Bij De Mof (hier in 2002) krijg je nog altijd een handgeschreven bon.

PlusAchtergrond

Kledingwinkel De Mof is zodanig erfgoed geworden dat hij zelfs meedoet aan de Museumnacht

Bij De Mof (hier in 2002) krijg je nog altijd een handgeschreven bon.Beeld Martin Alberts / Stadsarchief Amsterdam

Een van de opvallende deelnemers aan de Museumnacht is komend weekeinde De Mof aan de Haarlemmerdijk. De in 1885 opgerichte winkel in werkkleding is uitgegroeid tot Amsterdams erfgoed.

Patrick Meershoek

In 1913 vroeg Ferdinand Holzhaus, bijgenaamd De Mof, in een advertentie met zijn groot portret de aandacht van de Amsterdammers voor zijn nieuwe winkel op de Haarlemmerdijk met een uitgebreide sortering aan ‘werkmansgoederen en gemaakte ondergoederen’. “Uitsluitend vaste prijzen à contant. Alles kan naar maat gemaakt worden, daar wij eigen ateliers hebben.”

Het assortiment is inderdaad indrukwekkend: witte en blauwe werkpakken, witte kruideniers- en slagersjassen, baaien, molton en tricot hemden, broeken en borstrokken, maar ook bruine en blauwe ketelpakken en een uitrusting voor de zeeman, inclusief zeemansbedden met zeegras. “Let vooral op het juiste nummer, hetgeen groot op het winkelraam geschilderd is.”

De advertentie kwam tevoorschijn uit het archief van De Mof. Dat wil zeggen: de vijf dozen met oude kasboeken, patronen, foto’s, knipsels en reclamemateriaal die twee jaar geleden na het overlijden van kleinzoon Ewald Holzhaus bij hem op zolder werden gevonden. “Een goudmijn,” volgens producent Thomàsz Lin van Line-Up Media, die het materiaal heeft doorgeploegd voor een bijdrage aan de Amsterdamse Museumnacht.

Duitse migrant

Het archief geeft een mooi beeld van een onveranderlijke winkel in een veranderende stad. Vanaf de oprichting in 1885 was de winkel aanvankelijk alleen een opslagplaats. Holzhaus trok met een handkar langs de deuren om zijn kleding te slijten. Lin: “Ferdinand was een Duitse migrant en kreeg in de buurt de bijnaam De Mof. Toen in 1913 de winkel opende, hield hij als goed ondernemer die naam aan. De Mof was een begrip.”

Tijdens de Museumnacht is in het Stadsarchief een replica te zien van de oude winkel in werkkleding, die ruim een eeuw later nog steeds op dezelfde plek aan de Haarlemmerdijk te vinden is. “Het plan was aanvankelijk om de winkel zelf te openen tijdens de Museumnacht,” vertelt Lin. “Dat bleek ingewikkeld. We doen het nu in De Bazel (het gebouw waar het Stadsarchief in zit), waar het archief ook wordt opgenomen in de collectie.”

Het verhaal van De Mof sluit naadloos aan op een nieuwe fototentoonstelling die vorige week van start is gaan in het Stadsarchief. Al die Amsterdamse mensen... geeft een ontroerend beeld van de Amsterdammers tussen 1935 en 1975. Het valt op hoeveel mensen op de beelden in werkkleding gestoken zijn. Van de winkelier tot de reiniging: alle werkers hadden hun eigen uniform.

Nieuwe generaties

Bij de ontginning van het archief van De Mof werkte Lin samen met Shari Rietkamp, een winkeldochter in de letterlijke zin van het woord. “Mijn moeder werkte bij De Mof toen ik geboren werd. Ze nam me mee naar de winkel. Ik heb als baby op het kantoortje geslapen.” Na haar opleiding werkte Rietkamp bij grote modeproducenten om uiteindelijk zelf toch ook weer aan de Haarlemmerdijk uit te komen.

Wat maakt De Mof zo bijzonder? “De hele zaak ademt geschiedenis,” zegt Rietkamp. “Er wordt bijvoorbeeld nog steeds gewerkt met de kassa uit 1913. Bonnen worden met de hand geschreven. Elke nieuwe generatie voegt er wel weer wat nieuws aan toe, maar van een echte modernisering is het nooit gekomen.” Lachend: “Terwijl een geautomatiseerd voorraadsysteem toch wel zijn voordelen heeft.”

Het verleden wordt gekoesterd, ook als onderdeel van het bedrijfsplan. De werkkleding van vroeger blijkt steeds weer nieuwe generaties aan te spreken. Niet om de handen uit de mouwen te steken, maar als fashion statement voor particulieren. Rietkamp: “Het zwarte jasje van de kolenboer was razendpopulair in de kraakbeweging. Nu is er weer veel vraag naar gekleurde overalls. Wel met een mooie geborduurde print op de rug.”

Patches op je kleding

Maar ook bedrijfskleding levert De Mof nog steeds, bijvoorbeeld voor de medewerkers van het Scheepvaartmuseum en club-hotel Soho House. Thomàsz Lin vertelt over zijn plannen om meer geschiedenissen van lokale ondernemers vast te leggen. “Van grote bedrijven als Heineken en de Bijenkorf is de historie goed gedocumenteerd. Kleine bedrijven als De Mof maken ook deel uit van het Amsterdams erfgoed.”

Om dat laatste te benadrukken zijn ter gelegenheid van de Museumnacht patches gemaakt van twee historische stadswapens. Bezoekers van de expositie in het Stadsarchief kunnen deze ter plaatse op hun kleding laten bevestigen. Rietkamp: “We hebben ook linnen draagtasjes laten maken met het logo van de winkel. Dat heeft Ewald ooit zelf nog in elkaar geknutseld met behulp van een stempeldoos. Mooi toch?”

Het interieur van De Mof, oktober 1991.  Beeld Martin Alberts / Stadsarchief Amsterdam
Het interieur van De Mof, oktober 1991.Beeld Martin Alberts / Stadsarchief Amsterdam

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden