Amsterdam Bewaar

Meer jonge ooievaars dan ooit in Amsterdam

Meer jonge ooievaars dan ooit in Amsterdam
© ANP

Vijftien jonge ooievaars is de voorlopige score van het broedseizoen in Amsterdam. De vogels zijn kieskeurig: slechts een fractie van de ooievaarspalen is bewoond.

Het geflikflooi op grote hoogte van de afgelopen maanden is niet zonder resultaat gebleven: op de twaalf bewoonde ooievaarsnesten in de stad zijn vijftien jonge kuikens gezien.

De nesten in het Vondelpark en de Vrije Geer spannen de kroon met in elk drie jonge ooievaars, die in Amstelpark, Roeterseiland, Frankendael en de Zaaiersweg volgen met twee, en in het nest in de Kalfjeslaan zit één jong.

Het zijn er meer dan ooit, al is het een voorlopige score, zegt Paul Koene namens het Ooievaarsproject Amsterdam, de werkgroep die de bewoning van de ooievaarsnesten in de stad in de gaten houdt. "Vanaf de grond zijn de jongen in de nesten moeilijk te zien, dus het kan zijn dat er in een van de nesten plotseling nog een nieuw kuiken opduikt."

Vliegoefeningen
Of een kuiken verdwijnt, want de vogels zijn momenteel op hun kwetsbaarst. Uit Gein bijvoorbeeld komen berichten dat het nest waarop eerder drie jongen waren gezien, er nu verlaten bij ligt. De dader zou een hongerige havik zijn geweest.

Koene: "Haviken zijn berucht, maar ook kraaien grijpen hun kans zodra de ouders het nest even hebben verlaten."

Dankzij de ringen hebben de volgers kunnen leren over het gedrag van de Amsterdamse ooievaars

Op uit het nest bij Roeterseiland, prominent aanwezig in de documentaire Stadsmormels, leken de twee jongen even verdwenen.

"We dachten door de storm van vorige week," zegt Koene. "Twee jaar geleden was dat ook gebeurd. Daarna is er wat geknutseld aan de betimmering van het nest, kennelijk heeft dat toch voldoende geholpen."

Geslachtsrijpe vogels
De jongen die de komende weken goed doorkomen, starten in juli met de eerste vliegoefeningen op en rond het nest. De vogels in park Frankendael en bij de Zaaiersweg zullen voor die tijd worden geringd, zodat hun omzwervingen door Europa kunnen worden gevolgd.

"We zouden het liefst alle jongen in de stad ringen, maar dat lukt dit jaar niet. Voor het nest in het Vondelpark hebben we een hoogwerker nodig, en daarvoor hebben we nu de middelen niet. Voor de nesten in Frankendael en bij de Zaaiersweg krijgen we hulp van de brandweer."

Dankzij de ringen hebben de volgers kunnen leren over het gedrag van de Amsterdamse ooievaars. Lang werd gedacht dat alle jongen in hun eerste jaar met hun ouders naar het zuiden vliegen om na twee jaar als geslachtsrijpe vogels terug te keren.

Inmiddels is duidelijk dat sommige jongen eerder terugkeren, en soms zelfs in Amsterdam en omgeving blijven. Dat geldt bijvoorbeeld voor de vogels uit Frankendael.

De ooievaars trekken ook minder ver weg dan vroeger. Toen was Afrika de favoriete zonbestemming, tegenwoordig komen de meldingen van een grote vuilnisbelt bij Madrid en de Pyreneeën. 

"Ze leggen die afstanden razendsnel af. We kregen vorig jaar meldingen over een en dezelfde ooievaar die op 5 augustus nog in de buurt van Amsterdam was gezien en vijf dagen later ergens in de Spaanse Pyreneeën zat."

Soms brengen de ringen minder vrolijk nieuws. Een van de jongen die in 2012 in het Vondelpark uit het ei was gekomen, werd een halfjaar later levenloos langs de weg gevonden nabij Sevilla. Een vogel uit de lichting van 2013 uit het Vondelpark kwam niet verder dan het Rembrandtpark, waar hij, amper twee maanden oud, een fatale botsing maakte met een gebouw.

Lees ook: Amsterdamse ooievaars produceren meer nakomelingen