Nieuws

Kloof sociale huur en vrije sector groter dan ooit: ‘Pak scheefwonen aan’

De kloof tussen sociale huur en vrije sectorhuurwoningen in Amsterdam is nog nooit zo groot geweest. Kopen kan niet, en dus blijven mensen in sociale huurwoningen zitten. Daarom zouden er strengere regels nodig zijn om scheefwonen tegen te gaan.

Hoek Oude Waal en Binnen Bantammerstraat  Beeld Sophie Saddington
Hoek Oude Waal en Binnen BantammerstraatBeeld Sophie Saddington

18 vierkante meter. Zo veel kan een beginnend verpleegkundige qua woonlasten aan woongenot kopen in Amsterdam. En met 2600 euro bruto per maand komt hij of zij buiten de Ring niet verder dan 40 vierkante meter. Als er sowieso woningen te koop staan.

Niet alleen is de kloof tussen huren en kopen in Amsterdam nog nooit zo groot geweest, ook het gat tussen sociale huur en vrije huurwoningen is omvangrijker dan ooit. Amsterdamse huurders die de inkomensgrens voor een sociale huurwoning ontgroeien (ruim 40.000 euro bruto per jaar), zouden op de vrije huurmarkt gemiddeld 1805 euro per maand moeten betalen voor hetzelfde woonoppervlak als waar ze in een sociale huurwoning maximaal 750 euro afrekenen.

Geen optie

Kopen is al helemaal geen optie. Een koopwoning van dezelfde omvang – als die al beschikbaar zou zijn – kost volgens Colliers in de hoofdstad gemiddeld 268.000 euro. Maar iemand met een inkomen net boven de sociale huurgrens kan niet verder financieren dan circa 185.000 euro.

Dus blijven mensen zitten in subsidiewoningen die hoognodig zijn voor starters op de woningmarkt en mensen die het niet breed hebben. Door falend overheidsbeleid worden nieuwe huurwoningen ook nog eens mondjesmaat bijgebouwd. Het aandeel van vrijesectorhuur in het totale woningaanbod is de afgelopen jaren nauwelijks gestegen, terwijl de vraag ernaar wel explodeerde. Daardoor lopen de huren sterk op.

Scheefwonen

Bijbouwen van duizenden nieuwe woningen en ingrijpen in de koopmarkt, zoals DNB-president Klaas Knot deze week weer eens bepleitte, is niet voldoende. Een combinatie van vrijheid op de vrije huurmarkt en strengere regels om scheefwonen in sociale huurwoningen tegen te gaan, is volgens vastgoedadviseur Colliers, dat vooral verhuurders en ontwikkelaars bijstaat die actief zijn in de vrije huursector, cruciaal om de woningnood de komende jaren op te lossen.

Overheidsmaatregelen om de huurstijgingen in de vrije sector aan banden te leggen, werken volgens Frank Verwoerd van Colliers averechts. “Als je de vrije sector gaat reguleren met een maximale huurstijging of allerlei beperkingen is dat een ramp voor de woningbouwplannen. Beleggers en ontwikkelaars komen dan niet uit.”

Een van die beperkingen is de Amsterdamse 40/40/20-regel: nieuwbouwprojecten moeten voor 40 procent uit sociale huur en 40 procent uit middenhuur bestaan, waardoor de meeste commerciële ontwikkelaars op voorhand afhaken omdat die verdeling met de hoge bouw- en vestigingskosten niet rendabel zijn. Bovendien wordt zo alleen maar meer sociale huur bijgebouwd voor groepen die zich meer kunnen veroorloven.

Beter kan op termijn scheefwonen worden bestreden door huurders met een te hoog inkomen in sociale woningen de markthuur op te leggen. Daardoor zullen ze eerder overstappen naar een vrijesectorwoning of koophuis, waardoor hun oorspronkelijke woning beschikbaar komt voor sociale huurders.

Tempo omhoog

Maar daarvoor moeten volgens Verwoerd wel eerst voldoende woningen staan en daar schort het aan. Pas dan kan de huurregelgeving drastisch op de schop. “Het kabinet probeert nu mondjesmaat scheefwonen te voorkomen met hogere huren, maar dat werkt niet. Het moet mogelijk worden huur niet alleen afhankelijk te maken van de woning, maar ook van het inkomen. Ook moet beter worden geregeld dat de huur bij een volgende bewoner weer onder de huurgrens terugvalt.”

Voorop staat dat de voordeeltjes voor huizenbezitters geleidelijk worden afgebouwd. “Doordat kopen nu wordt gestimuleerd, nemen veel huurders toch die stap,” zegt Verwoerd. “Terwijl ze vaak beter kunnen blijven huren. Als je op je dertigste een woning koopt en maximaal financiert, betekent het dat je de rest van je leven weinig flexibel bent en niet zomaar minder kan gaan werken, overstappen van bank of tegenslagen het hoofd kan bieden.”

Duurder dan Londen

44 vierkante meter woningplezier. Zoveel kan de Amsterdammer gemiddeld huren voor duizend euro per maand. De Nederlandse hoofdstad moet daarmee alleen Parijs – waar 1000 euro een magere 35 vierkante meter oplevert – en Kopenhagen (43 meter) in Europa laten voorgaan.

Amsterdam heeft zelfs Londen, jarenlang de krapste woonstad van Europa, achter zich gelaten, maar dat komt ook doordat het Britse pond ten opzichte van de euro minder waard is geworden.

De situatie in de andere vier Nederlandse grote steden is al niet veel beter, alhoewel het gemiddeld woonoppervlak in Utrecht, Den Haag, Rotterdam en Eindhoven voor 1000 euro tussen de 65 en 75 vierkante meter ligt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden