PlusInterview

Lobbyist voor Amsterdamse nachtvlinders: ‘Zonder Haagse ingang is het lastig strijden voor je zaak’

Pieter de Kroon: ‘Je krijgt geen blauwdruk van een pandemie.’ Beeld Jakob van Vliet
Pieter de Kroon: ‘Je krijgt geen blauwdruk van een pandemie.’Beeld Jakob van Vliet

Hij was ‘gewoon’ eigenaar van de Chicago Social Club tot hij op de barricaden klom voor Amsterdamse nachtclubs. Pieter de Kroon over een jaar strijd tegen de stroom in.

Alsof hij met hoge snelheid tegen een muur tot stilstand kwam. Zo voelde het voor Pieter de Kroon (45) toen zijn compagnon Joris Bakker en hij de Chicago Social Club sloten, een jaar geleden. Hij herinnert zich de persconferentie waarin Mark Rutte aankondigde dat er nog maar honderd mensen waren toegestaan in binnenruimtes. De voorzitter van het Overleg Amsterdamse Clubs (OAC) werd platgebeld door andere clubeigenaren. Voor honderd mensen kun je toch geen feest geven? Dan konden ze net zo goed níet opengaan. Hij moet lachen als hij eraan denkt. “Als je nu zou horen dat er weer honderd mensen naar binnen mogen, gooi je gelijk de deuren open.”

De Kroon stapt nog elke dag op de fiets naar zijn club op het Leidseplein. Het is er stoffig van de verbouwing. Dat in deze ruimte normaliter honderden mensen dicht tegen elkaar aan dansen, is amper nog voor te stellen. Op de lederen hoekbank vooraan – vaste stek voor foto’s en vozen – liggen nu de lampen van het plafond. Her en der een verdwaald stukje parket waarmee De Kroon met zijn personeel in de tweede zaal een podium met visgraatvloer heeft gemaakt. Het is een manier om deze periode door te komen. “Een soort bezigheidstherapie. Zolang ik iets in het vooruitzicht heb om te doen, ga ik wel door.”

Fulltime lobbyist

Door de pandemie is De Kroon behalve clubeigenaar nu ook fulltime lobbyist voor het Amsterdamse nachtleven. Als OAC-voorzitter belt hij twee, soms drie uur per dag met zijn rechterhand Rob de Jong van Club Nyx of Pim Evers, voorzitter van de Amsterdamse tak van Koninklijke Horeca Nederland. Hij verzamelt sinds de eerste lockdown informatie over het virus, schrijft op basis daarvan protocollen voor een veilige heropening van clubs en ijvert onvermoeibaar voor de aandacht van de politiek.

Dat laatste blijkt geen sinecure. Niet alleen zijn er nog vele andere branches die een ingang naar het kabinet zoeken, ook heeft het nacht­leven misschien wel de slechtste kaarten. De 1,5 meter afstand tussen bezoekers blijkt onmogelijk te realiseren in clubs – een lastig startpunt voor discussie met beleidsmakers. In de huidige routekaart moeten clubs zelfs bij het laagste risiconiveau nog gesloten blijven.

De Kroon en zijn kompanen uit andere grote steden laten zich er niet door uit het veld slaan. Een delegatie nachtvlinders trok juli vorig jaar naar het Binnenhof om een protocol van OAC en KHN voor veilige heropening van nachtclubs aan te bieden aan politici. Alleen jongeren tot en met 35 jaar welkom, de ventilatie moest op orde zijn en bij de deur zou van iedere bezoeker de temperatuur worden gemeten. “Er kwamen twee ministers naar buiten om het in ontvangst te nemen, maar we hoorden er nooit meer wat van. Dan bots je weer tegen die muur.”

Het blijkt een terugkerende les in de Haagse werkelijkheid. Zonder ingangen op het Binnenhof is het lastig strijden voor je zaak. Hoe kom je daar binnen? De Kroon heeft geen idee. “Dan ben je misschien wel gewoon een vertegenwoordiger van 25 clubs uit Amsterdam. Andere sectoren, zoals de kappers, zijn landelijk.”

Trillende bassen

Voor de politieke lobby vertrouwt De Kroon op branchevereniging KHN. Had hij zelf meer stampij moeten maken in Den Haag? “Ik kan in Den Haag niet meer doen dan KHN. Dat is een onbegonnen strijd. Ze doen echt hun best voor de Amsterdamse clubs. Dat weet ik gewoon.”

De Kroon hoopte op hulp van burgemeester Femke Halsema. Twee weken na de sluiting was er een gesprek via Zoom, later volgden er nog twee. “Ze was hartelijk en sprak haar zorgen over het nachtleven uit. Ze gaf aan dat ze graag iets wilde doen, maar dat ook zij afhankelijk is van Den Haag.” Met cultuurwethouder Touria Meliani ging hij pas een half jaar na de sluiting om tafel. “Daar was ik wel teleurgesteld over, ja. Ze wist dat we het zwaar hadden, dan verwacht ik dat ze contact opneemt. Nachtcultuur is ook cultuur.” Zelf contact zoeken was voor De Kroon geen optie. “Ik vind dat zij die eerste stap had kunnen zetten. Ik ga niet de wethouder bellen als het slecht gaat met mijn cluppie.”

Heropening van clubs mag dan nog uit het zicht zijn, toch zou De Kroon het in een volgende pandemie niet anders aanpakken. “Het vervelende is gewoon dat je geen blauwdruk krijgt van hoe zo’n pandemie gaat verlopen. Je schakelt de hele tijd mee met wat er gebeurt. Dat is wat we nu ook hebben gedaan.”

Soms zet hij de muziek keihard aan in de lege Chicago Social Club. Dan weet hij weer hoe het is om de bassen door je lichaam te voelen trillen. “Het is bizar wat dat met je doet. Als ik de muziek uit die boxen hoor, denk ik: wow. Ik krijg er energie van, maar het is ook dubbel. Juist omdat het nog zo lang kan duren voordat het weer kan op de manier hoe het hoort.”

Voelbare moedeloosheid

Het wordt steeds stiller in de appgroep met OAC-leden, merkt De Kroon. Soms is er wat activiteit rond artikelen over hoe clubs in het buitenland werken aan heropening, daarna is het weer weken stil. De moedeloosheid wordt voelbaarder. Ook de voorman weet niet hoe het Amsterdamse nachtleven er straks uitziet. Het is volgens hem niet de vraag hoe lang de clubs het volhouden, maar tot hoe hoog de eigenaren hun schuld willen laten oplopen.

Hoe realistisch is aflossing van die schuld in de toekomst? Komt er financiële steun voor nachtclubs van de gemeente uit het aangekondigde ‘brede herstelplan’ voor de cultuursector?

Voor De Kroon is nu 1 augustus de stip aan de horizon. Niet dat hij al bezig is met de organisatie van een feest op die datum, maar je moet toch íets in je hoofd hebben. Over die eerste avond fantaseert hij niet vaak, maar vraag ernaar en zijn ogen beginnen te glinsteren. “Ik denk dat het ontploft. Ik denk dat de tent binnen een uur ramvol staat en dat niemand ooit nog naar huis wil. De kaartverkoop wordt mayhem, aan de deur wordt het mayhem, op het plein wordt het mayhem. Welk nummer ik zou opzetten? Don’t stop believin’ van Journey.”

21,4 miljoen voor herstel

De gemeente werkt aan een ‘breed herstelplan’ voor de cultuursector waar 21,4 miljoen euro mee is gemoeid. Wethouder Touria Meliani (Cultuur) onderzoekt mogelijkheden om ook de niet-gesubsidieerde instellingen, zoals de nachtclubs, te ondersteunen. “Geld geven aan ondernemers kunnen we als gemeente niet, maar we kijken naar manieren om financieel te kunnen bijdragen, bijvoorbeeld aan spannende programmering. We willen de nachtcultuur helpen na corona de zalen vol te krijgen, want dat wordt een hele kluif.” De wethouder is nog bezig met de plannen; details worden later bekend.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden