Lees hier de nieuwjaarstoespraak van burgemeester Halsema

Burgemeester Femke Halsema heeft woensdag in Paradiso haar nieuwjaarstoespraak uitgesproken. Lees de tekst hieronder volledig terug. 

Burgemeester Femke Halsema.Beeld ANP

Goedenavond allemaal. Een heel gelukkig, vredig en vrolijk nieuwjaar!

Ik heb weinig stem vanavond ….. zoals u hoort.

Ik heb even overwogen om de doventolk te vragen van rol te wisselen: ik gebaren – zij spreken…..

….. of om mijn Utrechtse collega, Jan van Zaanen te vragen: die kan namelijk alles tegelijk.

U heeft het toch met mij te doen. Het goede nieuws – ik hou het lekker kort, zodat u niet te lang hoeft te wachten met de gang naar de bar.

Het slechte nieuws: ik ga eerst eens zingen. Dat wil zeggen, fluisterzingen.

Kent u deze nog?

“Amsterdam, Amsterdam is van alles aan de gang

Amsterdam, Amsterdam bestaat al eeuwen lang

(en dan gaat ie door….)

Amsterdam, Amsterdam - de stad waar alles kan

Amsterdam, Amsterdam - iedereen die weet ervan”

Ja ….. je wilde dat Andre Hazes zijn rijmwoordenboek even had uitgeleend.

Maar deze schitterende ode aan de stad was van Maggie McNeal.

En die bracht ons – we schrijven 1980 – maar mooi de 5e plek van het Eurovisie Songfestival.

En weet u waar? In Den Haag.

De stad waar alles kan ….

En Amsterdam liet inderdaad van zich horen toen anderhalve week na het songfestival de monarchisten de nieuwe koningin Beatrix verwelkomden met saluutschoten en de anarchisten de politie begroetten met stenen.

Het is op dit moment niet helemaal voor te stellen: de Nederlandse inzending in Rotterdam dit jaar, met een lied over Amsterdam. In de maand dat onze meest geliefde anti-Amsterdammer – Jules Deelder - is overleden, zou het ook wel een gotspe zijn die ‘pleuris/tyfusstad’ te bezingen.

Het is het lot van elke hoofdstad denk ik – om met enige hartstocht te worden verguisd en belachelijk te worden gemaakt. De vraag is wel of wij – in Amsterdam – het soms niet een beetje ernaar maken.

Wij zijn een vrije, eigenzinnige stad, we voelen ons graag onafhankelijk en na een paar glazen witte wijn – om onze premier te citeren - roept er altijd wel iemand de republiek uit. We zijn er ook maar wat trots op dat we in hele dikke beleidsnota’s om de zin het woord ‘inclusief’ laten vallen. En we laten een nieuwe, uit Utrecht afkomstige wethouder in de raad voorbeelden aandragen waaruit zou moeten blijken dat Utrecht in de schaduw van Amsterdam kan staan (sorry, Jan van Zaanen….).

Natuurlijk, dit is een persiflage. Maar het zijn ook voorbeelden van zelfgenoegzaamheid. Van een stad die zich graag laat voorstaan op haar geschiedenis, haar cultuur van vrijzinnigheid, haar schoonheid, haar dwarsheid enzovoort enzovoort.

En begrijp me niet verkeerd: er is heel veel om trots op te zijn.

Er is alleen geen reden voor superioriteit.

Sterker: Amsterdam bestaat niet zonder haar ommeland, zonder de metropoolregio, zonder sterke banden met Den Haag, zonder het boerenland waar ook ons eten wordt geproduceerd, zonder innige samenwerking met de andere Nederlandse steden voor economische groei, voor veiligheid, voor ons gedeelde welzijn.

Amsterdam heeft als hoofdstad niet alleen haar verantwoordelijkheid te dragen voor de groei van Nederland; onze eigen bloei is diep verbonden met het hele land.

En dat weten we als we ijveren voor het Zuidasdok, voor het doortrekken van de Noord-Zuidlijn, bij de nieuwe woonwijken die we bouwen, bij de oplossingen die we dringend zoeken voor klimaatverandering: wij zijn voor uitdagingen geplaatst die ver voorbij onze gemeentegrenzen gaan. Daarvoor zijn wij verbonden aan Zaanstad, aan de Haarlemmermeer, aan Almere, aan Haarlem. Zelfs aan Utrecht, ….. toch Jan?

Wij hebben een nieuw pact met onze omgeving nodig. Dat hebben we nodig als we graven voor nieuwe stations, het staal van nieuw spoor wordt versleept en de palen voor nieuwe wijken de grond ingaan. Maar ook – en misschien wel vooral – als we de immateriële fundamenten van onze lokale samenleving willen verstevigen. Een sterke, veerkrachtige publieke sfeer is niet alleen een Amsterdamse aangelegenheid, het vergt vooral nieuwe regionale en nationale verbondenheid. Ik geef u 2 voorbeelden.

Als eerste: het lerarentekort is inmiddels opgelopen tot enkele honderden in onze stad.

We hebben onze leraren harder nodig dan ooit. Internationale competitie en technologische ontwikkelingen stellen hoge eisen aan onze jongeren.

Onze arbeidsmarkt vraagt om betrouwbaar vakmanschap en hoogwaardig onderzoek. Onze ingewikkelde samenleving vraagt om mensen die zelfstandig en kritisch kunnen denken.

Leraren zijn niet gemotiveerd door geld of status Zij werken uit liefde voor hun vak.

En voor de trotse glimlach die hoort bij een net behaald diploma.

Die motivatie staat onder druk. Omdat collega’s uitvallen. Omdat vierdaagse schoolweken dreigen. Omdat de waardering in salaris, ondersteuning en respect teveel achterblijft bij het belang van hun werk.

Natuurlijk moet er meer geld naar onderwijs, maar ook met dat geld toveren we geen leger docenten tevoorschijn. We moeten ook intens samenwerken. Zo dat het ook de komende jaren lukt om het aantal zwakke basisscholen verder terug te dringen en van vmbo-scholen werkelijke plekken van hoop te maken. Dat kunnen we alleen samen. Met het rijk, met andere gemeenten, met onze partners in de regio.

En als tweede: De investeringen die wij in onze scholen en leraren doen, in de jeugdzorg en in betaalbare woningen, zullen niet het gewenste effect hebben als wij niet ook dat andere fundament van de publieke sfeer weten te versterken: onze rechtstaat.

De tekorten bij de politie en het OM zijn nijpend. Het einde is met een vergrijzend korps nog niet in zicht. Terwijl de opgaven voor de veiligheid bepaald niet kleiner worden. De stad roept om meer handhaving. Buurtbewoners willen hun wijkagenten en handhavers vaker zien. En het is frustrerend als aangiftes blijven liggen.

Amsterdam mag trots zijn op haar korps van politie, op haar handhavers, haar brandweer en al die hulpverleners die ook de afgelopen nacht weer wangedrag en intimidatie hebben getrotseerd. Hun professionaliteit, dienstbaarheid en moed zijn bewonderenswaardig. Ze zitten dagelijks in de haarvaten van onze wijken en buurten, beschermen demonstranten die hun stem laten horen en bewaken onze veiligheid als de stad feest viert. Dat werk doen zij met trots en loyaliteit: en die horen zij ook van ons te krijgen.

Ook hier is meer geld nodig, voor een noodlijdende publieke sfeer in een heel welvarend land. Maar ook hier is het geen wondermiddel.

De tekorten in het onderwijs en bij de politie zijn niet alleen Amsterdamse problemen, het zijn Nederlandse problemen. Amsterdam moet zij aan zij staan met de rest van ons land. Ondermijning kan niet of in Amsterdam, of in Rotterdam of in Brabant worden aangepakt, maar vergt een gedeelde visie en nationale eendracht. Goed onderwijs vergt landelijke verbondenheid, met de leraren en – vooral - met al die kinderen die zij samen helpen groot groeien.

Beste gasten,

Het helpt ons niet als wij karikaturen maken van elkaar. Ook niet als wij een karikatuur maken van onszelf. Wij zijn geen flowerpowerstad, we zijn wel hoopvol. Wij omarmen onze kunstenaars en onze denkers, maar dat doen we zonder ons zelf ervoor te prijzen. Wij koesteren onze vrijheid, maar zijn niet de stad waar, zoals Maggie Macneal zong, alles kan.

En zo zou ik de opdracht voor 2020 wel willen omschrijven. Trots zijn op de prachtige historie van onze stad, zonder zelfgenoegzaam te denken dat dit ons – haar inwoners - bijzonder maakt.

En (als tweede) in een tijd dat karikaturale oordelen over elkaar – de dagelijkse polarisatie die onze samenleving vergiftigt – electoraal gewin en mediapopulariteit opleveren, deze consequent tegen te spreken. Door samenwerking te zoeken, door de kritische blik van anderen te verwelkomen en door ons verbonden te weten, met elkaar – in en buiten Amsterdam.

Laat ik dan tot slot Rotterdam enorm succes wensen met het Songfestival. En dat voor de Nederlandse inzending de Rotterdamse editie een historische moge worden.

Ik begrijp dat er nog wordt nagedacht over een lied.

Ik hou mijn mond dicht.

Mogelijk heeft Jan van Zaanen een suggestie. Jan?

Dank u wel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden