Plus

Minder festivals, strengere regels − toch groeit de weerstand

Beeld Getty Images

De laatste jaren is het aantal muziekfestivals in Amsterdam flink gedaald en zijn de gemeentelijke regels aangescherpt, maar de onvrede is groter dan ooit. ‘Niemand zegt: kap met zeuren!’

‘Onze stad is onze woonplaats en geen ­pretpark.’

‘Als raadslid kun jij iets doen aan de overlast. Doe dat dan, dove kwartel.’

‘Op naar de nul zetels.’

‘Is dit serieus? Of stond je dronken op een ­festival??’

Het is een greep uit de reacties die het Amsterdamse D66-raadslid Marijn Bosman afgelopen weekend kreeg, nadat ze op Twitter haar onbegrip had geuit over de vele klachten over diverse muziekfestivals: ‘Beste Amsterdammers, kunnen we echt niet meer samenleven met elkaar? Als je echt overlast hebt, moet dat worden opgelost, maar ik denk ook wel: Amsterdam is een stad en je hoort elkaar soms. Daar zijn we een open, kleurrijke en tolerante stad voor.’

Het festivalseizoen is nog maar nauwelijks begonnen en het regent alweer klachten. In de gemeenteraad passeert geen week zonder vragen over festivals. Bewoners klagen dat ze in het weekend het huis uit dreunen. Organisatoren zitten in het defensief, voelen zich in de steek gelaten door de politiek. In het stadhuis lijkt niemand zich nu geroepen te voelen zich op te werpen als probleemeigenaar.

De ophef is opmerkelijk: sinds 2016 daalt het aantal muziekfestivals in Amsterdam in rap tempo, zo blijkt uit nieuwe cijfers van de Festival Atlas van lector Harry van Vliet van de Hogeschool van Amsterdam (HvA). In 2016 waren het er nog 133, vorig jaar precies 100: een daling van zo’n 25 procent. Tegelijkertijd is sinds vorig jaar het aangescherpte evenementenbeleid van kracht. 

De nieuwe regels waren het resultaat van een jarenlange verzoeningspoging tussen voor- en tegenstanders door wijlen burgemeester Eberhard van der Laan. Het had de gemoederen moeten bedaren, maar de festivaldiscussie woedt nu feller dan ooit. Wat is er veranderd?

Druk, druk, druk

De publieke opinie over festivals is de laatste jaren verhard. Er is immers al zoveel in Amsterdam: bierfietsen, cruiseschepen, een overvol centrum, vrijgezellenfeestjes op de Wallen, rondvaartboten, rolkoffers. Festivals lijken op dezelfde hoop te worden gegooid: het moet gedaan zijn met de drukte en overlast.

In het stadsbestuur neemt D66 het als enige partij nadrukkelijk op voor festivals. Net als festivalorganisatoren voelt de partij zich in het nauw gedrongen. “Het lijkt alsof wij op een flank opereren,” zegt Marijn Bosman. “Door de stapeling van geluid en drukte ontstaat het gevoel dat het niet in control is. Maar critici van festivals zijn juist geradicaliseerd. In de Stopera vergt het zo langzamerhand moed om in de bres te springen voor festivals.”

Het evenementenbeleid bevat heldere uitgangspunten (zie kader). Zo mag er maximaal drie keer per jaar een groot festival worden gehouden in sommige parken dat om uiterlijk elf uur ’s avonds moet zijn afgelopen.

De regels van het feest

Voor het evenementenbeleid heeft de gemeente van 78 locaties bekeken of die geschikt zijn voor het organiseren van festivals. 16 locaties, waaronder Blijburg, Riekerhaven en Ruig­oord, zijn afgevallen als plek voor feesten met ‘hoge geluidbelasting’. Er zijn nu nog 66 festivallocaties met elk een eigen eisenlijst. In het Flevopark zijn bijvoorbeeld 17 evenementen per jaar toegestaan, met tussendoor minimaal één weekend rust. Jaarlijks is één groot festival toegestaan. Voor alle festivals geldt: op de dansvloer mag het geluid tot maximaal 100 decibel reiken en op de gevels tot 85. Ook stelt de gemeente milieu-eisen: dit jaar moeten glazen en bakjes voor eten en drinken van duurzaam materiaal zijn en in 2020 moeten alle evenementen op groene stroom draaien.

Maar in de ogen van de critici vormen de nieuwe regels slechts een papieren tijger. Zij klagen over talloze uitzonderingen op de strengere regels. Op sociale media ontwikkelen ze een indrukwekkend geluid. Bij gebrek aan duidelijke klachtenregistratie is de omvang van de groep onduidelijk.

Johnas van Lammeren, fractievoorzitter van de Partij voor de Dieren en volgens eigen zeggen ‘de grootste festivalcriticus van Amsterdam’: “Het beleid is verkocht als aanscherping. Maar dat is niet te merken. Als er veel wind staat, mag het geluid harder. Met het aantal toegestane op- en afbouwdagen wordt de hand gelicht. De gemeente negeert inspraaktermijnen. Maar we gaan ze helemaal gek maken, samen met Mokum Reclaimed. Over elk foutje stellen we schriftelijke vragen aan het stadsbestuur.”

Kees Kroese is een van de initiatiefnemers van Mokum Reclaimed, een groepje Amsterdammers dat het liefst festivalvrije parken ziet. De weg daarnaartoe is lang, beseft hij: “Gemeentelijke overheden wringen zich in bochten om het maar te faciliteren. Ook als niet aan alle regels is voldaan.”

Kroese ziet weinig in de argumenten voor een festival. “Dat ze zo duurzaam zijn? In Nieuw-West maken ze een parkeerplaats zodat bezoekers met de auto komen. Terwijl het college zegt dat mensen uit de auto moeten. Weet je wat duurzaam is? Geen festival houden.”

“En dat veel Amsterdammers het zo leuk vinden? Maar wat is een echte Amsterdammer? Mijn moeder was hier geboren en getogen. Ik ben blij dat ze niet meer mee hoeft te maken dat zo’n hipster met knotje zegt dat ze moet verhuizen als ze er last van heeft.”

Jasper Goossen, mede-eigenaar van Apenkooi Events, het bedrijf achter onder andere Amsterdam Open Air en DGTL: “We zijn de ideale kop van Jut. De btw, de Bumakosten (auteursrechten voor bedenkers van muziek) en Senakosten (rechten voor muzikanten en producenten) stijgen. We krijgen toeristenbelasting opgelegd, de leges zijn 2,5 keer hoger, er zijn allerlei duurzaamheidsvereisten, waar we overigens al aan voldeden. Toch krijgen klagers steeds het podium.”

Beeld Getty Images

“Het beleid werkt en we zoeken niet de randen op. In het Oosterpark zijn geen muziekfestivals meer. De NDSM-werf heeft vier grote vergunningen, dat waren er zes. Het Westerpark heeft minder festivals. Maar ja, er kan geluidsoverlast zijn, zeker als het klimatologisch tegenzit en de wind anders staat dan gedacht toen de podia werden opgesteld.” Zoals bij DGTL in het laatste paasweekend. De normen werden niet overschreden, toch hadden mensen last van het geluid.

De woningbouw rukt op

Het beleid ís strenger geworden, beaamt geluidsexpert Ron Westerveld, die al vijftien jaar voor meer dan honderd festivals per jaar in Amsterdam wordt ingehuurd om het verplichte geluidsplan op te stellen. “Vijftien jaar geleden was er alleen een geluidsbeperking op de dansvloer van 100 decibel.”

Nu is dat wel anders: het geluidsbeleid voor evenementen in Amsterdam telt 12 pagina’s. Behalve dat er op de dansvloer, 25 meter van de podia, maximaal 100 decibel aan geluid mag zijn, zijn er regels voor omwonenden. Tegen de gevels mag maximaal 85 decibel worden gemeten.

Die opgave is nu al lastig, maar wordt over niet al te lange tijd onmogelijk, denkt hij. De oprukkende woningbouw maakt bestaande terreinen ongeschikt voor festivals. Blijburg en Rieker­haven zijn al afgevallen: een maximum van 85 decibel voor omwonenden is daar niet langer haalbaar. De NDSM-werf en Houthavens gaan dezelfde kant op.

Westerveld: “Neem nou de NDSM-werf: we proberen het podium altijd weg te draaien van woningen. Nu de Houthavens zijn gebouwd en nieuwbouw het terrein omringt, wordt het nog moeilijker om binnen de spelregels van de gemeente een evenement te organiseren.”

Volgens de geluidsexpert worden locaties steeds minder geschikt en moeten evenementen daardoor kleiner worden, genoegen nemen met lagere geluidsniveaus of verdwijnen naar andere locaties.“Zelfs het Arenapark wordt lastiger. Daar komen woningen in de omringende gebouwen. Zie daar straks nog maar eens een evenementenvergunning te krijgen.” En dan? Lange tijd was het idee dat een terrein in Westpoort zou kunnen dienen als nieuwe locatie, maar na dit jaar valt dit gebied eveneens af.

Het voedt de gedachte dat de festivals een bestuurlijk weeskindje zijn. “Wie is verantwoordelijk?” vraagt PvdD-raadslid Van Lammeren zich af. “Waarschijnlijk de burgemeester. Maar die voelt zich niet echt verantwoordelijk, is mijn indruk.” Festivalorganisator Goossen: “Eberhard van der Laan zei dat Amsterdam het belangrijk vond om evenementenstad te zijn. Ik betwijfel of dat nog zo is. Niemand zegt: kap met zeuren, er is net nieuw beleid vastgesteld na uitvoerige inspraak, laten we dat een tijdje uitvoeren.”

Burgemeester Femke Halsema is weinig zichtbaar in de discussie. “De gemeente zou een rode lijn moeten trekken en zeggen: dit is in 2018 afgesproken, dit gaan we handhaven,” zegt D66-raadslid Bosman.

Burgemeester Halsema heeft wel een evaluatie aangekondigd van het festivalbeleid voor dit najaar, al wekt dat weinig vertrouwen. Goossen: “Ik heb het gevoel dat die zal worden gebruikt om het aantal evenementen verder aan banden te leggen.”

Niemand lijkt tevreden met de huidige situatie. Maar een stad zonder festivals moet niemand willen, vindt geluidsplanner Westerveld. “Als stad moet je de jeugd faciliteren. En het is een klein ministadje dat wordt opgebouwd, hè. Er gebeurt zoveel moois. De festivals zijn van meerwaarde voor Amsterdam.”

Kan het niet wat zachter?

Dat vanuit de hele stad klachten van geluidsoverlast komen, terwijl festivalbezoekers met oordoppen in lopen, roept de vraag op: kan het geluid niet wat zachter?

“Dat zou afdoen aan het plezier van mensen,” zegt geluidsplanner Ron Westerveld, die sinds vijftien jaar het geluidsplan voor festivals maakt. “Je kan een stukje terug, naar 95 decibel, dat is echt de ondergrens. Organisatoren zeggen het ook: met muziek onder de 95 decibel is mijn festival stuk. Het geroezemoes op zo’n evenement is immers al rond de 90 decibel. Met muziek op 95 decibel kom je daar net bovenuit. Anders stoppen mensen met dansen.”

En bezoekers willen de muziek voelen, weet geluidsexpert en hoofd leef­omgeving bij de GGD Fred Woudenberg. “Mensen willen dat de geluiden hun hoofd vullen, ze willen de intensiteit van de trillingen voelen. Dat verhoogt het plezier.”

Festivalgangers riskeren zo wel gehoorschade, zegt Woudenberg. Hoe langer iemand wordt blootgesteld aan luide muziek, hoe groter de kans erop. “Alles boven de 92 decibel brengt risico’s met zich mee.”

Omwonenden lopen amper risico op gehoorschade, maar gezondheidsrisico’s zijn er wel: slaapverstoring. “Dat klinkt niet zo ernstig, maar dat kan het wel zijn. Door slaapverstoring gaat de bloeddruk omhoog en daar kunnen hartziektes uit voortkomen.” Al speelt volgens de geluidsexpert ook hier tijd weer een grote rol: “Pas bij meerdere keren per maand kan het serieuze gevol­gen hebben.”

Maar we moeten het vooral niet bagatelliseren, vindt hij. “Het waarnemen van geluiden is voor iedereen subjectief: de mensen die nergens last van hebben, zijn geen ongevoelige horken, en de mensen die wel lijden bij te hard geluid, zijn geen aanstellers.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden