Plus

Meer OV is urgent, maar het blijft bij woorden

De Noord/Zuidlijn is een succes, maar de stad heeft nog veel meer nieuwe, hoogwaardige ov-verbindingen nodig. Anders raakt Amsterdam zijn koppositie nog kwijt, waarschuwen planologen.

Veel bus-, tram- en metrolijnen zijn, zeker in de spits, veel te druk. Beeld Jean-Pierre Jans

De noodzaak is er. Vraag maar aan de IJburgers, in de propvolle tramlijn 26 van en naar het eiland, die bovendien vaak uitvalt. Of aan de bewoners van Nieuw-West, die tijdens de spits alleen als haringen in een ton in ringlijn 50 passen.

En aan de ouderen in Buitenveldert, die steeds verder moeten lopen naar de bushalte. Over de urgentie is iedereen het eens: Amsterdam groeit de komende jaren door naar een miljoen inwoners maar de groei van het openbaar vervoer blijft daar ver bij achter.

De stad dreigt dicht te slibben, terwijl besluiten vooralsnog uitblijven, waarschuwt ook gemeentelijk hoofdplanoloog Jos Gadet. "Niet meer studeren, maar snel investeren in (regionale) metroverbindingen," schrijft hij op zijn weblog.

Ook HvA'er Harko van den Hende, die onderzoek doet naar Amsterdamse gebiedsontwikkeling, mist urgentie. Volgens hem zadelt het huidige stadsbestuur de toekomstige generaties op met grote logistieke problemen als zij nu geen grote investeringen plegen in de bereikbaarheid van Amsterdam.

"Er is genoeg geld, de rente is bijna nul, de overheid moet nu echt gaan lenen om de situatie van jongeren, die nu al nauwelijks een plek kunnen vinden in de stad, niet nog penibeler te maken."

Geaarzel
Met de mond belijden Amsterdamse bestuurders het belang van nieuwe ov wel degelijk. Begin 2018 riep Jozias van Aartsen de Rijksoverheid al op om de portemonnee te trekken voor meer ov in Amsterdam en de rest van de randstad.

En volgens financieel wethouder Udo Kock zou de economische groei wel eens kunnen stagneren als Amsterdam geen schaalsprong maakt en snel investeert in nieuw ov, zei hij half februari. Tegelijk pleit wethouder Sharon Dijksma (infrastructuur) in Den Haag voor extra fondsen, maar daar is de meeste investeringsruimte al belegd tot 2030.

Voorlopig blijft het dus bij woorden. Want nu de Noord/Zuidlijn bijna probleemloos rijdt en boven verwachting veel reizigers trekt, is er nog geen enkele concrete beslissing genomen om elders in de stad te starten met een nieuw grootschalig ov-project.
Dat geaarzel is overigens van alle tijden.

Volgens emeritus-hoogleraar Gebiedsontwikkeling Friso de Zeeuw (TU Delft) zijn Nederlandse steden niet gewend groot te denken. "De centralisatie die Londen en Parijs hebben doorgemaakt, kennen wij hier niet", zegt hij. "Onze hoofdstad is relatief klein met aantrekkelijke gemeenten er omheen gebouwd.

We hebben daarom uitstekende intercity's en snelwegen van en naar Amsterdam, maar op binnen­stedelijk niveau, metro en tram, beginnen we nu echt achter te lopen." Gadet ziet dat Amsterdam al decennia talmt, terwijl andere Europese steden wel een schaalsprong hebben gemaakt. "Ook nu vindt men pittige investeringen in het openbaar vervoer te duur en wil men nog meer studies."

Sloop
Jan Jager, planoloog en hoofdredacteur van vak­website Stadszaken.nl, noemt het zelfs een drama dat Amsterdam sinds het gereedkomen van de Noord/Zuidlijn niet al elders is begonnen met bouwen. "Als we niet op tijd investeren in ov, en dan bedoel ik niet hier en daar een tram, maar metrosystemen met hoge frequentie, dan komt de stad tot stilstand. Mobiliteit jaagt gebiedsontwikkeling aan."

Jager wijst ook op de enorme potentie van bestaande ov-knooppunten, zoals station Duivendrecht. Rondom dit trein-, metro- en busstation staan nu voornamelijk rijtjeshuizen. "Sloop moet als optie op tafel liggen."

Lees ook: Deskundigen: Amsterdam kan nieuwe metro's zelf financieren

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden