PlusAchtergrond

Kind met beperking kan alleen naar dichtstbijzijnde school: ‘Vrijheid van onderwijs geldt niet voor deze kinderen’

Ouders van kinderen met een lichamelijk- of verstandelijke beperking in het speciaal onderwijs zouden in 2017 makkelijker recht krijgen op een vervoersvergoeding. De wet werd gewijzigd, maar de problemen blijven.

Francis Eijlders  en dochter Marie, die na de zomer naar de middelbare school gaat. Beeld Lin Woldendorp
Francis Eijlders en dochter Marie, die na de zomer naar de middelbare school gaat.Beeld Lin Woldendorp

Vrijheid van onderwijs, maar alleen voor kinderen die ‘normaal’ zijn. Zo voelt het voor Francis Eijlders (43).

Dochter Marie (12) heeft het syndroom van Down en gaat na de zomer naar de middelbare school. In Amsterdam zijn er vier middelbare scholen voor haar geschikt. De keuze van Marie valt op de Alphons Laudyschool in Zuid. Eijlders: “Hier voelden we ons het meeste thuis. Het heeft naschoolse opvang en ook zitten er vriendjes en vriendinnetjes van haar sportclub op de school.”

Begin dit jaar wordt Marie aangemeld, in april toegelaten, maar dan begint de ellende die ­‘vervoersregeling’ heet. Marie kan niet zelfstandig fietsen of met het ov naar de school. Daarom is er een busje nodig dat haar dagelijks ophaalt en thuisbrengt. Dat busje wordt vergoed, mits Marie naar de ‘dichtstbijzijnde passende school’ gaat, krijgt Eijlders van zowel de schooldirectie als het samenwerkingsverband – dat alle Amsterdamse leerlingen ondersteunt met passend ­onderwijs – te horen.

Privétaxi

De vervoersregeling is al langer gespreksonderwerp in de gemeente. In 2017 werd de wet ­versoepeld, om lange bezwaar- en beroeps­procedures te voorkomen. Sindsdien kijken specialisten van het samenwerkingsverband per leerling of er recht is op een vergoeding.

De voorwaarde is wel dat kinderen met een lichamelijke of verstandelijke beperking naar de ‘dichtstbijzijnde school met passend onderwijs- en zorgaanbod’ moeten gaan. Als ouders kiezen voor een andere school, dan krijgen ze enkel tot de dichtstbijzijnde school vergoeding.

De dichtstbijzijnde school voor Marie is een school in Noord, op zes kilometer afstand, terwijl de Alphons Laudyschool op negen kilometer afstand zit. Eijlders: “Het gaat om drie kilometer verschil, wat zegt dat? Daarnaast voelen we dat de school in Noord geen match is voor Marie.”

Wekenlang thuis zitten

Vergoeding is er wel voor de kosten die het busje dagelijks zou maken als Marie naar Noord zou gaan: 1500 euro per jaar. Eijlders heeft bij TCA navraag gedaan wat de kosten van een taxi ongeveer zouden zijn: 54 euro met vaste chauffeur per dag, daardoor al snel 10.000 euro per jaar, en dat terwijl Marie waarschijnlijk tot haar 21ste naar school gaat. Vanuit ambtenaren van leerlingenvervoer krijgt Eijlders de vraag of ze Marie niet zelf elke dag kan brengen en ophalen? “Maar ik heb ook een baan, waardoor dat niet kan.”

Cees Blij (65) werkt al ruim twintig jaar als zorgcoördinator op het Orion College – een ­onderwijsinstelling die zowel in Noord als Zuidoost passend onderwijs verzorgt. Blij: “Zolang als ik hier werk ligt dat vervoer op mijn bordje. We houden daar veel stress aan over.”

Hij noemt cijfers: begin van dit schooljaar ­waren er zo’n 25 aanmeldingen voor het Orion College in Noord. Hiervan kregen 7 leerlingen geen vervoersregeling omdat een andere school dichterbij zou zijn. Blij: “Een aantal leerlingen heeft toen wekenlang thuisgezeten. Dat kan toch niet de bedoeling zijn?”

Volgens Blij is het illustratief voor andere scholen, die ook speciaal onderwijs geven, bijvoorbeeld in Noord, Zuidoost en Nieuw-West. En ondanks dat hij denkt dat leerlingen vaak prima op het Orion College les kunnen volgen, snapt hij dat ouders soms voor andere scholen kiezen. Blij: “We hebben in principe vrijheid van onderwijs, maar dat geldt niet voor deze kinderen.”

Veilig voelen

Raadslid van Dehlia Timman (D66) is het daarmee eens, ondanks dat de wet waarschijnlijk tot op de komma nauwkeurig wordt gevolgd. In 2017 was het Timman die zich hard maakte voor versoepelingen van de vervoersregeling. ­Timman: “Ouders hebben bij de ene school een beter gevoel dan bij de andere. Zij kennen hun kind het beste, dus dat gevoel is meestal juist – het samenwerkingsverband moet dit laten meewegen in het advies aan de gemeente. En het gaat vaak om vele jaren van opvoeding op een school, waar een kind zich veilig en goed moet voelen.”

Eijlders: “Ik zou zo graag willen dat het ging zoals bij mijn oudste dochter, dat ze gewoon naar de school van haar keuze in Amsterdam kan, zonder dat we weer door een hele molen van bureaucratie moeten. Waarom wordt het hier voor kinderen met een lichamelijke of verstandelijke beperking ook weer ingewikkelder gemaakt?”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden