Plus Ten Slotte

Mien Jesse (1926-2019): Het meisje dat de handpers bediende

Als dochter van Johannes Jesse hielp Mien Jesse in de oorlog mee het illegale Parool te drukken. Ze overleed op 29 mei op 92-jarige leeftijd.

Mien Jesse hielp haar vader in de oorlog Het Parool te drukken.

Toen Simon Carmiggelt in 1944 drukkerij Joh. Jesse aan de Nieuwezijds Voorbugwal binnenliep met de vraag of ze er het illegale Parool konden drukken, werd er niet geaarzeld. Tot het eind van de oorlog was het hele gezin, inclusief de jongste telg, de amper 18-jarige dochter Sophia Wilhelmina Jesse, erbij betrokken. Mientje, zoals ze toen werd genoemd, stond er vaak aan de handpers. Ze overleed op 29 mei op 92-jarige leeftijd.

Vader Jesse kon én wilde niet weigeren de krant te drukken toen Dick van Schoonhoven, de schuilnaam van Carmiggelt, het hem vroeg. Het was een moedig besluit: het zetten, opmaken en terugzetten van de loodletters in de letterkast, wat hij samen met zijn drie zoons deed, gebeurde met de hand. Door dit tijdrovende werk was de drukkerij nooit ‘schoon’. Als de ene krant klaar was, moesten ze alweer aan de andere krant beginnen. Bewijslast was dus altijd aanwezig. Bovendien was het stampen van de persen op een stille dag buiten te horen.

Handpers

Yolanda Jesse, het nichtje van Mien: “Mijn tante was elke dag in de drukkerij aanwezig en hielp mee het illegale Parool te drukken. Ze stond dan aan de handpers op de vierde etage aan het wiel te draaien. Soms hielp ze mee de letters op te ruimen. Dikwijls zat ze samen met haar moeder beneden thee te drinken en te borduren en net te doen alsof er niets aan de hand was als de Duitsers in de buurt waren.”

Jesse drukte de krant van november 1944 tot 6 mei 1945. Yolanda Jesse: “Mijn grootvader realiseerde zich vooral nadat verschillende Paroolmedewerkers begin 1945 waren gefusilleerd met welk gevaarlijk werk hij bezig was. Maar ze gingen door.”

Na de oorlog werd er in het gezin niet meer gesproken over het verzetswerk. Carmiggelt, die altijd contact hield met de familie Jesse, schreef over de drukker: ‘Hij deed dat uit fatsoen.’

Allemaal ondervonden ze de gevolgen van de spanningen. Jesse kon niet meer door donkere stegen. Hij hoorde altijd mensen achter zich ­lopen.

Zware periode

De introverte Mien had haar hele ­leven op de secretaire in haar woonkamer een foto staan van Wilco Jiskoot, de 20-jarige Paroolmedewerker die in 1945 werd gefusilleerd. “Tante Mien sprak er eigenlijk alleen over aan het einde van haar leven. Het was een zware periode en een moeilijke tijd voor iedereen, zei ze. Maar ze kon het ook weer een tijd parkeren.”

Na de oorlog studeerde ze aan het conservatorium en werd ze zangeres bij het Nederlands Groot Omroepkoor, waar ze tot haar pensionering heeft gewerkt.

Een onderscheiding voor het levens­gevaarlijke werk heeft het gezin Jesse nooit gekregen. Yolanda Jesse: “Ze zijn wel bedankt voor hun werk door Het Parool en door Carmiggelt. Dat was genoeg. Ik denk dat ze het maar raar hadden gevonden als ze een onderscheiding hadden ­gekregen.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden