Inspectie: ‘Instanties hebben fouten gemaakt bij zaak metromoordenaar’

Instanties hebben niet genoeg gedaan om grip te krijgen op metromoordenaar Philip O. Dat concludeert de Inspectie Justitie en Veiligheid.

Beeld ANP

Het Openbaar Ministerie, de gevangenis in Vught en het AMC. Al die instanties hebben steken laten vallen bij de casus Philip O. Op 27 juli 2017 stak O. in metrolijn 53 een willekeurige reiziger dood, de 38-jarige Joost Wolters. O. was net een uur met onbegeleid verlof van de afdeling psychiatrie van het AMC. Wolters was net vader geworden.

De vraag of Wolters nog had geleefd bij zorgvuldiger handelen van de betrokken instanties is nooit met zekerheid te beantwoorden. Wel is duidelijk dat O. dan een minder grote maatschappelijke bedreiging was geweest. “Geen van hun interventies heeft zijn recidive kunnen voorkomen,” aldus de Inspectie.

Ontlopen behandeling

O. kreeg op zijn zestiende van de rechter een PIJ-maatregel opgelegd, in de volksmond jeugd-tbs, voor het neersteken van een leeftijdsgenoot. De verplichte behandeling wist hij echter te ontlopen door een verhuizing naar Engeland. Dat is een blunder van het Openbaar Ministerie.

O. keerde als volwassene terug in Nederland, waarna hij een gewapende overval pleegde op een tankstation. Ook toen was er de kans om de PIJ-maatregel alsnog op te leggen, maar dat gebeurde niet. Dat hij ook in Engeland strafbare feiten had gepleegd, wist het OM evenmin.

De gevangenis in Vught, waar O. zat in verband met de overal op het tankstation, heeft O. onvoldoende voorbereid op een terugkeer in de maatschappij, aldus de Inspectie. In Vught zat O. op een psychiatrische afdeling vanwege verward gedrag. Ook pleegde hij er diverse geweldsincidenten. Nadat de zwakbegaafde en weinig empathische O. medicatie tegen zijn psychoses was gaan innemen, verbeterde zijn toestand.

Wachtlijst

Na vrijlating zou O., die eerder in Amsterdam had gewoond, moeten worden opgenomen in een Amsterdamse forensische kliniek speciaal ingericht op delinquenten met psychiatrische problemen. Vanwege een wachtlijst lukte dat echter niet, waarop werd besloten dat de Amsterdamse GGD de medische zorg tijdelijk op zich zou nemen.

Omdat O. geen vaste woonplaats had, belandde hij in de winteropvang van het Leger des Heils. De reclassering van die instelling moest ook toezien op de voorwaarden van zijn vrijlating uit de gevangenis in Vught.

AMC

O. had nauwelijks contact met vrienden en bekenden. Hij zwierf alleen over straat. Hij nam zijn medicatie niet meer in en werd steeds verwarder wat ook leidde tot vage lichamelijke klachten. Na een incident bij de GGD kwam hij via een gedwongen opname uiteindelijk terecht bij het AMC, waar werd vastgesteld dat O. psychotisch was.

Het AMC stelde vast dat O. vanwege zijn gewelddadige verleden - slechts een deel daarvan was bekend - beter af was in een forensische omgeving. Het AMC is er voor niet-delinquente mensen met psychiatrische problemen, maar heeft onvoldoende geprobeerd O. in een forensische setting te plaatsen, oordeelt de Inspectie.

Nadat O. heet water in het gezicht van een AMC-verpleegkundige had gegooid, deed het ziekenhuis aangifte. Het AMC hoopte dat O. zou worden teruggeplaatst in de gevangenis, maar vanwege gebrekkige communicatie met de reclassering en het OM slaagde het ziekenhuis er niet in om O. over te dragen naar een geschiktere locatie.

Verlof

Ook had het AMC geen contact met reclassering over de verlofvoorwaarden van O. Eenmaal op verlof sloeg O. toe.

Om herhaling te voorkomen beveelt de Inspectie aan dat organisaties in de strafrechtketen direct kunnen opzoeken of een veroordeelde zijn straf wel of niet heeft uitgezeten. Ook moeten gedetineerden ‘verantwoord worden voorbereid’ op terugkeer in de maatschappij. GGZ-instellingen hebben de plicht de weg beter te kennen om delinquente patiënten in een forensische setting te plaatsen, aldus de Inspectie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden