek en onder hoge spanning niet zien wat ze doen, valt de journalistieke relevantie niet te ontkennen. Ook daarom verbaast het me dat de aandacht voor Holleeder lang zoveel groter is geweest. Waar waren de mensen die naar de rechtszaal kwamen om te horen of Holleeder een quasi-leuke Jordanese grap had toen de zaak van de moord op Nabil B.’s broer in hoger beroep ging?”

Hoe pas je in de misdaadverslaggeving hoor en wederhoor toe?

“Het is een vreemde tak van de journalistiek, maar het is ook heel gewone journalistiek. Er gelden altijd basisregels, of je nou sportjournalist of misdaadjournalist bent. Hoor en wederhoor dus, praten met alle partijen. Ik spreek met criminelen, advocaten, officieren van justitie, rechercheurs. Als iemand uit het criminele milieu me wil spreken, ga ik daar in principe op in, maar ik ben wel voorzichtig. Dat ben ik altijd geweest.”

Ben je weleens bang dat je opnieuw beveiligd moet worden?

“Na de moord op Wiersum vroegen veel mensen me dat, maar ik zie geen reden om nu weer die zware beveiliging in te gaan. Ik zoek het evenwicht tussen paranoia en gezonde scherpte, tussen voorzichtig leven en leven. Ik vind het een bizar, maar ook abstract idee dat ik er niet meer was geweest als ik niet beveiligd was. Ik had sterk de aandrang om door te schrijven. Dat kon dankzij steun van mijn vriendin, die vanaf het begin heel nuchter en cool met de situatie is omgegaan. Ook de hoofdredactie van Het Parool en uitgeverij De Persgroep (nu DPG Media, red.) hebben me vanaf het begin volledig gesteund. Dat voelt goed; vergis je niet in de verantwoordelijkheid die daar ligt. En mijn gesprekspartner bij de overheid had de moed om in te stemmen met mijn plan om de beveiligingsmaatregelen langzaam terug te schroeven. Dat zeg ik niet om stoer te doen; ik voelde dat het zo moest.”

Je bent de enige vaste misdaadverslaggever op de redactie. Wie controleert jou?

“Nou ja, doordat ik al 22 jaar dit werk doe, kunnen mensen er wel vanuit gaan dat het klopt wat ik schrijf. Anders zou ik heus al op m’n bek zijn gegaan. Er zijn weinig collega’s op de redactie met wie ik kan sparren, dat is lastig, maar extern zijn er wel mensen met wie ik dat kan doen.” 

Denk je dat je ooit een andere tak van sport binnen de journalistiek gaat doen?

“Ik heb geen idee. Ik had nooit het plan om misdaadjournalist te worden en heb nog steeds geen plan. Ik weet niet eens wat ik vanavond ga eten.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden