Amsterdam Bewaar

Inspectie: Schiphol overschrijdt gestelde grenzen

Inspectie: Schiphol overschrijdt gestelde grenzen
© ANP

Een pikant getimed rapport van de Inspectie Leefmilieu en Transport toont een Schiphol dat zich strikt gezien meestal 'aan de regels houdt', maar de gestelde grenzen wel overschrijdt.

De cijfers en conclusies in 'De Staat van Schiphol' zijn niet nieuw, maar samengevoegd schetsen ze vooral een duidelijker beeld van de Staat Schiphol.

Zo wordt de grens van 500.000 vluchten per jaar wel overschreden. Die grens geldt alleen voor verkeersvliegtuigen en niet voor bijvoorbeeld zakenvliegtuigen en helikopters. 

Volgens de regels gelden voor de algemene luchtvaart op Schiphol-Oost immers geen grenzen. In totaal zal dit jaar rond de 515.000 keer vanaf de luchthaven worden gevlogen.

Onder het kopje 'Veilig en gezond leven' staat het resultaat. Al vier jaar wordt op vier plekken rondom Schiphol de dagelijkse grens voor geluidsbelasting overschreden: bij de Buitenveldertbaan (11 en 13 procent) en bij de Aalsmeerbaan (23 procent en 36 procent).

De Aalsmeerbaan en Buitenveldertbaan zijn in naam 'secundaire banen', maar blijken het afgelopen jaar voor 48 procent van alle vluchten te zijn gebruikt

Het is een constatering van de Inspectie, die deel uitmaakt van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Er wordt alleen geturfd, de overschrijdingen worden niet bestraft. Dat komt doordat de regels niet zijn vastgelegd in een wet.

Secundair?
Een goed voorbeeld zijn de Aalsmeerbaan en Buitenveldertbaan. Dat zijn in naam 'secundaire banen', maar die blijken het afgelopen jaar voor 48 procent van alle vluchten te zijn gebruikt. Sindsdien is het aantal starts en landingen alleen maar toegenomen.

Beide banen kregen hun secundaire stempel drie jaar geleden omdat hun vliegroutes over de dichtstbevolkte stukken regio voeren: Buitenveldert, Amstelveen, Amsterdam-Zuid en Zuidoost; Aalsmeer, Kudelstaart, Uithoorn. Ook de Zwanenburgbaan, gericht op Zwanenburg, Halfweg en Noord-Holland, is 'secundair'.

We laten zien dat vliegtuigen schoner en stiller worden, maar betekent dat ook dat kan worden gegroeid?

Het onderscheidt hen van de 'primaire' Polderbaan en Kaagbaan, waarvan de routes over relatief dunbevolkt gebied voeren. Bedoeling was dat de primaire banen het meest gebruikt zouden worden, de secundaire het minst. 

Schoner en stiller
'De Staat van Schiphol' vindt volgens de Inspectie zijn oorsprong in de kritiek van de onafhankelijke Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV), die de afgelopen jaren tot tweemaal toe aan de bel trok. De voormalige Luchtvaart­inspectie rapporteert dat, ondanks de stijging van het aantal vluchten, de hoeveelheid veiligheids­incidenten sterk is afgenomen, van 430 in 2013 tot 127 dit jaar tot nu.

De timing van de publicatie valt midden in de discussie over groei van Schiphol. De Inspectiewoordvoerder: "Wij zagen dat er geen totaalbeeld is over veiligheid en duurzaamheid. In onze wettelijk verplichte rapportages kijken wij daar niet naar, want dat staat niet in de eisen. Daar kregen we kritiek op. Nu laten we zien dat vliegtuigen schoner en stiller worden, maar betekent dat ook dat kan worden gegroeid?"

Feiten Schiphol
- Er staan nog 20 huizen in gebieden
waar niet gewoond mag worden vanwege ­veiligheid en geluid.
- In gebieden waar in principe geen nieuwe huizen mogen komen vanwege veiligheid en geluidshinder, zijn er sinds 2003 ruim 2700 bijgekomen - op een totaal van 21.000.
- In de zone waar nieuwbouw moet worden getoetst vanwege het vliegverkeer, zijn in 15 jaar 22.000 nieuwe huizen verschenen (op een totaal van 78.000).
- Sinds 2016 ligt het aantal mensen dat ernstige geluidhinder ervaart, bijna de helft hoger dan in 2004. Voor ernstige slaapverstoring is er een toename van 5 procent.
- Het aantal vogelbotsingen is in de eerste negen maanden van dit jaar verder gestegen, tot ruim 800.
- Het aantal incidenten met drones is dit jaar, ten opzichte van 2017, meer dan gehalveerd.
- De totale uitstoot van broeikasgassen door vliegverkeer op Schiphol is in tien jaar zo'n 20 procent gestegen.