Plus Analyse

Is de onvrede over de afhandeling van de Joodse tegoeden terecht?

Amsterdam keert een ‘collectieve tegemoetkoming’ uit aan de Joodse gemeenschap voor de in de oorlogsjaren bij Joden geïnde erfpachtgelden. Het geld komt terecht bij Joodse doelen en instellingen. Er is ophef ontstaan omdat de gelden dus niet terugkeren naar de gedupeerden en hun families. Terecht?

Beeld Evert Elzinga/ANP

1. Hoe ontstonden de Joodse tegoeden?

In 1940 waren er 140.000 Nederlandse Joden. Zij zaten in de oorlog veelal in de onderduik of in de concentratiekampen. 38.000 van hen overleefden. Amsterdam stuurde Nederlandse Joden die een huis op erfpacht hadden vervolgens een rekening voor de erfpacht over de oorlogsjaren. Wie die niet kon betalen kreeg een boete.

2. Hoe werden de aanslagen ontdekt en waren ze niet onredelijk?

Vlak na de oorlog vonden sommigen het begrijpelijk dat de Joden werden aangeslagen voor erfpacht. Met de ogen van vandaag is dat moeilijk voor te stellen. Charlotte van den Berg vond het in ieder geval niet normaal. De oud-studente ontdekte de rekeningen die aan Joden waren gestuurd in 2010, toen ze als bijbaantje meewerkte aan het digitaliseren van erfpacht-bestanden van het vroegere Amsterdamse grondbedrijf. Amsterdam beloofde haar de kwestie uit te zoeken. Toen dat niet gebeurde, stapte Van den Berg drie jaar later naar Het Parool.

3. Hoe heeft Amsterdam gereageerd?

Vol schaamte. Burgemeester Eberhard van der Laan zei dat Amsterdam het besmette geld niet wilde houden. Hij vond het een schandvlek voor de stad, stelde bij het Niod onderzoek in en wilde het rechtzetten. Amsterdam heeft hiervoor ruim tien miljoen euro uitgetrokken. De berekende schade bedroeg zeven miljoen. De boetes zijn individueel terugbetaald, maar de geïnde erfpachtcanon niet. Dat geld geeft Amsterdam deze zomer collectief terug aan Joodse doelen en instellingen.

4. Hoe reageren Joodse instellingen en gedupeerden hierop?

Kritisch. Sommige gedupeerden of hun families willen individueel terugbetaald worden. Ronny Naftaniel van het Centraal Joods Overleg is het er bijvoorbeeld niet mee eens, zei hij in de Klankbordgroep van de gemeente voor de verdeling van de tegoeden. Naftaniel wees erop dat de geschiedenis van het rechtsherstel heeft uitgewezen dat terugbetaling niet te zuinig moet gebeuren, en dat gedupeerden individueel dienden te worden terugbetaald.

5. Waarom deed Amsterdam het anders?

Oud-burgemeester Van der Laan zei dat individueel terugbetalen ingewikkeld, duur, en eigenlijk niet mogelijk was. Het leidde, stelde hij, tevens tot rechtsongelijkheid jegens gedupeerden die niet konden bewijzen dat ze voor erfpacht waren aangeslagen. Bovendien wees hij erop dat juristen van de gemeente niet wilden concluderen dat de erfpacht formeel onterecht was geheven, omdat de belasting aan het object hangt en niet aan de persoon.

6. Wie heeft gelijk?

In de redenering dat de erfpacht juridisch gezien terecht was geheven, gaat Amsterdam eraan voorbij dat de Joden in de oorlogsjaren niet in staat waren profijt van hun huis te trekken. Er woonden vaak andere mensen in hun huizen; foute Nederlanders of Duitsers. Toch moesten de eigenaren de heffing, erfpacht, betalen. Verder zegt de financieel adviseur van Van der Laan, de oud-directeur van de Nederlandse Vereniging van Banken Hein Blocks, dat individueel terugbetalen “technisch gezien” wel mogelijk is. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden