‘Lijfwacht’ van Holleeders rivaal Van Hout: ‘Ik zat in de hoek en bestelde eten’

Het hoger beroep waarin Willem Holleeder vecht tegen zijn levenslang voor liquidaties, begon met het verhoor van ‘Bassie’ V. (63), de vriend die bij Cor van Hout was toen die in 2003 werd geliquideerd in Amstelveen.

Willem Holleeders advocaten Desiree de Jonge en Sander Janssen arriveren bij de rechtbank op Schiphol.Beeld EPA

Gerard ‘Bassie’ V. (63) lijkt in 2020 in niets op de lijfwacht van een zware crimineel zoals de Heinekenontvoerder en drugshandelaar Cor van Hout – zijn boezemvriend die in zijn bijzijn werd geliquideerd.

‘Als ik naar die deur loop, ben ik al nat’

Zelf is de rondborstige Utrechter de laatste die zichzelf als bodyguard zou omschrijven, zoals veel media deden. Dat maakte hij meteen duidelijk als eerste van vele getuigen in het hoger beroep waarin Willem Holleeder (62) zijn levenslange celstraf bevecht voor het geven van opdrachten voor liquidaties.

In de zwaarbeveiligde rechtszaal op Schiphol keek V. op de openingsdag van Holleeders appèl eens demonstratief door zijn bril naar die forse buik onder zijn grijze T-shirt en bretels.

Wijzend naar de deur vier meter rechts van hem: “Lijfwacht...  Flauwekul. Als ik naar die deur loop, ben ik al nat.”

V., ‘kok-in-ruste’, trok dagelijks met Van Hout op voordat die op 24 januari 2003 voor de Chinees in het oude dorp van Amstelveen werd geliquideerd. Hij was erbij zoals hij in 2000 ook bij ‘Flipper’ was toen die in Amstelveen-Westwijk ternauwernood was gemist door de kogels uit een langeafstandswapen.

Mazzeltje

Hij chauffeerde Van Hout sinds 1997 en kreeg daarvoor ‘een mazzeltje’, per week een paar honderd euro leefgeld, maar had het vooral gezellig in de buurt van Holleeders mede-Heinekenontvoerder en zwager. De inhoud van zakelijke besprekingen ontging hem. “Ik zat nooit ergens bij. Ik reed, zat in de hoek en bestelde eten, zoals u ziet.”

De gedachte aan de moord op zijn vriend liet V. ook achttien jaar nadien niet onberoerd in de getuigenbank.

De herinneringen van Bassie, alias, Rooie, alias Dikke, zijn vooral vervaagd als het om de zakelijke beslommeringen gaat. Of om de vraag wie op welk moment wist dat Van Hout en hij op die noodlottige 24 januari 2003 bij Royal San Kong zouden lunchen met de botenhandelaar Robert ter Haak – die ook fataal werd geraakt.

Bezorgd om geld

Ruim vijf weken na de moord sprak V. in een afgeluisterd telefoongesprek met ‘Pukkie’, Cors broer Ad. Ze waren bezorgd over geld. Het geld dat ze niet kregen nu de kip met de gouden eieren was doodgeschoten.

Cors testament waarmee iemand namens andere criminele erven was langsgekomen, was ‘een vodje’.

Puk merkte op dat ‘de hele zooi in Alkmaar al was verkocht’.

“Die kastjes op de Achterdam,” verduidelijkte V. dinsdag het gerechtshof. De raambordelen die Van Hout van zijn deel van het Heinekenlosgeld had aangeschaft.

V. kan er nog niet over uit. “Iemand is dood en ze gaan gelijk al graaien. Hij was nog warm.”

‘Dat ik hier zit, is mijn geluk’

Villa Francis in Spanje, het huis dat Sonja Holleeder van haar broer Willem zegt te hebben moeten verkopen zodat de moordenaars van haar man Cor konden worden betaald, was ook al verkocht, bespraken Bas en Ad. “Lekker dan.”

Waar Ad van Hout bleef treuren om de criminele erfenis die hij nooit kreeg, plukt V. de dag. “Mijn deel van de erfenis is dat ik hier nog zit. Dát is mijn geluk. Geld interesseerde me niet. Gezelligheid, een beetje lachen, dat wel.”

Van de familie Van Hout heeft hij nooit meer wat gehoord. “Nooit eens: hoe gaat het met je?”

Holleeders hoger beroep, dat zeker een jaar zal duren, gaat op 13 oktober verder.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden