PlusAchtergrond

Metrostel de Zilvermeeuw blinkt weer als nieuw

Bijna veertig jaar reed metrostel 23 op en neer tussen de Bijlmer en de binnenstad. In Nieuw-Vennep komen elke vrijdag liefhebbers samen om de laatste Zilvermeeuw terug te brengen in originele staat. 

Poetsen en sleutelen aan de oude metro bij het Nederlands Transport Museum in Nieuw-Vennep. Vanaf links: Martijn Roos, René Gerhards en Arjen Sprengers. Beeld Jean-Pierre Jans

Daar staat hij, tussen oude autobussen, tanks, vliegtuigen, caravans, fietsen, brommers en een SRV-wagen: de laatste metro van het type M2/M3, ook wel de Zilvermeeuw genoemd. In het Nederlands Transport Museum in Nieuw-Vennep komen elke vrijdag liefhebbers samen om twee wagenbakken van metrostel nummer 23, die tientallen jaren op en neer hebben gereden tussen Centraal Station en de Bijlmer, terug te brengen in de oorspronkelijke staat.

Dat is een enorme klus. “We hebben wat met deze metro,” geeft Martijn Roos als verklaring voor het monnikenwerk dat de vrijwilligers elke week doen. Centimeter voor centimeter wordt de viezigheid van de voertuigen verwijderd. De aanslag is het gevolg van jaren van stilstand en verwaarlozing sinds de vervanging van de metro in 2015, eerst op het werkplaatsterrein van het GVB in Diemen, daarna nog lange tijd in een opslag in het verre Vlaardingen.

Smeerolie door de aderen

Dat de Zilvermeeuw van de schroothoop is gered, is de verdienste van de vrijwilligers die bij het vervoerbedrijf aandrongen op het behoud van de laatste voertuigen. “Het plan was eigenlijk om het type stilzwijgend af te voeren,” vertelt Roos. “Dat kon natuurlijk niet. Op ons verzoek is nog een laatste afscheidsrit gehouden. Daardoor werd het GVB ook enthousiast voor het idee. Nu krijgen we alle hulp die we nodig hebben, zoals reserveonderdelen en werktekeningen.”

Inmiddels is een stichting in het leven geroepen met een naam die bijna net zo lang is als het metrostel zelf: Stichting Beheer Collectie Amsterdam Vervoer Museum. Het museum in Nieuw-Vennep fungeert als paraplu voor meer dan twintig van dergelijke stichtingen. De bestuurders zijn voortdurend op zoek naar middelen om het restauratiewerk mogelijk te maken. Het werk aan de Zilvermeeuw wordt gesteund door onder meer het Prins Bernhard Cultuurfonds en het Mondriaan Fonds.

Het zware werk gebeurt door de vrijwilligers op vrijdag, mannen bij wie smeerolie door de aderen stroomt. “Het is veel werk,” zegt projectleider Arjen Sprengers, werkzaam bij het GVB. “We zijn een jaar geleden begonnen en we zijn nog wel een paar jaar bezig. Het doel is om de metro weer helemaal rijvaardig te krijgen. Maar voorlopig zijn we nog druk met het verwijderen van de aanslag en de graffiti. Dat kost meer tijd dan we hadden voorzien. Het is saai en zwaar werk.”

Sprengers snijdt een gevoelig punt aan: de graffiti. In de kringen van liefhebbers bestaan twee stromingen. De ene vindt de graffiti onderdeel van de Amsterdamse metrohistorie, de andere spreekt van vandalisme. Het laatste kamp heeft duidelijk aan het langste eind getrokken, zoals blijkt uit het voorste deel van het metrostel dat, met veel pijn en moeite ontdaan van een dikke laag graffiti, nu weer staat te blinken als tijdens de eerste rit in 1977.

Tussen Zeedijk en Ganzenhoef

De originele staat is het uitgangspunt van de restauratie, legt Roos uit. Dus ook de vertrouwde blauwe bies wordt van de metro verwijderd. Hetzelfde lot is de fraaie kunst beschoren waarmee de aandacht in de laatste jaren van zijn actieve dienst werd afgeleid van zijn aftandse staat. Ter inspiratie hangt in de metro de foto van de eerste rit, met burgemeester Wim Polak die koningin Beatrix en prins Claus voorstelt aan Norma Alberg, de eerste metrobestuurder van dienst.

Onlosmakelijk is de Zilvermeeuw verbonden met de Bijlmer. De metro was een levenslijn tussen de buitenwijk en de binnenstad. In de loop van bijna veertig jaar vervoerden de metrostellen een bonte verzameling passagiers. Roos laat de zogenoemde junkenhoek zien, de zitplaatsen achter de cabine van de bestuurder, waar in de rauwe jaren tachtig en negentig de verslaafden, pendelend tussen Zeedijk en Ganzenhoef, ­hun heroïne gebruikten. De banken zijn overdekt met kleine littekens in de vorm van brandplekken.

Ontmoetingsplek

Er is een kans dat de Zilvermeeuw terugkeert naar de Bijlmer, zegt directeur Arno van der Holst van het museum. “De gemeenteraad heeft die wens uitgesproken. Het metrostel zou op een verhoging moeten komen te staan en een nieuwe functie krijgen als bij voorbeeld een ontmoetingsplek.” Martijn Roos denkt aan de jaren poetswerk en oppert dat het een afgesloten ruimte moet worden. “Anders zit het ding binnen de kortste keren weer onder de graffiti.”

De terugkeer naar de Bijlmer is een kostbare operatie, en de fondsen daarvoor moeten nog wel bij elkaar worden gesprokkeld. Van der Holst vertelt over de plannen om het museum, nu nog ondergebracht in het voormalige complex van Lucas Bols, een definitieve plek te geven in het nieuwe recreatiegebied Park 21 in Haarlemmermeer. “Als het plan voor de Bijlmer geen doorgang kan vinden, nemen wij de Zilvermeeuw graag mee met de rest van de collectie.”

‘Graffiti hoort erbij’

Erfgoedvereniging Heemschut is ­opgetogen over het behoud van de Zilvermeeuw, laat directeur Karel Loeff weten. “Het metrostel is onlosmakelijk verbonden met de ontwikkeling van Amsterdam en de aanleg van de metro. Als het over erfgoed gaat, zijn we geneigd te denken aan gebouwen en gebieden, maar er is steeds meer aandacht voor mobiel erfgoed; ook omdat bijzondere stukken soms naar het buitenland verdwijnen, zoals het watervliegtuig Catalina. De Zilvermeeuw is het ook waard om te behouden.”

Loeff vindt het wel jammer dat dat niet in de huidige staat gebeurt. “De graffiti hoort bij de metro en ook bij de stad en de straatcultuur. Ik zie dat de vrijwilligers het stel met veel passie aan het schoonmaken zijn, maar wat ons betreft helpt de graffiti om het hele verhaal van de Zilvermeeuw te vertellen. Straks ziet hij eruit alsof hij net uit de fabriek komt. Dat vinden wij toch wat minder interessant.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden