Amsterdam Bewaar

Joop Rooze: Soms stop ik een verrassing in het zakje

Joop Rooze Foto Jan van Breda
Joop Rooze Foto Jan van Breda © UNKNOWN

DE VERKIEZING VAN DE AMSTERDAMMER VAN HET JAAR

Joop Rooze is marktkoopman op de Albert Cuyp. Als 'de burgemeester van de Cuyp' is hij al vier decennia actief in de belangenvereniging van de markt.


Laatst was Joop Rooze in Parijs. Daar moest hij twee euro voor een appeltje betalen. Dat zal in zijn stal vol groenten, fruit en delicatessen toch niet gebeuren. Uit de hele wereld komen ze naar de Albert Cuyp en al die toeristen krijgen van hem een appeltje, voor niks natuurlijk. Zo'n appeltje is promotie, voor de markt en voor de stad. Een appeltje van Amsterdam.

Want de Albert Cuyp is een visitekaartje voor de stad, zo ziet Joop Rooze (Amsterdam, 1950) dat. Niets voor niets is hij al ruim dertig jaar lid van de Albert Cuyp Belangenvereniging, waarvan een groot deel als voorzitter.

Dat wordt je vanzelf 'de burgemeester van de Albert Cuyp'.

Kinderen krijgen een banaan van hem, allemaal. Een banaantje van Ome Joop. En even dat op en neer praten, dat hoort op de markt. Als een vaste klant ziek was, of jarig, dan krijgt die een doosje aardbeien.

Een oud-collega, Barry Banaan, die in een rolstoel terechtkwam, heeft op de Cuyp 'een vrijkaartje voor het leven' en al twaalf jaar brengt Rooze drie keer per week soepgroente naar het daklozencentrum om de hoek.

Rooze: ''Die soep is altijd te heet, te pittig, te flauw, nooit goed. Maar het is wel altijd allemaal op.''

Joop Rooze, geboren en getogen in de Pijp, was zeventien jaar toen hij achter de groente een leuk meisje zag staan. Irene, zestien jaar. De zaterdag daarop gingen ze dansen. Ze zijn nog altijd samen.

Rooze werkte nog een tijd op de loonadministratie van Schiller, maar toen zijn schoonvader overleed, hebben hij, zijn vrouw en zijn schoonmoeder de zaak voortgezet.

Inmiddels staat hij 38 jaar op de markt, week in week uit, al heeft hij sinds een jaar of vijf op donderdag vrij. Dat mag ook wel: ''Volgend jaar worden we zestig.''

In de stal van Rooze werd de verandering van de Pijp zichtbaar. Verkocht hij vroeger tien kisten andijvie per dag, nu is dat een kistje per week.

Zijn nieuwe klanten zijn jurist of piloot, die nemen in de namiddag een borrel op het terras. Rooze: ''En daarna doppen ze geen kilo tuinboontjes.''

Maar daarnaast zijn er de klanten die het duidelijk moeilijker hebben. Rooze herkent dat meteen, hij had het vroeger thuis ook niet breed, zijn vader overleed toen hij zeven jaar was en zijn moeder stond er alleen voor met twee kinderen.

Rooze: ''Als ik merk dat mensen het wat minder hebben, stop ik een verrassing in het zakje. Niet iedereen is Harry Mens. Als zo'n oud mensje dan 4,60 euro moet afrekenen en dat beursje gaat open en er zit 2,60 euro in, dan heeft zo'n vrouw geen aandelen of een economisch belang ergens. Dan denk ik: een gratis mangootje of een trosje druiven, dat vinden ze vast wel leuk.''

En dan is er nog de aanleg van de Noord/Zuidlijn, die de Ferdinand Bolstraat al een tijd tot bouwplaats maakt. Rooze: ''Op een gegeven moment lijkt het alsof je eraan gewend bent, maar het blijft een drama.'' Rooze is met 'de hoge heren' in gesprek om de muren van het metrostation te behangen met foto's van de markt. Nog een visitekaartje.

Rooze: ''We hebben toch iets magisch. Chique dames uit Laren komen hier en eten een zak patat. Lekker, hier in Amsterdam, zeg ik dan. Mensen voelen zich hier vrijer dan in hun eigen domein.''  (HANS VAN DER BEEK, FOTO JAN VAN BREDA)

Terug naar de verkiezing.

Bekijk ook het portret van Joop Rooze op at5.nl