Amsterdam Bewaar

Jongere met strafblad ontmoedigd bij banenjacht

De wethouder van Werk, Arjan Vliegenthart, heeft op initiatief van raadsleden een gesprek belegd in de ambtswoning.
De wethouder van Werk, Arjan Vliegenthart, heeft op initiatief van raadsleden een gesprek belegd in de ambtswoning. © Lex van Lieshout

Onduidelijkheid over de Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) lijkt vooral jongeren te hinderen bij het vinden van werk.

Omdat ze er blind van uitgaan dat ze vanwege hun strafblad geen VOG krijgen, schrikken ze terug voor sommige banen of opleidingen. Vaak ten onrechte. Dinsdagavond wordt er in de ambtswoning over gesproken.

Een 'grote groep jongeren' vraagt het VOG niet aan, omdat ze daarvoor toch niet in aanmerking denken te komen. Althans, daar zijn sterke aanwijzingen voor. Dat was eind vorig jaar de conclusie van een verkennend onderzoek in opdracht van het ministerie van Veiligheid en Justitie.

Angst voor afwijzing
Het aantal jongeren dat geen VOG krijgt is minimaal. Van de ruim 185.000 aanvragen werd vorig jaar slechts 0,3 procent afgewezen. Van de aanvragers met een strafblad krijgt nog altijd zo'n 96 procent een VOG, zo blijkt uit cijfers uit 2013. Maar daarin zijn logischerwijs niet de jongeren meegeteld die zich laten ontmoedigen door het vooroordeel dat ze de VOG toch niet krijgen.

In de volksmond staat de VOG bekend als bewijs van goed gedrag, zo schrijft het verkennende onderzoek. Dat brengt jongeren die met justitie in aanraking zijn geweest als vanzelf tot de conclusie dat ze een VOG wel kunnen vergeten. Maar ook hulpverleners kunnen de kansen op een VOG vaak niet goed inschatten. En jongeren schrikken terug voor weer een afwijzing.

Intussen wordt bij steeds meer sollicitaties en opleidingen een VOG gevraagd. Zo is door hogere eisen in de taxibranche en de kinderopvang het aantal screeningen de laatste tien jaar gestegen van 250.000 naar 800.000.

In de volksmond staat de VOG bekend als bewijs van goed gedrag

Tweede kans
Advocaat en onderzoeker van de Universiteit Utrecht Elina Kurtovic maakt zich zorgen. Via de jongeren die haar hulp inroepen kent ze uit de praktijk de voorbeelden van werkgevers die een VOG verlangen terwijl het werk ("een vakkenvuller, de assistent van een fietsenmaker") daarvoor nauwelijks aanleiding lijkt te geven. "Jongeren vragen zich af: waar kan ik dan nog wel aan de bak?"

"Als ze eenmaal hun leven willen beteren moeten ze niet worden teruggeworpen op hun oude levenspad omdat ze simpelweg niet aan bepaalde banen kunnen komen."

Ook de gemeenteraadsleden Ariëlla Verheul (D66), Dennis Boutkan (PvdA) en Jorrit Nuijens (GroenLinks) zijn bezorgd. Op hun initiatief heeft wethouder Arjan Vliegenthart (Werk) dinsdagavond een gesprek belegd in de ambtswoning van de burgemeester. Met vertegenwoordigers van werkgevers, het ministerie, jeugdhulpverleners en deskundigen als Kurtovic probeert hij het probleem in kaart te brengen.

"Zo'n VOG is er vaak niet voor niets, denk aan de kinderopvang of de zorg. Het hoeft maar één keer mis te gaan en de gevolgen zijn heel erg. Aan de andere kant zitten er nu mensen thuis die een tweede kans verdienen. Daartussen is het laveren en daarom moeten we eerst maar eens helder krijgen wat het probleem is."

App
Kurtovic pleit voor meer onderzoek en dan vooral naar het onbekende aantal dat terugschrikt voor een VOG-aanvraag. Ook staatssecretaris Klaas Dijkhoff (Justitie) wil weten hoe groot deze groep is. "Deze groep ontzegt zich dan de kans op een stage of een baan."

Ook komt Dijkhoff met meer voorlichting over de VOG. Daarbij worden scholen, werkgevers, hulpverleners, jongeren en ouders betrokken. Verder werkt het ministerie aan een app die hulpverleners kan helpen om een inschatting te maken of hun pupillen kans maken op een VOG. Die app zou eind dit jaar klaar moeten zijn.